Maandelijks archief: januari 2015

Niets zeggen

Gisteren is er iets raars gebeurd. Ik heb het allemaal niet live kunnen volgen, want ik zat in een vergadering, maar er was geen uitzending van het 8 uur journaal, omdat een gewapende man de studio was binnengedrongen en zendtijd eiste. Hij is tamelijk snel opgepakt, en toen kon iedereen op zich over gaan tot de orde van de dag, behalve dat het toen pas echt begon, omdat op de sociale media tamelijk snel verspreid werd wie het was, en toen bleek dat ik de man in kwestie kende, werd het voor mij ineens persoonlijk. Ja, ik ken hem. Het is een oud-leerling van de school waar ik werk, ik heb hem in de klas gehad, ik ben met hem naar Rome geweest, ik sprak hem weleens op de gang. En meer ga ik niet over hem zeggen, want we hebben het verzoek van de rector gekregen om er met helemaal niemand van de pers over te praten (al vermoed ik dat er niet heel veel journalisten zijn die deze blog lezen, maar dat is iets anders). Maar al had ik dat verzoek niet gekregen, dan zou ik waarschijnlijk nog steeds mijn mond houden, tenzij ik alle verhalen die ik overal hoor zou willen tegenspreken. Dat zijn er nogal wat; ik zoek ze niet eens op, maar ik hoorde vandaag al zoveel onzin van mensen op straat dat ik er denk ik een dagtaak aan zou hebben om alle verhalen die iedereen verzint tegen te spreken.

Door deze toestand is mij een aantal dingen opgevallen. Gisteren was de eerste keer in mijn leven dat ik blij was met iets wat Peter R. de Vries zei, namelijk dat de dader 19 is, en dat hij dus geen man is, maar een jongen. Vorig jaar, 8 maanden geleden, zat hij nog op school. En nu wordt hij op de voorpagina van de Telegraaf zonder balkje, volledig herkenbaar, afgebeeld en omschreven als ‘geestelijk gestoord’ (wat weten die journalisten snel diagnoses te stellen, trouwens – misschien kunnen zij meehelpen om de bezuinigingen op de GGZ te compenseren). Sinds wanneer zijn we gestopt met mensen onherkenbaar maken? En nog iets: meestal kan ik om dit soort dingen heel enthousiast meedoen op Twitter en in What’s App, maar dan gaat het om mensen die ik niet ken. Het is heel anders als je een bewegend beeld hebt bij iemand die aan alle kanten door iedereen besproken wordt; het maakt me verdrietig en ik zou willen dat iedereen die zich een oordeel aanmeet zou nadenken en niets zou zeggen en de sensatielust even zou laten voor wat hij is. Dus als er nog een keer zoiets gebeurt, met andere betrokkenen, dan zal ik terughoudendheid betrachten. Want iemand die zich genoodzaakt ziet dit soort dingen te doen, die heeft waarschijnlijk hulp nodig, en niet een veroordeling door heel Nederland.

De 10, oh nee, 39 van woensdag

Op 15 januari was ik 39 en een half, en dat betekent drie dingen: 1. ik ben meer 40 dan 39; 2. mijn vrienden hebben minder dan een half jaar om een geweldig geschenk voor me te verzinnen en 3. het is tijd voor een update van het 39 dingen lijstje. Bij dezen.

