Maandelijks archief: februari 2016

De spooons-app

Ik heb gisteren het oud papier weggebracht. Nou zal ik de eerste zijn die beaamt dat ik bijna nooit een huishoudelijke klus doe en dat het feit dat ik mezelf een keer in de richting van de container heb weten te motiveren op zich al vermeldenswaardig is, maar dat is niet de reden dat ik het nu vertel. Want het gaat in dit geval niet om het papier als zodanig, maar om wat er op het papier stond. Het wegbrengen van de doos die al jaren onder mijn werktafel staat en die de vergaarbak is van alle prints van werkdocumenten van de spooons-app is namelijk de laatste, ja echt de allerlaatste, stap in het voltooiingsproces van de app. Ik praat er al jaren over, het staat op al mijn to do-lijstjes, in al mijn goede voornemens en in elke vakantieplanning: de recepten voor de app afmaken. Maar nu is het gelukt. En daar ben ik trots op. Het heeft me zo’n beetje mijn hele voorjaarsvakantie gekost om het allemaal voor elkaar te krijgen, maar daardoor kan ik voor het eerst in ik weet niet hoe lang aan een schoolperiode beginnen zonder het gevoel dat er iets is dat ook nog moet (nou ja, er is genoeg iets dat ook nog moet in mijn leven, maar het is nu niet meer dit), en dat is natuurlijk een enorme opluchting. Voor mij, want ik hoef niks meer te schrijven, voor M, want die hoeft niks meer te corrigeren, en ik vermoed ook voor B, want die keert terug uit Zuid-Afrika en hoeft zijn zakenpartner niet meer aan te sporen om de laatste oh zo zware loodjes tot het einde te dragen. Dus dan is het wegdoen van alle papieren wel een foto-momentje waard, lijkt me.

spooonsappDe spooons-app is overigens een ontzettend leuk ding. Het is een app voor mensen die voor 1 persoon koken. De gedachte is dat die mensen niet altijd tijd of zin hebben om een uitgebreid diner voor zichzelf te koken, maar wel lekker willen eten. Vaak is het voor die mensen lastig om boodschappen te doen omdat alle verpakkingen voor minstens twee personen zijn, zodat ze ofwel 2 keer hetzelfde moeten eten, ofwel aan het eind van de week voor meerdere euro’s eten in de prullenbak moeten doen, omdat die goedbedoelde zak wokgroenten nou eenmaal niet eeuwig meegaat. Met spooons krijg je voor minder dan €0,40 per week* 4 recepten voor 5 dagen eten (er zit een maaltijd bij waar je 2 dagen van kan eten, inclusief opwarminstructies), en je krijgt boodschappenlijstjes die zijn onderverdeeld in vaste producten (zoals uien, knoflook, boter en kaas) en dingen die je sowieso moet kopen (groente, vlees, zuivel) om de gerechten te kunnen maken. Er zijn handige timers en de gerechten zijn bijna altijd binnen 30 minuten klaar. De app is een idee van B, van toen hij zelf tot de doelgroep behoorde. Ik zou de recepten schrijven: 52 keer 4 recepten en nog een reserveset van 26. Die recepten zijn nu af, en dat is een mijlpaal waar ik eens even uitgebreid op plaats ga nemen. En als ik daar zit, ga ik nadenken over mijn nieuwe project.

app*Ja, de app is wel gratis, maar de recepten niet: je koopt credits en voor de credits koop je recepten als je die wil kopen. 1 week recepten kost 1 credit. Ik vind dat zelf niet zo duur, zeker niet als je bedenkt dat we niet verplicht zijn tot enige vorm van product placement van een bedrijf dat ons sponsort zodat de app gratis kan zijn – en je gooit dus geen eten weg, en dat is ook een besparing. Ik heb vooralsnog geen cent winst gemaakt overigens.

Zondag zindag

Even de week evalueren – en omdat ik van categoriseren houd, doe ik het nu op basis van zintuigen!

