Categorie archief: Boeken

Boekenweek

Het liefst lees ik Engelstalige literatuur. Dit komt niet doordat ik een beetje een aansteller ben (ook al ben ik dat misschien wel), maar doordat ik in het Engels heb leren lezen en ik dat gewoon net iets makkelijker vind dan in het Nederlands lezen. Waarschijnlijk helpt het feit dat ik dus veel meer meters maak op het gebied van de Engelstalige literatuur dan op Nederlandstalige ook niet, want daardoor zal ik het altijd prettiger vinden om in het Engels te lezen. Met de Boekenweek heb ik doorgaans dan ook weinig, want de stichting Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek, de motor achter het jaarlijkse leesfeest, heeft een andere doelgroep. Maar dit jaar was het iets anders, want ik had drie redenen om geïnteresseerd te zijn in de Boekenweek. De eerste reden had niets met Nederlandse literatuur te maken, en zelfs niets met Engelse, maar met Franse, want Joël Dicker (inderdaad, de schrijver van La verité sur l’affaire Harry Quebert, het Franstalige boek dat ik eerder dit jaar heb gelezen) was uitgenodigd voor een koffietafelgesprek op zondagochtend bij de Leidse boekhandel Kooyker. Daar moest ik natuurlijk heen, en hoewel de sessie was georganiseerd om het nieuwe boek van Dicker, Le livre des Baltimore, in het zonnetje te zetten, vond ik het vooral een uitgelezen kans om de man te ontmoeten en hem mijn volledig afgetrapte exemplaar van zijn megaseller (4 miljoen exemplaren wereldwijd) te laten signeren. Hij bleek behalve erg knap ook nog vreselijk aardig – en hij was enorm onder de indruk van het feit dat ik zijn boek in het Frans heb gelezen. Dat soort complimenten ontvang ik natuurlijk graag.

boekenweek1Toen ik na afloop van de Dicker-sessie het nieuwe boek in het Frans wilde bestellen (Nederlands was op voorraad, Engels nog niet verschenen), kreeg ik de tweede reden om de Boekenweek mee te maken op een presenteerblaadje aangereikt: Jan Siebelink, die ik zelf 2 keer eerder heb mogen interviewen, zou op woensdagavond in dezelfde boekhandel geïnterviewd worden over zijn nieuwste boek, Margje, het verhaal van de moeder – dat wil zeggen, de vrouw achter de man van Knielen op een bed violen. Win-win, leek me: ik kon Jan weer eens spreken (ik zeg inderdaad geen meneer meer tegen hem) en wellicht kon ik me laten enthousiasmeren voor een Nederlands boek. Beide zijn gelukt, want we hebben voor aanvang van de sessie kort bijgepraat en het voornemen geuit een keer rustig af te spreken en na afloop ben ik in de signeer-rij gaan staan en heeft hij met zijn turquoise vulpen zijn boek voor me gesigneerd. Tijdens het interview, dat overigens erg interessant was, want Jan kan goed vertellen en Onno Blom, de interviewer, stelt meestal goede vragen, had ik aanzienlijk meer plezier dan Blom toen Jan ineens zei ‘Volgens mij heeft Susannah wel een vraag.’ Natuurlijk had ik wel een vraag, want ik heb altijd wel een vraag, maar het publiek keek me gelijk aan alsof ik een soort filmster was, en dat is ook wel eens een keertje leuk. Ik heb het boek nog niet gelezen, want ik wil er wel voor in de stemming zijn, en dat gevoel heb ik vooralsnog niet, maar ik zal het zeker gaan doen.