  1. Naar Walibi – gedaan. In de zomer al.
  2. 39 boeken lezen – de teller staat op 32. Dat gaat dus lukken, al ben ik nu bezig met een boek waar ik met geen mogelijkheid doorheen kom.
  3. 10 films zien – tot nu toe 29, en ik het vrijdag een moviedate met een vriendin.
  4. Naar 10 musea – nummer 10 is net bezocht: Stedelijk Museum Schiedam. Een aanrader.
  5. Naar 3 concerten – ik heb er inmiddels 8.
  6. Handstand leren – nope. Nada voortgang, nada handstand.
  7. 39 kledingstukken weggooien – de stand is 13.
  8. 39 kledingstukken weggeven – ik heb 10 kledingstukken daadwerkelijk bij hun nieuwe eigenaressen weten te krijgen.
  9. Macarons maken – nog niet. N moet bellen met de workshop-mensen.
  10. Een pedicure – nog niet. Het staat op de to do list. Of eigenlijk stond het op de to do list van vorige week. De afspraak maken dan. Dit wordt niks.
  11. Een gezichtsbehandeling ondergaan – twee keer gedaan, maar ik zie er nu uit als kak, dus het zou geen slecht idee zijn.
  12. Naar de sauna – gedaan.
  13. Een Thaise massage – nog niet, heel hard nodig. Ik denk in februari.
  14. Prezi beheersen – helemaal niet. Nog steeds weerstand.
  15. Brood bakken – in oktober leek het me een december-dingetje, maar kennelijk niet. Dat moet dus nog.
  16. De schuur spooons-klaar maken – bijna klaar. M moet nog wat dingen doen.
  17. De spooons for 1-app definitief afmaken – nope. Kansloos. Ik dus. Het is een pracht-app.
  18. Q&A’s moderaten bij IDFA – gedaan, en ik ben gescout voor Movies that Matter, dus ik kan blijven modereren..
  19. Een pizza bakken op de Big Green Egg en ook opeten – gedaan.
  20. Buikspek maken op de Big Green Egg – nog niet gedaan. Veel te nat om naar buiten te gaan.
  21. Bloed geven – nog niet gedaan. Ik heb iemand nodig die met me meegaat. Ga ik zoeken.
  22. Naar Antwerpen – gedaan. Mooi.
  23. Mad Men seizoen 2 en 3 kijken – gedaan.
  24. Ski-les nemen bij Snow World (en dan nog even zien of ik in de Kerstvakantie ga skiën) – niet gedaan. Gaat ook niet gebeuren.
  25. Een sneeuwpop maken – gedaan.
  26. Een boek in het Frans lezen – non.
  27. Een boek in het Duits lezen – nein.
  28. 6 onbekende restaurants proberen – ik heb er inmiddels al 12 geprobeerd, en vanavond ga ik naar nog een nieuwe.
  29. Een cursus volgen op creatief gebied – ja, 3D-printen en yoga-schrijfweekend.
  30. Een cursus volgen op culinair gebied – nog niet, maar ik ga met N dus die macaron-cursus doen en ik heb op Valentijnsdag een workshop rood vlees.
  31. De studeerkamer opruimen – blijft bij goeie voornemens vooralsnog.
  32. 5 onbekende cocktails drinken – gedaan. 8 zelfs, of 9, maar in elk geval 8. Bij Little V, SIPS Antwerpen, een niet nader te noemen locatie in Rotterdam en de lounge van NHow, ook in 010.
  33. Films zien die met F, Q en U beginnen – sinds ik de F heb afgevinkt geen vooruitgang.
  34. Een wandeling maken in de herfst – niet gedaan, en de herfst is voorbij. Mislukt dus.
  35. Twee keer naar de tandarts – nog niet. Ik ga volgende week een afspraak maken.
  36. 100 yoga-lessen volgen – nog niet, working on it.
  37. Tweede jaar yoga-opleiding halen – working on that too.
  38. Een ding van de awesome-lijst doen – nope. Jammer is dat.
  39. Iets heel leuks organiseren ter gelegenheid van mijn 40ste verjaardag – daar ben ik echt mee bezig. Het wordt prachtig!