Proeven: gisteren heb ik samen met M genoten van een werkelijk magistrale truffel-lunch bij FG, waarvan ik binnenkort uitgebreid verslag zal doen. Het gevolg van een dag met zulke rijke smaken is dat ik de dag erna (vandaag dus) eigenlijk nergens trek in heb, terwijl ik anderzijds gigantisch verslaafd ben aan crackers met filet americain. Ik wil het wel en ik wil het niet. Raar.

Horen: er is een nieuwe CD van Daniël Lohues, dus die heb ik een paar keer geluisterd. Ik kan er vooralsnog niet echt enthousiast van worden, maar misschien is het een proces van gewenning. Verder heb ik deze week geen leerlingen gehoord, want het was vakantie, en dat is ook weleens lekker. Ik hou van ze hoor, maar soms wil je toch wel wat stilte in je leven. Om dat kracht bij te zetten ben ik woensdag in de stiltecoupé in de eerste klasse op en neer naar Maastricht gereisd. Wat een rust.

Ruiken: ontzettend veel truffels dus. Parfum van de week is Agent Provocateur van Agent Provocateur. 1 reactie, van een collega, die er enthousiaster over was dan ik. Ik denk dat ik wat er nog van dit luchtje over is gewoon aan haar ga geven. Ik ben er toch een beetje op uitgekeken.

Zien: ik ben weer lekker aan het lezen, dus ik zie mijn ereader veel. En mijn laptop, want ik had een opdracht aan mezelf gegeven en die heb ik zowaar uitgevoerd. Gevolg: vierkante oogjes, maar ook een uiterst voldaan gevoel.

Voelen: ik ben bijgeslapen. Dus ik voel me aanzienlijk beter, ook omdat ik een aantal successen heb behaald, zowel op persoonlijk als op zakelijk vlak. En dat is altijd goed voor de mens. Ik geloof dat het 8 weken is tot de volgende vakantie, maar van die 8 weken ben ik 1 week in Rome, dus dat scheelt behoorlijk.

De zindag is geïnspireerd op de Friday Roundups op de blog van Rosie Molinary, die die weer geïnspireerd heeft op die van Teacher Goes Back to School, die die ook weer op iemand geïnspireerd heeft. Maar op het internet is uiteindelijk niemand origineel.

Een nieuw speeltje

Ik vind het leuk om keukenapparatuur om te hebben. Dat komt vooral doordat ik het leuk vind om te koken, en dan wil het weleens helpen om apparatuur te hebben – al is dat lichtelijk overdreven, want op zich kan je met een goed mes en een fijne pan al een heel eind komen, maar voor fancy handelingen heb je gave tools nodig. Bovendien ben ik ook een beetje een gadget-nerd; niet alleen op culinair gebied, want ik kan intens genieten van allerlei interessante machientjes. Ik heb bijvoorbeeld een super-geavanceerd vulpotlood, voor het geval ik besluit te willen tekenen. Ik kan helemaal niet tekenen, maar ik wil gewoon zeker weten dat ik, mocht zich de inspiratie en de aandrang voordoen, niet door iets banaals als het feit dat ik geen super-geavanceerd vulpotlood heb tegen worden gehouden. Maar in de keuken kan ik me pas echt uitleven. Dat komt deels doordat ik dat soort apparatuur kan rechtvaardigen met de mededeling dat ik een kookbedrijf heb (en dat is ook zo: spooons at home at your service), maar ik verzuip niet bepaald in klussen, en als ik al een klus heb, gebruik ik meestal gewoon een goed mes en een fijne pan. Desondanks bezit ik een Big Green Egg, een KitchenAid, een Magimix en een slow juicer, waarvan ik naar alle eerlijkheid kan zeggen dat in elk geval de laatste 3 vooral in de weg staan. Mijn meest recente aanschaf was een spiralizer van Helmsley & Helmsley, een kek apparaatje waarmee je van allerlei groenten interessante spiraalvormen kan snijden.