boekenweek 2

Als cadeau bij reden 2 om de Boekenweek mee te maken kreeg ik reden 3 aangereikt: het Boekenweekgeschenk. Dit jaar is het geschreven door Esther Gerritsen, en ging het gelukkig niet over het thema van de Boekenweek (Duitsland? Kom op zeg, zijn de thema’s op?), maar over een carrièredame die ineens haar broer, met wie ze een bijna nietsbetekenende relatie had, in huis moet nemen omdat zijn been geamputeerd wordt. Ik had nog nooit iets van Gerritsen gelezen, en ik weet ook niet of ik daar door dit boekje nu per se veel meer behoefte aan heb, maar ik vond het zeer vermakelijk. Ik heb het helemaal gelezen in de trein van en naar Amsterdam, want het was weer yoga-opleiding, dus ik moest toch reizen, en dat kon met dit boekje in de hand zelfs gratis. Dat vind ik wel een mooie actie van de NS, dat je op de laatste zondag van de Boekenweek de achterkaft van je boek kan scannen en dan voor helemaal niets kan reizen waar je maar heen wilt. Ik heb er maar liefst €10,80 mee uitgespaard, ongeveer 25% van het bedrag dat ik in de Boekenweek aan boeken heb uitgegeven, dus dat is wat mij betreft net leuk. En de kleine 100 pagina’s die Broer besloeg passen dus precies in de 2 maal 30 minuten die ik toch al in de trein zou zitten. Zo krijgen we de mensen wel aan het lezen natuurlijk, en daar gaat het maar om. Ik heb mezelf meteen op de mailinglist van Kooyker laten zetten, dus ik hoop ook buiten de Boekenweek mooie literaire activiteiten te kunnen ondernemen. Want lezen is toch een van de leukste dingen die er zijn. En schrijven natuurlijk, maar voordat ik zover ben dat ik op die manier de Boekenweek mee kan maken zijn we wel een paar utopieën verder, vrees ik. boekenweek 3

De waarheid over La vérité sur l’affaire Harry Quebert

Op mijn 40 dingen-lijstje had ik in een vlaag van ambitie opgenomen dat ik een boek in het Frans zou lezen. Op zich zou ik het ook als gemakzucht kunnen betitelen, want in mijn 101 dingen-lijstje (een ouder project) staat naast een Frans boek ook een boek in het Duits als ambitie geformuleerd, maar dat zie ik een stuk somberder in, deels omdat mijn Frans beter is dan mijn Duits en deels omdat ik, zo zie ik op mijn Goodreads-profiel, op 19 mei 2013 aan Nachtzug nach Lissabon van Patrick Mercier begonnen ben, en ik met geen mogelijkheid door dat klereboek heen kom. Voor mijn gevoel zou ik dus een nederlaag moeten erkennen op het ene Duitse boek om aan een ander Duits boek te kunnen beginnen, maar ja, mijn Duits is sowieso* niet zo goed, dus waarom zou ik eigenlijk? Dan lees ik dus liever Engels. Of Nederlands, of desnoods Frans. Ik lees principieel niet in vertaling (dus ik heb de Russische literatuur min of meer aan me voorbij laten gaan, met uitzondering van Anna Karenina, dat ik las toen ik minder geprincipieerd was, maar dat vond ik een soort Eline Vere in de sneeuw), dus als er een mooi boek uit komt in een taal die ik beheers, dan lees ik het in die taal, of ik lees het niet.
quebert1Het boek dat ik in het Frans heb gelezen, La vérité sur l’affaire Harry Quebert van Joël Dicker, bezit ik overigens ook in het Engels, omdat ik dacht dat het een Engels boek was – ik was in een Engels boek een mooi citaat tegengekomen dat mij inspireerde om meer te willen lezen, en noch de naam Harry Quebert (de hoofdpersoon) noch Joël Dicker deden mij vermoeden dat het in een andere taal geschreven was. Maar toen ik het begon te lezen zag ik op pagina 3 een mededeling van de vertaler, en toen hield alles op. Althans, tot ik M vroeg om het in het Frans voor me mee te nemen uit Parijs, en tot ik eind 2015 mijn 52ste boek uit had gelezen, zodat ik de rest van het jaar (en, zoals achteraf bleek, de eerste 6 weken van 2016) aan dit boek kon besteden. Dat heb ik gedaan. Het boek zat permanent in mijn tas en ging er steeds beroerder uitzien: toen ik het uit had zat het onder de ezelsoren, knakken in de rug en ontplofte rodekoolsalade. Dat ik er zo lang over gedaan heb, komt overigens niet doordat mijn Frans zo slecht is, want ik heb werkelijk voortreffelijk les gehad op school van meneer Grislo, die ons allen altijd stimuleerde om de uitdaging op te zoeken en boven ons niveau te lezen, zodat ons niveau almaar hoger kwam te liggen – het boek is 856 pagina’s lang, dus dat zou me in alle talen wel behoorlijk wat tijd gekost hebben, maar in het Frans zeker.