Open School

Dat een school geen commerciële instelling is, mag duidelijk zijn. Ik ben als docent helemaal niet bezig met jaarcijfers, targets, klantenbinding en al dat soort dingen. Ik heb niet voor niets gekozen voor de softe sector: als ik winst wilde maken, had ik wel een winstgevend beroep gekozen. Desondanks moet ik me een keer per jaar committeren aan het werven van nieuwe leerlingen, want dan is het Open School. Vroeger heette het gewoon ‘open dag’, maar een collega die nog betweteriger is dan ik wees er doorlopend op dat een dag niet open kan zijn, dus nu heet het ‘Open School’. Het maakt mij niet heel veel uit hoe je het noemt; a rose by any other name is tenslotte nog steeds een hele ochtend met een nepsmile op je smoel op school staan. Maar het hoort erbij, want we willen natuurlijk wel nieuwe leerlingen, dus er is altijd een zaterdagochtend in januari dat ik met de pest in mijn lijf en een kleine kater om 9 uur ’s ochtends bij de bushalte sta te wensen dat ik ooit een ander vak had gekozen.

Infofolder2015

Omdat wij een heel grote sectie hebben en maar 1 vaklokaal, was ik niet als classicus in functie, maar als iemand die graag praat, want ik mocht 3 keer achter elkaar een presentatie van 30 minuten geven aan de ouders. De gedachte is dat hun kinderen naar een proeflesje gaan en dat pa en ma bij mij in de collegezaal komen zitten, zodat ik ze in het kader van ‘Dit is Novum’ kan vertellen wat onze missie is, hoe we hun kinderen pedagogisch zullen benaderen en waarom je zou moeten kiezen voor het Novum. Daar zijn veel redenen voor, en die passeren allemaal de revue. Na 2 keer hoorde ik mezelf wel praten, maar goed, ik geef die presentatie al jaren, en hoewel er elk jaar iets wegbezuinigd wordt waar ik vervolgens niet meer over hoef te vertellen, weet ik toch altijd een half uur makkelijk vol te praten. Er waren weer veel kinderen op school: meer dan 400, en we hebben geloof ik plaats voor maximaal 150, dus dat wordt misschien wel spannend. Aan de docenten en de huidige leerlingen zal het in elk geval niet hebben gelegen: iedereen was vrolijk, enthousiast (maar niet te) en zag er keurig uit. Zelfs ik had een vrolijk jurkje aan, in plaats van de gothic gewaden waarin ik me doorgaans pleeg te hullen. Ik ben benieuwd hoeveel kinderen voor het Novum gaan kiezen!

Zondag zindag

Even de week evalueren – en omdat ik van categoriseren houd, doe ik het nu op basis van zintuigen!

Proeven: gisteren op het huiswarmingsfeestje van B heb ik iets teveel gintonix gedronken, en die zingen vandaag allemaal na in mijn hoofd. Hij had ook kleine zakjes chips, en daar krijg ik een blij kinderfeestjesgevoel van – gevolg is dat ik maar liefst 2 eenheden cheese-onionchips heb gegeten. Maar dat zijn ook de lekkerste chips ter wereld, dus dat mag.

Horen: heel veel Damien Rice deze week. Past bij mijn stemming. En het is gewoon heel erg mooi.

Ruiken: ik heb vandaag de yoga-opleiding geskipt omdat ik me echt beroerd voelde, dus toen had ik tijd om in het kader van het cosmeticaproject een deel van mijn enorme verzameling bruisballen op te ruimen. Dan komen er nogal wat geuren voorbij, kan ik nu met een nog grotere hoofdpijn dan ik al had zeggen.

Zien: donderdag ben ik naar The Imitation Game geweest. Ik vond het een heel erg mooie film, die ik iedereen kan aanraden. Zelfs als je geen Cineville-pas hebt en gewoon een kaartje moet kopen. Echt waar.

Voelen: ik blijf ontzettend moe. En ik weet dat ik daar iets aan zou kunnen doen door gewoon wat slaap in te halen, maar de achterstand is enorm. Als ik de vergelijking met een bankrekening mag trekken: ik sta nu zo rood dat ik een lening nodig heb om het weer aan te zuiveren, maar een slaaplening bestaat niet. Dus ik blijf me voortslepen. Het helpt ook niet dat ik het de hele tijd ontzettend koud heb.