spiralizer1

Ik had allerlei redenen om hem aan te schaffen: de belangrijkste was dat ik pastasaus lekkerder vind dan pasta, dus de mogelijkheid om courgetti (spaghetti van courgette) te maken leek me wel aantrekkelijk, en dat ik dan spannende slierten of linten van andere groenten kan maken was mooi meegenomen, maar ik was ook een beetje verliefd op de gezusters Helmsley (klik maar op het linkje hierboven), niet in de zin van dat ik graag gepassioneerde seks met ze zou willen bedrijven, maar meer dat ik ze wil zijn. Of in elk geval een van beiden. Ik kocht hem in oktober en ik heb hem toen 4 maanden in de doos laten zitten. Want kennelijk is in mijn geval bezit het einde van het vermaak. Maar deze week had ik tijd om er eens even met dat ding aan de slag te gaan, en ik maakte een bietensalade met feta. Supersimpel: men neme een drietal rauwe bieten, men draaie er met het lintmes door middel van de spiralizer linten van, men kruimele er 100 gr feta light (ik wist ook niet dat het bestond) over en men knippe daar dan weer wat platte peterselie op. Zout, peper, citroensap; klaar. Behalve als je minnaar niet zo’n dieter is dan jij, dan doe je er voor hem nog wat walnoten* en olijfolie op. Omdat het rauwe bieten waren die ik gespiralized had, zag mijn keuken eruit alsof ik een mini-guillotine had gebruikt, maar alles was tamelijk snel schoongemaakt. Ik vond de salade echt superlekker, dus ik zou zomaar die spiralizer niet weer 4 maanden in de doos kunnen laten zitten. Het zal mij benieuwen wat ik hierna door dat ding heen ga jassen.

spiralizer2*In het recept van Helmsley & Helmsley waren die walnoten geactiveerd, maar ik vind mezelf vooralsnog te gaaf om noten te activeren, zeker als ik ze zelf niet ga eten. En je activeert noten door ze eerst een hele tijd in een bak water te leggen, wat me verbaast, want als je pubers wilt activeren heeft nooit iemand het over het weken van die gasten. Ik zou het bijna willen testen.

Wat je eigenlijk echt wilt zien

olifant

We kunnen nou wel doen alsof mensen blogs lezen omdat ze zeer geïnteresseerd zijn in het online lezen van de wederwaardigheden van mensen die ze offline al dan niet kennen, maar laten we eerlijk zijn: uiteindelijk verlangen we allemaal naar een bewegend plaatje van een olifant op een trampoline. Ik vermoed dat dit allemaal niet echt is, maar dat kan me eerlijk gezegd niets schelen. Het is een olifant op een trampoline. Mijn dag is goed.

De 10 van woensdag

Vandaag ga ik met de trein op en neer naar Maastricht. Mijn moeder woont daar, en die wil ik ook weleens zien, en bovendien: het is Maastricht. Wie daar niet zo vaak mogelijk heen wil, heeft geen verstand van steden. Maar al met al zal ik 6 uur in het openbaar vervoer doorbrengen, dus ik heb van alles bij me. Hier de 10 belangrijkste items die ik met me meetors:

