Categorie archief: Honden

Huisdieren van vroeger

Ik heb, met uitzondering van de eerste 3 jaar dat ik in Leiden in een studentenwoning woonde, al mijn hele leven huisdieren. Het begon met een konijn, maar er waren ook vogels, schildpadden, een cocker spaniel en een rat die Harry heette, naar Harry Mulisch. Maar er waren eigenlijk altijd ook katten, want ik ben echt een kattenmens en mijn ouders zijn dat gelukkig ook, want katten zijn prettig gezelschap: ze trekken hun eigen plan, lossen het zelf op als ze moeten plassen en komen bij je op schoot liggen als je zielig bent. Of langer dan 20 seconden zit. Ik herinner me overigens niet alle huisdieren even goed, maar ze waren ook niet allemaal even leuk. Schildpadden zijn namelijk gewoon saai, vogels maken vooral herrie en de ene kat is de andere niet. Onze rooie kater Hamish was bijvoorbeeld echt een topkat, volledig geschift, zo bol dat hij op een gegeven moment bijna niet meer door het poezenluikje paste, maar zo lief en gezellig dat het altijd leuk was als hij uit het niets met al zijn 6 kilo op je schoot sprong. Jammer genoeg had hij zichzelf binnen acht jaar helemaal opgeleefd (It’s better to burn out than to fade away was kennelijk zijn devies), maar dat waren wel acht hele mooie jaren.

hamish

Een ander topdier was de vorige hond van B, Willem, een Friese stabij met meerdere steekjes los. Hij was permanent vrolijk, maar het probleem was dat hij een nieraandoening had, waardoor hij om de 8 minuten moest pissen, wat in een flat nogal voor problemen kon zorgen. Ik herinner me een avond dat ik anderhalf uur op hem moest passen en uiteindelijk huilend met hem in het park ben gaan zitten omdat hij steeds in de ene kamer piste, en als ik hem in een andere kamer zette om de ene kamer te dweilen daar piste, en dat ook vice versa en de hele tijd zo verder. Voor B was het ook geen doen, dus uiteindelijk heeft hij Willem naar Friesland gebracht om te gaan wonen bij zijn broer (die van Willem dus) op een boerderij, waar hij buiten kon rondrennen en een lichte incontinentie geen enkel bezwaar zou zijn. Ik heb jaren niet aan hem gedacht, tot ik vanmorgen gebeld werd door een dierenartsenpraktijk in Oostwolde, of ik een hond had die Willem heette, want mijn telefoonnummer stond bij de chipgegevens van een hond die (en ik hield mijn adem in want ik hoopte zo dat hij niet dood was) daar was komen aanlopen (en ik ademde weer uit). Ik heb uitgelegd dat hij niet van mij was en ik kon zowaar het telefoonnummer van zijn nieuwe eigenaren vinden, dus toen waren we klaar. Behalve dan dat ik nog een vraag had: ‘Is hij nog steeds zo’n blije eikel?’ De dierenartsassistente moest een beetje lachen (het blijven Friezen natuurlijk), maar gelukkig, ‘hij is een vrolijk beest inderdaad’. Je zou hem bijna gaan missen.

willem