De zindag is geïnspireerd op de Friday Roundups op de blog van Rosie Molinary, die die weer geïnspireerd heeft op die van Teacher Goes Back to School, die die ook weer op iemand geïnspireerd heeft. Maar op het internet is uiteindelijk niemand origineel.

Van je hobby je beroep maken

Het schijnt een uitspraak van Confucius te zijn: ‘Choose a job you love, and you’ll never work a day in your life’. Er zijn ook variaties op, vermoedelijk omdat er in de vertaling van Chinese oneliners uit de vijfde eeuw voor Christus nogal wat variaties mogelijk zijn, maar het komt allemaal op hetzelfde neer: als je van je hobby je beroep maakt, is het daarna alleen nog maar superleuk om te werken, want al je passie zit in je dagelijks leven en je kan er ook nog geld mee verdienen. Of het waar is of niet, ik betwijfel ten zeerste dat Confucius het gezegd heeft – volgens mij is het weer zo’n internet-uitspraak waar iemand extra cachet aan verleent door het aan een oude denker toe te schrijven, waarna er honderden kek gelayoute plaatjes op Pinterest verschijnen, en voordat je het weet is het waar. Dat overkomt niet alleen Confucius: er zijn citaten van Martin Luther King die precies in een tweet passen, waarschuwt Socrates tegen zomaar alles geloven wat je op het internet leest, en is er een hele site gewijd aan nepcitaten van Buddha. Creatieve mensen met websites, het zou verboden moeten worden.

confuciusNou heb ik zelf twee keer van mijn hobby mijn beroep gemaakt: omdat ik het ontzettend leuk vond om te koken, heb ik een bedrijf opgericht. Het heet spooons at home, en de gedachte is dat ik bij mensen thuis een op maat gemaakt diner bereid. Dat deed ik namelijk altijd al graag – mensen uitnodigen en dan een maaltijd maken die helemaal bij ze paste. En om daarin pro te gaan, leek me het leukste wat er was. De realiteit was anders, want er bleken allerlei belastingaangiften, websites en andere organisatorische aspecten aan te zitten (bijvoorbeeld de vraag hoe ik ervoor moest zorgen dat er überhaupt mensen waren die het ook leuk vonden als ik bij ze kwam koken), waardoor het toch eigenlijk vooral werk werd. Hetzelfde geldt voor de yoga: omdat ik yoga ontzettend leuk vind, deed ik veel yoga, en daarom leek het me wel een mooi plan om de lerarenopleiding te doen. Daarbij had ik er geen rekening mee gehouden dat er van mij verwacht zou worden dat ik heel veel lessen zou volgen, een hernia zou ontwikkelen en moest constateren dat ik alleen maar aan ben gekomen van al die intensieve yoga. En mijn neiging om pro te gaan zodra ik ergens plezier aan beleef kan ik niet onderdrukken; als ik geld zou kunnen verdienen met winkelen, schrijven, lezen, films kijken of aan mensen vertellen hoe ze hun leven moeten leiden, zou ik dat zo doen, maar dan voorspel ik dat ik er gelijk minder plezier aan zou beleven. Als je van je hobby je beroep maakt, heb je namelijk geen hobby meer, en is alles werk. En dat is jammer.

love-what-you-do-and-you-ll-never-work-a-day-in-your-life-383825-475-475_large

De 10 van woensdag

Als ik even al mijn rationele of irrationele onzekerheden buiten beschouwing laat, ben ik eigenlijk best een arrogant stuk vreten. Er zijn best veel dingen waar ik mezelf te gaaf voor vind – ik kan makkelijk een gigantische lijst maken, maar vandaag beperk ik me tot de 10 meest extreme gevallen.

