Categorie archief: Huis

Tijd voor poëzie

dustifyoumust

Ik ben op het moment enthousiast bezig met zorgen dat de troep in huis niet weer aanzwelt en daarbij ben ik ook 2x per week 20 minuten oppervlakken aan het afstoffen of schoonmaken. Toch vraag ik me elke keer af of ik die tijd niet beter zou kunnen gebruiken. Rose Milligan, die dit gedicht heeft geschreven, is het kennelijk met me eens. Maar ja, een min of meer schoon huis is ook wel fijn – maar ik moet het niet te ver doorvoeren. This day will not come around again.

Handige nieuwe tool

Ik heb weer een nieuwe tool om mezelf te stimuleren om dingen te doen. Want naast Personal Body Plan, dat me naar de gym trapt en me vertelt wat ik allemaal nog mag eten op een dag, mijn Passion Planner, waarin ik mijn afspraken, dromen, ambities en to do-lists bijhoud, het megaranzige notitieboekje dat in al mijn tassen woont en dient als receptakel voor random en minder random ideeën en de agenda op mijn telefoon (die synchroniseert met mijn laptop en iPad) is er natuurlijk altijd ruimte voor nog meer structuurtjes. Ik ben namelijk eigenlijk niet in staat om gewoon dingen te doen: er moet altijd een soort projectje van gemaakt worden. Soms vind ik dat belachelijk en erger ik me aan mezelf omdat ik niet normaal kan doen, maar aan de andere kant krijg ik wel veel dingen voor elkaar, en daar helpen al die malle structuurtjes me bij. Mijn nieuwe beste vriend op dit gebied is de Better Habits app voor op mijn iPhone. Ik werd hierop geattendeerd door de blog van The Self Help Hipster (ja ik weet het, ik ben een fangirl, maar ze is gaaf en ze heeft me leren Snapchatten dus ik ben haar veel verschuldigd), en ik was zeer geporteerd voor de gedachte dat ik daarmee weer wat aspecten van mijn leven op orde zou kunnen krijgen.

habits1Want waar ik vind dat het op zich prima gaat met mijn leven, blijft mijn huis een twijfelgeval. Ik weet het namelijk voor elkaar te krijgen dat ik last heb van rotzooi en heel veel rotzooi maak; je zou verwachten dat de natuur het voor elkaar weet te krijgen dat je of rommelig bent en immuun voor troep of van nature heel netjes, zodat je je niet aan troep hoeft te ergeren, maar in mijn geval is dat dus misgegaan. Ik heb altijd rotzooi om me heen. Twee weken geleden heb ik 4 uur van mijn leven geïnvesteerd in het opruimen van het huis, maar toen viel me op dat mijn troep zich eigenlijk concentreert op 3 punten: de tafel waar ik werk, de bank waar ik chill en de vloer boven waar ik al mijn kleren neerpleur als ik ze uit heb getrokken. Dus ik heb de Better Habits-app ingezet om daar wat aan te doen. Voordat ik ga slapen moet ik mijn kleren opruimen (en mijn make-up afhalen – heeft met rotzooi niks te maken, maar is broodnodige bijvangst van de app), vandaar code blauw, en als ik het pand verlaat moet ik de tafel en de bank leeg achterlaten. Als ik het doe, mag ik het aanvinken en krijg ik een bolletje, en als ik alle bolletjes vol heb (voor de beide opruim-habits heb ik 21 dagen nodig, voor de make-up van mijn smoel verwijder-habit 48, want dat is moeilijker), komt een nieuwe habit uit de wachtlijst, want je mag er van de app maximaal 3. Ik heb nog geen dag gemist en mijn huis is keurig opgeruimd, dus het werkt. Althans, voor mij. Maar ja, ik ben de enige die ik in het gareel hoef te krijgen.

habits2

Opruimen

Dat ik soms ten onder dreig te gaan aan mijn eigen spullen, mag inmiddels wel bekend zijn aan iedereen die me ook maar een beetje kent. Ik hou van mooie dingen, ik kan ontzettend goed winkelen, ik kan best wel wat betalen, en als ik emoties niet omzet in eten zet ik ze om in aanschaffen. Die factoren in combinatie met het gegeven dat ik heel slecht dingen kan weggooien leiden er regelmatig toe dat ik rondkijk in mijn huis vol met dingen, geen idee heb waar ik moet beginnen met weggooien en maar gewoon op de bank televisie ga zitten kijken, terwijl ik op Pinterest foto’s verzamel van minimalistisch ingerichte huizen. Hoewel ik het vreselijk zou vinden om mijn zorgvuldig opgebouwde collectie materiële zaken te verliezen, is er iets in mij dat er een beetje naar verlangt gewoon helemaal opnieuw te beginnen, in een huis met niets erin, waar ik alleen het broodnodige in zou zetten. Dus toen ik las dat er een nieuwe opruimgoeroe was opgestaan, leek het me wel wat: ik hoefde alleen maar een boek te lezen en wat ik daaruit leerde toe te passen, en ik zou binnen no time van alle troep af zijn. Ik schafte ‘The life-changing magic of tidying up’ van Marie Kondo aan (op mijn ereader natuurlijk, anders zou ik weer een artikel het huis binnenbrengen, en dat is dus juist niet de bedoeling) en verdiepte me eens even stevig in de KonMari-methode.