  1. Mijn fancy dagkaart. €25 retour, in de eerste klasse. Zodat ik vanuit een comfortabele fauteuil naar de working class kan kijken. Zo zie ik het graag.
  2. Mijn ereader. Die heb ik altijd bij me, maar met zoveel tijd voor de boeg zal ik de batterij nog even een extra snok geven, want je zal toch rond Roermond zonder leesvoer zitten.
  3. Mijn Starbucks meeneembeker gevuld met thee, want er is te weinig overstaptijd om iets te drinken te kunnen kopen.
  4. Mandarijntjes. Gewoon. Omdat ze lekker zijn, en zoet, en oranje.
  5. De tas met kleren die ik aan mijn moeder heb beloofd. Ze heeft me hiervoor al heel veel geld gegeven, dat ik heb uitgegeven aan een supermooie nieuwe jurk, maar dan heeft zij natuurlijk wel recht op haar eigen spullen.
  6. Een forse stapel nakijkwerk. Het houdt niet op. Niet vanzelf.
  7. Een Quest Bar. Die eet ik elke dag en is wat mij betreft altijd een hoogtepuntje. Als je verder nooit iets zoets eet, leer je wel dankbaar te zijn.
  8. Mijn Passion Planner, pen en kleurpotloden. Om mijn leven te plannen. Want dat blijft een work in progress.
  9. Mijn iPhone en de lader. Ik snap werkelijk niet hoe mensen een hele dag doen met de batterij, het gaat bij mij heel hard. Maar aan de andere kant: ik doe er ook echt alles op.
  10. Een spork. Zo’n handige liefdesbaby van een plastic vork en lepel, zodat ik onderweg ook wat te eten kan scoren. Want op mandarijntjes, een Quest Bar en een beker thee alleen ga ik het natuurlijk niet redden.

De ideale spijkerbroek

Soms vind ik mezelf echt een heel erg onaardig mens. Zo ook afgelopen zaterdag. Ik zat in de trein van Amsterdam naar Leiden, na een lange dag op de yoga-opleiding, dus ik zou juist een beetje in een milde stemming moeten zijn geweest, toen bij de stop Schiphol in plaats van de gebruikelijke kuddes toeristen met veel te grote koffers een grote groep dames instapte. Met veel te grote tassen. Van de Huishoudbeurs. Het was gelijk gedaan met de rust die ik echt nodig had, want in het viertje dat ik tot dan toe heerlijk aan mezelf had mocht ik maar liefst drie dames ontvangen. Inclusief al die tassen, maar er was ook een uitgelaten stemming, want kennelijk hadden ze een topdag beleefd op de Huishoudbeurs, waardoor ze de hele tijd net iets te hard aan het praten waren, zodat de muziek op mijn koptelefoon werd overstemd. En ik zal eerlijk zijn: de dames waren ook alledrie aan de zware kant, dus ik voelde me nogal overweldigd in mijn hoekje van de trein. Dat gaat kennelijk snel in je hoofd: waar ik een jaar geleden ongeveer net zo dik was als deze dames, vond ik het nu reden om te veroordelen dat ze zomaar in een trein gingen zitten en zich gingen zitten vermaken. Op een gegeven moment waren de twee dames tegenover me met hun telefoons bezig, en toen stootte de vrouw naast me mij aan, want ze wilde me wat laten zien: een foto van zichzelf in een bevallige pose met een spijkerbroek aan, met de tekst ‘de mooiste billen van de Huishoudbeurs’ en #curvepower erboven.

MS-Mode-Billenbooth

Zij wist natuurlijk ook niet dat ik net allerlei nare gedachtes had gehad over haar en haar vriendinnen (dan had ze me denk ik met die giga-tas folders voor mijn smoel geslagen), dus ze kon zonder enige moeite haar blijdschap over het spijkerbroekenconsult dat ze had gekregen bij M&S-mode, en de egoboost die de foto haar had gegeven met mij delen. En los van het feit dat ik mezelf meteen geconfronteerd zag met mijn eigen inherente naarheid was ik oprecht blij voor haar. Want ik kan me nog heel goed herinneren dat ik geen spijkerbroeken droeg omdat ik het niet aankon om er een te moeten kopen, omdat ik om 1 spijkerbroek te kopen 100 spijkerbroeken moest passen, die me allemaal even beroerd zouden hebben gestaan, met als gevolg dat ik met het gevoel een onkleedbare freak te zijn naar huis ging. Dat ik nu door mijn PersonalBodyPlan-succes gewoon naar een winkel kan gaan en dan kan kiezen uit allerlei spijkerbroeken, die dan allemaal aan de relatief kleine maat-kant van de winkel liggen, ervaar ik als een zegening. Ik weet natuurlijk niet hoe het leven van mijn enthousiaste treinbuurvrouw eruit ziet; als zij zich goed voelt in haar lichaam heb ik het recht helemaal niet om haar te veroordelen (en als ze zich niet goed voelt overigens ook niet). Maar als zij er wel in geslaagd is om een spijkerbroek te vinden waarin ze zich geweldig voelt, dan is het op zich een eer dat ze die vreugde met een wildvreemd rotwijf dat stiekem ook heel trots is op een foto van zichzelf in een spijkerbroek wil delen.