  1. In de wachtstand staan. Weten jullie wel hoe erg ik het vind om geparkeerd te worden en dan ook nog verplicht naar Coldplay of Phil Collins te luisteren? Heel erg, is het antwoord. Meestal hang ik op. Of ik ga gewoon zitten schelden tot ik aan de beurt ben.
  2. De Wereld Draait Door. Ja, ik ben een elitaire trut, maar ik ben niet geïnteresseerd in de mening van Anouk, Filemon of Halina. Ze zijn heel goed in hun vak, maar dat betekent niet automatisch dat ze ook over politiek of weet ik veel waar ze allemaal een podium voor krijgen van Matthijs van Nieuwkerk (die ik een vervelende dweper vind) hoeven praten.
  3. Danish Blue. Er is zoveel lekkere blauwe kaas op de markt, en dan weiger ik dus om die vieze standaard supermarktschimmel te eten. Ik zeg gorgonzola, Stilton, Roquefort. Een beetje waardigheid in de kaas, meer vraag ik niet.
  4. Het International Film Festival Rotterdam. Volledig op basis van vooroordelen, want ik ben er nog nooit geweest. Maar als het festival er is, zit Rotterdam helemaal vol met zelfingenomen pretentieuze eikels. En volgens een niet nader te noemen bron loop je daar altijd het gevaar om ‘drie uur lang naar een dooie ezel te kijken’. I’ll pass.
  5. Groupon. Er zit altijd een addertje onder het gras. Een schoonheidsbehandeling door een stagiaire op haar eerste dag. Een menu waarbij je in een aparte wijk wordt geplaatst (Sloeber Alley heet het denk ik, bij die restaurants). Een ober die denkt dat je niet bereid bent om geld aan je eten uit te geven. En de bedrijven die eraan meedoen worden afgezet.
  6. What’s App. Ik heb hier zo’n hekel aan, ik weet eigenlijk niet waarom. Vooral als mensen die een iPhone hebben What’s App gebruiken, je kan gewoon gratis iMessage gebruiken, dus waarom zou je je dan vrijwillig in What’s App wentelen met de Samsung-gebruikers? Overigens zitten mijn vrienden hier niet mee, dus ik moet me aanpassen.
  7. Gordon’s Gin. De kruistocht duurt voort. Dit is dus vies. Als ik op een onbewoond eiland zat en ik had een open wond, zou ik misschien blij zijn met een flesje Gordon’s, maar alleen dan. Ik vind het dus heel jammer als ik in de horeca iets anders moet drinken omdat ze Gordon’s hebben. Koop een fles Bombay Sapphire – zoveel duurder is het niet, en je verkoopt het tenminste.
  8. De koffie uit het automaat op school. Er zijn geen woorden voor hoe vies die is. Heel soms komt het voor dat ik het vergeet, en denk ‘zo erg kan het niet zijn’. Dan neem ik een cappuccino, en na een slok weet ik het weer: zo erg is het wel.
  9. Orde houden in de klas. Als ik politieagent had willen worden, had ik me wel aangemeld bij de vrienden in het blauw. Het is meedoen of opzouten bij mij, maar het mag ook wel een beetje gezellig zijn, als iedereen maar wel bezig is met waar ik mee bezig ben.
  10. Rennen voor openbaar vervoer. Soms is het onvermijdelijk, maar als ik dan weer met een rooie kop en een bloedsmaak in mijn mond zit uit te hijgen in de trein, vraag ik me af waarom ik niet gewoon een kwartiertje op het station heb doorgebracht.