zooi uit de kast 1Die methode is eigenlijk tamelijk eenvoudig. Kennelijk bestaan self-help boeken van deze categorie al snel uit een simpel uitgangspunt waar mensen een heel boek over schrijven en vervolgens stinkend rijk mee worden; de Pomodoro-techniek was ook al zo gruwelijk simpel. En ik maar betalen (ik ga ook zo’n boek schrijven, denk ik – nu nog even iets simpels verzinnen en dan cashen). Maar goed: het komt er in de KonMari-methode op neer dat je je bij al je spullen moet afvragen of je er blij van wordt (joy sparken is de technische term), en als dat niet zo is, moet je het gelijk weglazeren. Simpel, zou je denken. En dat is het ook. Maar ik liep al snel tegen wat problemen aan. Het grootste bezwaar is dat ik de regel ‘verzamel alles van een soort ding en ga dan per item na of het joy sparkt’ niet kan uitvoeren. Ik heb gewoon teveel spullen. Dus ik doe het wel per kastje, maar goed, ik heb zo wel een boel mokken weggegooid. Gisteren heb ik mijn klerenkast aan een eerste ronde KonMari blootgesteld, maar ook daar kon ik niet alle kleren uit de kast halen, want dan kan ik zelf de kamer niet meer in. Het werkte wel, want ik heb zes vuilniszakken met kleding afgevoerd, en er staan nog 3 zakken met kleren op de kast voor Te lui voor marktplaats. En dat is pas de eerste ronde, want ik moet nog lades kopen en mijn hele kast verbouwen. Dan gooi ik waarschijnlijk nog meer weg.

zooi uit de kast 2Een ander probleem is dat ik niet geloof dat ieder item joy kan sparken. Ik ben echt best wel tevreden over mijn ondergoed hoor, maar ik sta niet joelend bij het ladenblok over iedere slip die ik tegenkom. Panty’s acht ik functioneel – sterker nog, als iemand beweert dat haar joy gesparkt wordt door een zwarte maillot van 80 denier, bel ik de GGZ. En ik heb ook spullen die alleen in potentie joy sparken, zoals de jurk die ik nu nog niet pas, maar als vette dieetworst voor mijn neus hang – potentially joy sparking zit niet in het systeem van La Kondo, maar wel in het mijne. Maar het ergst vind ik dat ik van KonMari met mijn spullen moet praten. Zij praat met haar huis (als ze binnenkomt, begroet ze het even), en ze vindt ook dat je je spullen moet bedanken. Dus als je ’s avonds thuiskomt, haal je je tas leeg en doe je alles uit die tas in een la, althans, de vaste dingen, de rest berg je op. Dan ga je met je tas naar de kast, doe je hem in de kast, en bedank je hem voor de geleverde diensten (de hele dag je meuk vervoeren voor je, maar dan aardig geformuleerd). Als je nieuwe kleren koopt, verwelkom je ze in je garderobe. En dat gaat me dus allemaal een paar bruggen te ver. Ik ga niet, ik herhaal niet, met mijn tas praten. Al is het alleen al omdat ik het al moeilijk genoeg vind om dingen waar mijn relatie tamelijk eenvoudig vind (dus ik ben de baas van de tas en ik hoef geen gesprek met de tas) weg te flikkeren, laat staan dingen waarmee ik on speaking terms ben. Dus dat gaat niet gebeuren. De gedachte dat alles een plaats heeft in huis vind ik zeer rustgevend, maar ik heb in dat opzicht nog een lange weg te gaan. Ik ben in elk geval begonnen.