spijkerbroek

Zondag zindag

Even de week evalueren – en omdat ik van categoriseren houd, doe ik het nu op basis van zintuigen!

Proeven: deze week heb ik weer veel buiten de deur gegeten (ja, ik heb gewoon een heel zwaar leven), maar M heeft ook een paar keer voor me gekookt, en dat was erg lekker. En prettig: gewoon goed gegrilde kalkoen en broccoli thuis op de bank bij de televisie als je de hele dag weg bent geweest en nog een avond voor de boeg hebt is misschien wel een van de fijnere maaltijden.

Horen: donderdag was ik weer in de Changing Life Hub, waar de boze muziek keihard stond en de ‘bitches’ me om de oren vlogen. Ter compensatie draaide ik vrijdag in de gym  allerlei powerchicks. ‘Survivor’ van Destiny’s Child heb ik ongeveer 36 uur als oorwurm in mijn hoofd gehad. Kan erger. Veel erger.

Ruiken: het parfum van de week is Shalimar van Guerlain. Ik vond dat vroeger altijd een heerlijke geur, lekker zwaar en een beetje poederig, maar nu doet hij me niet zoveel. En anderen ook niet, want ik heb er welgeteld 0 reacties op gekregen. Bovendien denk ik dat ik er een beetje allergisch voor ben, want ik heb ineens zo’n gruwelijk droge huid op mijn gezicht dat ik een crisis-crème heb moeten kopen bij Lush, en dat is ook nogal een intense geur-ervaring.

Zien: ik ben maandag naar The Big Short geweest, en dat vond ik best een goeie film, zeker in het licht van het feit dat ik, om het vriendelijk te zeggen, weinig interesse heb in economische zaken (die interesseren me namelijk geen reet). Dus dat ik 130 minuten film over de crisis heb gekeken zonder me te vervelen zegt veel over de kwaliteit van de film.

Voelen: het is vakantie. En die heb ik hard nodig, want waar ik me al weken superfit voel, voel ik me sinds donderdag als het konijntje zonder de Duracell-batterijen. Maar goed, ik heb ook weinig plannen voor de komende week, behalve het eeuwige project klerenkast afronden.

De zindag is geïnspireerd op de Friday Roundups op de blog van Rosie Molinary, die die weer geïnspireerd heeft op die van Teacher Goes Back to School, die die ook weer op iemand geïnspireerd heeft. Maar op het internet is uiteindelijk niemand origineel.