Een weekend weg

Het komt weleens voor dat ik zin heb om een weekend weg te gaan. Zodat ik alles achter me kan laten en gewoon even de dingen kan doen die ik wil doen, zonder dat daar enige vorm van verantwoording over af te hoeven leggen. In de praktijk is dat lastig, want ik heb bijna nooit een heel weekend vrij, en als ik al een weekend vrij heb, vind ik het eigenlijk nog belangrijker om dat met M door te brengen, want we zien elkaar al zo weinig, of om de tijd te vullen met het draaien van wassen, opruimen, schoonmaken en achterstallige administratie. Maar toen ik tijdens het internetzappen langs mijn vaste adressen ook de website van Geertje Couwenbergh bezocht, zag ik een programma waaraan ik toch wel heel graag mee wilde doen: een yoga-schrijfweekend in een klooster in Huissen. Dat zijn toch twee activiteiten waaraan ik toch het liefst mijn tijd besteed (yoga en schrijven dus, kloosters zijn niet helemaal mijn scene), ik had na wat cateringopdrachten geld over en ik kon zowaar op de data van de cursus. Ik heb me aangemeld en maandenlang met succes die data vrij weten te houden. Toen in de week van de cursus bleek dat het ook een stilteweekend was, moest ik wel even slikken, want mijn smoel houden is niet mijn sterkste kant, maar ik vond het ook wel een mooie uitdaging.

slaapkamerNa de aankomst op vrijdagavond heb ik mijn spullen in mijn spaarzaam ingerichte kamer (met uitzicht op een vooral in het donker nogal imposant kruisbeeld) neergezet, waarna leden van de groep (17 dames en 1 heer, onder begeleiding van Geertje, chef schrijven, en Jasmijn, de yoga dame) met elkaar kennismaakten, een aantal ademhalingsoefeningen deden en daarna gelijk een schrijfoefening in de maag gesplitst kregen: 10 minuten onafgebroken schrijven over een bepaald onderwerp (zoals ‘lieveheersbeestje’ of ‘wat heb ik meegenomen?’). De gedachte was dat je op die manier je schrijfspieren kan trainen – waarbij het resultaat niet het belangrijkste is. Dat kwam goed uit, want mijn tekst over het nest lieveheersbeestjes op het balkon in het oude huis van B was verre van publicabel. We dronken nog even thee in de bibliotheek van het klooster, en daarna was het einde praten, want vanaf het opstaan op zaterdag tot na de eucharistieviering op zondag was het, met uitzondering van de schrijflessen, tijd voor stilte. En stilte was dan ook totale stilte: geen gesprekken, geen ‘goedemiddag’ als je een vreemde tegenkwam die je begroette, geen sms, geen mail, geen Facebook.

binnenkamerIntussen draaiden we volledig mee met het schema van het klooster: op zaterdagochtend en -avond woonde ik de viering van de Dominicaner monniken bij (6 bejaarde mannen, en er was ook een non, met oorbellen overigens, wat me een beetje dubieus leek, maar ja, ik mocht geen vragen stellen), op zondag vierden we met heel Huissen (althans, heel 50 plus Huissen) de eucharistie. Het meerendeel van de dagen werd besteed aan schrijfoefeningen en fijne yoga-lessen; ik heb een soort flow- en een Yin yogales gehad, en op zondag heeft Jasmijn ons laten zien wat we konden doen tegen schrijfpijn, en dat was hard nodig, want mijn schouder zat helemaal vast van het intensieve pennen. De schrijfoefeningen bestonden vooral uit de 10 minuten schrijf-bursts, maar er waren variaties: lijstjes (mijn grote hobby) en bullet-writing (iedereen bedenkt een schrijfonderwerp en per onderwerp schrijf je 1,5 minuut). Soms lazen we ook aan elkaar voor, maar dat was dan zonder dat je feedback kreeg of gaf – dat maakt het allemaal wel veiliger. Bij het uitwisselen bleek vaak dat mensen de onderwerpen hadden gebruikt om de grote thema’s te behandelen, waar ik eerder bij banaliteiten was gebleven, maar dat vond ik verder niet heel erg. Kennelijk schrijf ik over kleine dingen. Op zondag, toen we weer mochten praten, was er ook voldoende gelegenheid om vragen over schrijven te stellen aan Geertje. Ik kan me niet herinneren wanneer ik ooit zoveel tijd aan schrijven heb kunnen besteden, in zo’n ontspannen sfeer. Ik vond het heerlijk.