quebert1Het citaat dat me in eerste instantie aanzette om het boek te lezen bleek achteraf de laatste zin van het boek: ‘Un bon livre, Marcus, est un livre que l’on regrette d’avoir terminé.’ en dat is ook zo. Want ik vond het inderdaad jammer dat ik het boek uit had, na 856 pagina’s lezen over Marcus Goldman, zijn writer’s block, zijn mentor Harry Quebert en zijn liefde voor de vijftienjarige Nola, wier** lijk na 30 jaar gevonden wordt in zijn tuin. Er gebeurt van alles in het Amerikaanse stadje waar het verhaal zich afspeelt, dus er zijn veel zijsporen die worden bewandeld, sommige grappig, andere spannend, weer andere ontroerend. Het relaas van de man die zijn vrouw, die hem dag en nacht afzeikt, eens in de zoveel tijd drogeert om dan het sleuteltje van haar dagboek te pakken en te lezen hoeveel ze van hem houdt en hoe moeilijk ze het vindt om dat aan hem te vertellen vond ik echt heel mooi, en de telefoongesprekken van Marcus met zijn moeder waren grappig. Het thrilleraspect van het boek zat ook goed in elkaar (al had ik de belangrijkste onthulling, die rond pagina 830 aan de lezer werd gedaan, al vanaf bladzijde 120 zien aankomen), dus ik heb me geen moment verveeld. Al met al een erg leuk boek dus: goed voor mijn Frans, goed voor mijn brein en voor mijn 40 dingen-lijstje. Quel succès!

quebert*Ja, dat deed ik bewust. Vrij naar Herman ‘Ik spreek überhaupt maar één woord Duits’ Finkers.

**Ik heb ook heel goed Nederlands gehad. Van meneer De Jong. Daarom weet ik dat het ‘wier’ is en niet ‘wiens’.

Geiten

Ik ben niet echt een enorme fan van Claudia de Breij, althans, ik vind haar in theorie leuker dan in de praktijk, dus als ik zie dat ze bij mij in de buurt optreedt, koop ik kaartjes, als ze in het panel bij DWDD zit, zap ik niet door, ook al blijf ik een hekel houden aan het programma als zodanig, en als ze een boek schrijft, ben ik heel erg benieuwd wat daarin staat. Maar als ik dan uit het theater kom, of na Lucky TV het 8 uur-journaal zit te kijken of het boek dichtsla, heb ik toch een beetje een onbestemd gevoel. Even for the record: ik vind ‘Mag ik dan bij jou’ echt een schitterend nummer (behalve als Jeroen van der Boom het zingt, die moet er met zijn fikken afblijven), en haar voorstellingen zijn altijd heel goed verzorgd, maar als ze in zo’n show uitgebreid over haar kinderen vertelt en zingt (een steeds groter onderdeel van de voorstelling) ben ik kennelijk veel minder geboeid dan de rest van de zaal, en haar boek vond ik gewoon teleurstellend. Als ik een boek van Claudia de Breij lees, wil ik graag lezen wat zij vindt, en ben ik er, eerlijk gezegd, niet op uit om te horen wat Claudia voor informatie heeft ingewonnen bij allerlei oude bekende Nederlanders als Herman van Veen of Hanneke Groenteman. Want als ik dat wilde lezen, las ik wel een boek van Herman van Veen of Hanneke Groenteman. En dat wil ik niet, dus dat doe ik niet. Want dat al die lessen van anderen in totaal ‘een opvoedboek voor volwassenen’ opleveren, geloof ik graag, maar ik wil liever door Claudia de Breij getraind worden in haar type awesomeness dan door Erica Terpstra, want die vind ik eigenlijk een beetje vervelend.