De waarheid over La vérité sur l’affaire Harry Quebert

Op mijn 40 dingen-lijstje had ik in een vlaag van ambitie opgenomen dat ik een boek in het Frans zou lezen. Op zich zou ik het ook als gemakzucht kunnen betitelen, want in mijn 101 dingen-lijstje (een ouder project) staat naast een Frans boek ook een boek in het Duits als ambitie geformuleerd, maar dat zie ik een stuk somberder in, deels omdat mijn Frans beter is dan mijn Duits en deels omdat ik, zo zie ik op mijn Goodreads-profiel, op 19 mei 2013 aan Nachtzug nach Lissabon van Patrick Mercier begonnen ben, en ik met geen mogelijkheid door dat klereboek heen kom. Voor mijn gevoel zou ik dus een nederlaag moeten erkennen op het ene Duitse boek om aan een ander Duits boek te kunnen beginnen, maar ja, mijn Duits is sowieso* niet zo goed, dus waarom zou ik eigenlijk? Dan lees ik dus liever Engels. Of Nederlands, of desnoods Frans. Ik lees principieel niet in vertaling (dus ik heb de Russische literatuur min of meer aan me voorbij laten gaan, met uitzondering van Anna Karenina, dat ik las toen ik minder geprincipieerd was, maar dat vond ik een soort Eline Vere in de sneeuw), dus als er een mooi boek uit komt in een taal die ik beheers, dan lees ik het in die taal, of ik lees het niet.
quebert1Het boek dat ik in het Frans heb gelezen, La vérité sur l’affaire Harry Quebert van Joël Dicker, bezit ik overigens ook in het Engels, omdat ik dacht dat het een Engels boek was – ik was in een Engels boek een mooi citaat tegengekomen dat mij inspireerde om meer te willen lezen, en noch de naam Harry Quebert (de hoofdpersoon) noch Joël Dicker deden mij vermoeden dat het in een andere taal geschreven was. Maar toen ik het begon te lezen zag ik op pagina 3 een mededeling van de vertaler, en toen hield alles op. Althans, tot ik M vroeg om het in het Frans voor me mee te nemen uit Parijs, en tot ik eind 2015 mijn 52ste boek uit had gelezen, zodat ik de rest van het jaar (en, zoals achteraf bleek, de eerste 6 weken van 2016) aan dit boek kon besteden. Dat heb ik gedaan. Het boek zat permanent in mijn tas en ging er steeds beroerder uitzien: toen ik het uit had zat het onder de ezelsoren, knakken in de rug en ontplofte rodekoolsalade. Dat ik er zo lang over gedaan heb, komt overigens niet doordat mijn Frans zo slecht is, want ik heb werkelijk voortreffelijk les gehad op school van meneer Grislo, die ons allen altijd stimuleerde om de uitdaging op te zoeken en boven ons niveau te lezen, zodat ons niveau almaar hoger kwam te liggen – het boek is 856 pagina’s lang, dus dat zou me in alle talen wel behoorlijk wat tijd gekost hebben, maar in het Frans zeker.

quebert1Het citaat dat me in eerste instantie aanzette om het boek te lezen bleek achteraf de laatste zin van het boek: ‘Un bon livre, Marcus, est un livre que l’on regrette d’avoir terminé.’ en dat is ook zo. Want ik vond het inderdaad jammer dat ik het boek uit had, na 856 pagina’s lezen over Marcus Goldman, zijn writer’s block, zijn mentor Harry Quebert en zijn liefde voor de vijftienjarige Nola, wier** lijk na 30 jaar gevonden wordt in zijn tuin. Er gebeurt van alles in het Amerikaanse stadje waar het verhaal zich afspeelt, dus er zijn veel zijsporen die worden bewandeld, sommige grappig, andere spannend, weer andere ontroerend. Het relaas van de man die zijn vrouw, die hem dag en nacht afzeikt, eens in de zoveel tijd drogeert om dan het sleuteltje van haar dagboek te pakken en te lezen hoeveel ze van hem houdt en hoe moeilijk ze het vindt om dat aan hem te vertellen vond ik echt heel mooi, en de telefoongesprekken van Marcus met zijn moeder waren grappig. Het thrilleraspect van het boek zat ook goed in elkaar (al had ik de belangrijkste onthulling, die rond pagina 830 aan de lezer werd gedaan, al vanaf bladzijde 120 zien aankomen), dus ik heb me geen moment verveeld. Al met al een erg leuk boek dus: goed voor mijn Frans, goed voor mijn brein en voor mijn 40 dingen-lijstje. Quel succès!

quebert*Ja, dat deed ik bewust. Vrij naar Herman ‘Ik spreek überhaupt maar één woord Duits’ Finkers.