gaaf geslachtslevenEn de stilte? Ik heb het volgehouden, ook al was het moeilijk. Ik kreeg zaterdagavond een Facebook-bericht van M, waar ik graag op zou hebben gereageerd, toen de chef-kok van het klooster een ander idee over koolhydraatvrij eten bleek te hebben dat ik had ik hem dat graag laten weten, en mijn neefje lag in het ziekenhuis, en daar had ik ook wel graag contact over gehad. Aan de andere kant: het probleem van dat ik het lastig vind om tussen mensen die ik niet ken te zitten was gelijk opgelost, want small talk was onmogelijk. ‘Lekker asociaal’ noemde een van de deelneemsters het, en dat vond ik wel herkenbaar. Gewoon met een groep mensen aan tafel zitten en proeven wat je eet in plaats van erdoorheen lullen, of in de bibliotheek naar de katholieke boeken kijken zonder dat je moet uitleggen waarom je altijd op zoek gaat naar de boeken over seks (‘Gaaf geslachtsleven’ – wie wil dat nou niet vinden? Het hoofdstuk over masturbatie is hilarisch), of een hele avond lezen en schrijven met mensen die geen van allen het gevoel hebben dat ze het gesprek gaande moeten houden. Ik weet niet of ik beter heb geschreven of geyoga’d omdat ik geen energie aan slap gelul heb hoeven besteden, maar het heeft wel degelijk bijgedragen aan het gevoel er echt helemaal uit te zijn geweest, en dat was me heel veel waard. Ik vond het een erg fijn weekend, en ik begin met hernieuwde energie aan de week!

schrijfblok

Zondag zindag

Even de week evalueren – en omdat ik van categoriseren houd, doe ik het nu op basis van zintuigen!

Ik ben op een yoga-schrijfweekend geweest, in een klooster in Huissen, waarover morgen meer, maar een van de schrijfopdrachten was een zintuig-opdracht: schrijf 2 minuten per zintuig. En die deel ik nu met jullie. Mensen met een pinda-allergie: sterkte.

Proeven: Pinda’s. Oude kaas, komijnekaas, ham, salami, yoghurt. “We hebben met alle diëten rekening gehouden”, zei de man van de keuken triomfantelijk. Nee, lul, polenta in de soep is ook koolhydraten en de rest van de maaltijd ook. Jammer is dat. Ik heb de fijne tandpasta meegekregen. Lekker!

Horen: Ik hoor een pinda op de grond vallen. Iemand lacht op de achtergrond, ik kauw zelf op pinda’s en ik hoor nog iemand eten. Een ambulance. Mijn pen krast op papier. Er slaat iemand een bladzijde om. Mannen praten. De verwarming suist. Weer een bladzijde.

Ruiken: Laatste restje parfum (Luxor Oud), nog steeds pinda’s, groene thee. Andere shampoo dan anders. Teleurstellend weinig wierook voor een klooster. Dagcrème. Boekenlucht, stof en papier. Mijn handen stinken naar katholieke boeken.

Zien: De bibliotheek van het klooster. Pinda’s in een karafje. Borrelnootjes. Het doosje van een leesbril. Vrouw met iPad en suffe koptelefoon (idem fleecevest). Schoteltje met theezakje. Stoelen, boeken, heel veel boeken, tafels. Schrijvende man met biertje, lezende vrouw, lange gang.

Voelen: Ontspannen maar licht geïrriteerd op mensen van de cursus. Ligt niet aan hen, zo ben ik. Ik geniet van de stilte, al zou ik best wel even willen communiceren. Ik mis M. De poezen. Ik wil weten hoe het met Louis is. Ik heb spierpijn in mijn schouder van het schrijven.

De zindag is geïnspireerd op de Friday Roundups op de blog van Rosie Molinary, die die weer geïnspireerd heeft op die van Teacher Goes Back to School, die die ook weer op iemand geïnspireerd heeft. Maar op het internet is uiteindelijk niemand origineel.