geit1De titel van het boek is ontleend aan een verhaal dat Hanneke Groenteman vertelt over een arme Joodse man, die tegen zijn rabbijn zegt dat hij gek wordt van de drukte in zijn huis (klein, vol kinderen en zijn vrouw is ook nog zwanger). De rabbijn adviseert hem een geit te nemen. Na een week later gaat de man terug naar de rabbijn en zegt dat hij het nu nog erger vindt, want het is alleen voller geworden in het kleine hutje. De rabbijn zegt dan dat hij de geit weg moet doen. En dat is natuurlijk een enorme opluchting voor de man. De gedachte is dan dat je weleens dingen in je leven hebt, die eigenlijk een geit zijn, en als je die eruit zou gooien, dan zou je je veel beter voelen. Nou heb ik dat ook weleens, dat ik iets uit mijn agenda flikker dat ik op zich niet had hoeven doen (de nieuwjaarsreceptie van de Gemeente Leiden was er een), maar soms denk ik nadat ik iets tot geit heb bestempeld en het niet gedaan heb, dat ik misschien een niet-geit (een schaapje ofzo) per abuis een geit heb genoemd, terwijl ik me veel te druk aan het maken over iets wat wel een geit was, maar wat ik voor schaapje heb aangezien. En de opluchting dat ik het uit mijn agenda heb gegooid betekent dan helemaal niet dat dat een overbodige afspraak was, maar dat ik een willekeurig ding heb verwijderd. Kortom, ik vraag me oprecht af of het allemaal wel klopt. Maar ja, zoals altijd geldt voor dit soort self-help boeken: het werkt voor sommigen en niet voor mij. Al heb ik nu veel zin om naar een kinderboerderij te gaan. Dat lijkt me dan wel weer een waardevolle toevoeging aan mijn agenda.

geit2

2016

Het is zover: een glanzend nieuw jaar, dat nog overloopt van kansen en mogelijkheden. 2015 was al met al een heel goed jaar voor mij, want ik heb ontzettend veel gezien, gedaan en geleerd, en door wat ik in 2015 voor elkaar heb gekregen is 2016 het eerste jaar sinds, ik schat, 1990 dat ‘afvallen’ niet in mijn goede voornemens voorkomt, en dat vind ik een behoorlijke prestatie. Maar ik heb niet alles wat ik had willen doen gedaan (de eeuwige recepten voor de kook-app zijn bijvoorbeeld nog steeds niet geschreven), ik heb me ook een tijdje iets minder voortreffelijk gevoeld (B is in september naar Zuid-Afrika vertrokken, en ik had maandenlang veel moeite met zijn op handen zijnde vertrek) en lang niet alle veranderingen waar ik op had gehoopt heb ik daadwerkelijk weten door te voeren (ik krijg mezelf maar niet gemotiveerd om het huis netjes te houden, en dat stoort me, want ik kan ook niet zo goed tegen rotzooi). Ik zou echt een enorme vervelende zeur zijn als ik het hele jaar om dit soort dingen als minder succesvol zou evalueren, maar ik vind het ergens ook wel heel leuk dat ik nu een nieuw jaar heb, waarin ik die klote-app af kan maken, waarin ik me niet somber hoef te voelen omdat ik nu weet dat ik niet gehandicapt ben als een vriend verhuist, en waarin ik wellicht een systeem kan verzinnen om niet tussen de troep te gaan zitten.

Gaiman

Maar ik heb grote, creatieve, plannen met dit jaar. Ik wil januari en februari even gebruiken om dingen af te ronden (mijn essay voor de cursus Philosophy of Yoga die ik online bij Oxford University volg heeft een deadline van 4 januari, en die app gaat ook afkomen), en daarna wil ik meer. Ik heb een opleiding gevonden die ik wil volgen, als school voor me betaalt, want ik heb daar zelf niet het geld voor, en als dat doorgaat, verandert er wat in mijn werk en kan ik me in een iets andere richting ontwikkelen binnen mijn baan op school. En als ik er met school niet uitkom, dan weet ik in elk geval weer wat nieuws: ik wil niet tot mijn pensioen hetzelfde blijven doen op school. Ik ben ongeveer op de helft van mijn termijn als raadslid, en als ik herkozen wil worden (ik weet dat overigens nog niet zeker), dan wil ik me op dat vlak ook ontwikkelen, dus ik wil werk maken van een thema-commissie Cultuur, en ik wil mijn lokaal en landelijk netwerk beter gaan onderhouden. Ik wil blijven lezen, schrijven en musea, bioscopen en theaters bezoeken, maar ik wil ook dingen gaan maken. Ik blijf bloggen, maar ik heb nu ook serieuze plannen voor een roman. Laatst zei iemand tegen mij dat ik in vervolg op mijn optredens bij Toomler misschien ook mee zou kunnen doen aan de voorrondes van het Leids Cabaret Festival, en hoewel ik niet weet of ik daar wel goed genoeg voor ben, heb ik heel veel zin om te kijken of het erin zit. Het wordt een creatief jaar, dat weet ik zeker. En ach, dan kan ik misschien het huis ook wel opruimen.