**Ik heb ook heel goed Nederlands gehad. Van meneer De Jong. Daarom weet ik dat het ‘wier’ is en niet ‘wiens’.

Kijk hier eens naar

allthefucks

Alweer zo’n plaatje waar ik uren naar kan kijken. Een mooie gif* is voor mij een soort meditatie, lijkt wel, en dat komt goed uit, want echt mediteren kan ik geloof ik niet.

*Wisten jullie dat de uitvinder van gifjes vindt dat je gif niet uitspreekt als gif, maar als djif? Niet dat ik het ga doen hoor, maar toch. Raar.

De 10 van woensdag

Ik twitter niet meer zo veel. Ik weet eigenlijk niet precies waarom, maar ik vermoed dat ik een soort sociale media-verzadigingspunt heb, dus als ik veel op Facebook en Instagram doe, heb ik mijn kick al gehad, en dan laat ik andere mogelijkheden om mensen mijn mening op te dringen voor wat ze zijn. Gelukkig kan ik me (vooral op Instagram) uitleven op mijn favoriete hashtags, en dat doe ik ook. Ik heb er een boel die ik vaak gebruik, maar dit zijn de 10 hashtags waar ik het hardst mee wapper.

  1. #amIskinnyyet – bij progressiefoto’s, als ik in de gym ben, bij eten dat ik niet zou moeten eten. Inmiddels gebruik ik hem meer ironisch, want ik ben al tevreden over hoe skinny ik ben.
  2. #unfuckyourhabitat – bij foto’s voor en na een opruimsessie. Unfuckyourhabitat is een website die mensen wil helpen opruimen (‘You’re better than your mess’ – prachtige slagzin), en ik heb best hulp nodig. Meest recente project: mijn bureau.
  3. #lekker – bij dingen die ik eet of drink. En die lekker zijn natuurlijk, want anders zet ik er geen hashtag bij. Op het moment vaak in combinatie met #lunch overigens, want mijn lunches zien er lekkerder uit dan mijn avondeten. Of eigenlijk is mijn avondeten vaak al op voordat ik bedenk dat ik dat ook over Instagram heen had kunnen plamuren.
  4. #gettingthere – een van mijn favoriete hashtags, mij aangereikt door een leerling in reactie op een #amIskinnyyet-post. Ik gebruik hem ook bij opruimfoto’s en bij allerlei andere projectdingen. Ik denk dat ‘getting there’ op zich een prima samenvatting van mijn leven is. Geen idee waar ‘there’ is overigens.
  5. #lalaleiden – voor foto’s uit mijn lievelingsstad. Het komt uit een liedje van Jochem Myjer, van wie ik echt geen fan ben, maar ik vind LalaLeiden zo leuk klinken dat ik hem wel graag als hashtag gebruik.
  6. #personalbodyplan – spreekt voor zich. Bij foto’s van mager eten, bij gymselfies, bij bezoeken aan de Changing Life Hub, bij foto’s waarop ik skinny ben. Ik heb veel aan ze te danken, en dat uit ik door middel van een hashtag. Was het altijd maar zo makkelijk.
  7. #dingenwaarikblijvanword – hier ben ik vorige week pas mee begonnen, maar het lijkt me wel een mooi project om elke dag een foto met deze hashtag te posten. Dan ga je toch op zoek naar vrolijkmakende zaken, en dat is alleen maar leuk.
  8. #parfumvandeweek – ik draag elke week de hele week een parfum uit mijn mega-collectie, en daar maak ik een foto van en die post ik. Eigenlijk vooral als inventarisatiemethode.
  9. #elkedaganders – dit is de enige Facebook-hashtag, gejat van een voormalig fractiegenoot die ook in het onderwijs zit. Speciaal voor interessante uitspraken van mijn leerlingen. Doet het altijd heel goed.
  10. #gymselfie – foto’s van mijn bezwete harsens in de gym. Ik heb ook #museumselfie, maar dat wisten jullie al. Leuk hoor, ijdelheid met een hashtag.