De 10 van woensdag

Ik besteed mijn pauzes op school het liefst aan online shoppen. Natuurlijk praat ik graag met collega’s en ik vind het contact met mijn leerlingen ook heel belangrijk, maar soms vind ik 25 minuten voor mezelf wel prettig, en dan ga ik graag dingen voor mezelf uitzoeken. Of Kerstcadeaus voor familie en vrienden, maar daar is het nog iets te vroeg voor. Ik reken overigens niet altijd af – soms richt ik een winkelmandje in en dan klik ik de pagina dicht, want ik hou vooral van mooie dingen zien, zonder dat ik ze daadwerkelijk hoef te bezitten. Op het moment zitten er 10 dingen in mijn winkelwagentje bij Bol, die ik ongetwijfeld binnenkort definitief ga bestellen, maar eerst ga ik ze hier even delen.

  1. Yes Please van Amy Poehler. Lijkt me een leuk boek om te lezen, en ik vind haar ook een grappig mens. Prima voor op de ereader voor in bed, bad of bus.
  2. Yoga Girl van Rachel Brathen. Deze kan dan weer niet op de ereader, want er staan plaatjes in, en het zou ook zomaar kunnen dat het vies tegenvalt, want ik vind boeken over yoga in theorie altijd leuker dan in de praktijk, maar ergens lijkt het me wel wat.
  3. De stilte van het licht van Joost Zwagerman. Ik heb dit in het mandje gedaan op de avond dat ik hoorde dat hij gestorven was, maar ik ben nog niet tot een definitieve bestelling overgegaan; deels omdat ik zijn stukjes over kunst eigenlijk niet zo leuk vond en deels omdat ik het aasgiergedrag van mezelf vind – toen hij leefde dacht ik er ook niet aan om het boek te bestellen, dus waarom zou ik er nu ineens wel zin in hebben?
  4. Big Magic van Elizabeth Gilbert. Zij heeft ook ‘Eat, Pray, Love’ geschreven, het boek dat me in gelijke (hoge) mate geïrriteerd en vermaakt heeft, en alles wat ze sindsdien heeft geschreven vond ik matig, maar ik volg haar op Instagram en ik vind haar gewoon heel sympathiek. Dus ik ga het gewoon proberen.
  5. The Good Girl van Mary Kubica. Schijnt een superspannend boek te zijn – geen idee hoe ik eraan kom, maar dat wil ik wel op mijn ereader hebben. Thrillers lezen is mijn favoriete vorm van ontspanning, naast al mijn andere favoriete vormen van ontspanning, dus ik heb er wel zin in.
  6. The Girl on the Train van Paula Hawkins. Ook al een thriller, maar dit is er zo een die bijna iedereen gelezen heeft inmiddels, dus ik wil me wel een keer aansluiten bij de menigte. Ik ben wel benieuwd.
  7. Mindset van Carol Dweck. Een tip van een jongen die bij ons op school een lezing gaf over motivatie. De subtitel is ‘How you can fulfil your potential’ – laat ik dat nou altijd al graag hebben willen weten.
  8. The Life You Can Save van Peter Singer heeft ook al een fascinerende subtitel: ‘How to play your part in ending world poverty’. Het is een tip van Lisa Bloom, wier ‘Think’ ik met veel plezier heb gelezen. Het lijkt me een interessant boek, en als ik daarmee een bijdrage kan leveren, hoe klein ook, is het mooi meegenomen.
  9. The Truth about the Harry Quebert Affair van Joel Dicker. Fascinerende titel voor een roman. Daar wil ik dus meer van weten.
  10. Hell-Bent van Benjamin Lorr. Over allerlei misstanden in de wereld van Bikram Yoga, een vorm van yoga die ik ooit heb bedreven, maar dat beviel niet zo, dus ik ben wel benieuwd naar wat vuile verhalen.