Overspoeld

Vandaag hoef ik niet zoveel te doen. Ik heb drie afspraken buiten de deur, alledrie gesprekken, waarvan ik er al een achter de rug heb, en vanavond heb ik fractievergadering. Verder hoef ik alleen maar de mail te doen, mijn agenda’s in te vullen en de enorme teringzooi die ik zowel boven als beneden heb aangericht op te ruimen. Dat valt dus allemaal heel erg mee – meestal heb ik het veel drukker op maandag. Maar ik krijg niks uit mijn handen. Althans, ik heb een deel van de bank opgeruimd en ik ben in een auto gestapt die mij naar de eerste afspraak (waar ik aantekeningen heb gemaakt als de nerd die ik ben, maar dat was op de automatische piloot) en weer naar huis heeft vervoerd, maar daar blijft het bij. Ik heb de deur open gedaan voor DHL, die me mijn flauwekulletjes-visitekaartjes heeft gebracht, die echt supermooi zijn, behalve dat de achterkant ondersteboven op de voorkant staat. Nadat ik daar een disproportioneel half uur om heb gehuild, heb ik binnen 10 minuten geregeld dat ik nieuwe krijg, die wel kloppen, en ik hoefde van die aardige Nick van moo.com niet eens te betalen. Dus eigenlijk is er niks aan de hand.

visitekaartjesMaar dat is er natuurlijk wel. Het wordt me gewoon allemaal te veel. Ik wil niet in mijn mail kijken, want die staat vol met mensen die wat van me willen. Ik wil niet in correspondentie met de leerlingen van 4V die hun zaken even slecht bij houden als ik, zodat niemand weet wanneer hun SO is. Ik wil niet die enorme floordrobe die ik heb aangericht opruimen, want dan word ik geconfronteerd met het feit dat ik een jurk die ik een jaar geleden nog vrolijk aantrok van de week met geen mogelijkheid meer dicht kreeg. Ik wil mijn bureau niet opruimen, want daar ligt yoga-huiswerk dat ik moet maken. Ik wil mijn agenda’s niet invullen, want dan is het echt. En ik heb al helemaal geen zin in al die echte dingen die ik deze week moet doen. Ik voel me overspoeld, en ik heb zin om me te verstoppen, en dan pas weer boven water te komen als de kaboutertjes alles voor me gedaan hebben. Want ik wil wel een georganiseerd leven leiden, met een goed ontbijt, een gezonde lunch, een uitgebalanceerde avondmaaltijd en niet duizenden tussendoortjes, en ik wil al mijn afspraken nakomen, en ik wil dat mijn kleren in mijn kast liggen. Ik wil er alleen niks voor doen. Maar ja, ik schijn volwassen te zijn. En overspoeld of niet, dan moet je wel. Jammer is dat.

Korte onderbreking

Een groot deel van de dingen die mij dwarszitten kan moeiteloos worden ingedeeld in de categorie ‘First World Problems’. Er is namelijk in feite helemaal niks aan de hand in mijn leven: ik heb een baan, een bedrijf, een huis, een fijne partner, lieve vrienden, ik ben min of meer gezond, ik heb geld, mijn ouders leven allebei, ik ben intelligent genoeg, ik krijg meestal de waardering waaraan ik behoefte heb, als ik honger heb is er eten, als ik dorst heb komt er water uit de kraan en gin uit de fles, ik heb alle gadgets die ik zou willen, WiFi, mijn fiets is al jaren niet gejat en als ik op een lichtknopje druk, zit ik niet in het donker. Maar gisteren schortte het nou net even aan dat laatste. Toen we terugkwamen van vakantie lag er een brief van de firma Liander, die hier de son et lumière mogelijk maken door ons elektrisch te faciliteren, dat ze op donderdag 8 januari de elektriciteit ‘een paar keer kort’ zouden afsluiten. Prima, dacht ik nog, als ik voor 9 uur een mega-cappuccino zet en zorg dat de batterij van mijn laptop is opgeladen, kan ik best wel even vooruit, en die paar korte afsluitinkjes zijn overkomelijk.

lightbulb_newtons_cradle-4313Maar het waren geen korte afsluitinkjes: van 11 tot 13.08 lag de elektriciteit er volledig af. En dat betekent dat we voldoende reden hadden om uitgebreid geprivilegieerd te klagen: we konden niet douchen (want de boiler is elektrisch), geen koffie zetten, M kon het bed niet omhoog zetten om de krant te lezen, er kwam geen kokend water uit de Quooker, de WiFi deed het niet, de koelkast moest zo dicht mogelijk blijven want dan zou er geen kwaliteitsverlies van het eten zijn en geen licht. Er kon natuurlijk wel meer niet – ook stofzuigen behoorde niet tot de mogelijkheden, maar dat was ik toch niet van plan. Op dit soort momenten blijkt wel wat voor een ontzettend verwend prinsesje ik eigenlijk ben: binnen no time was ik Liander op Twitter gek aan het maken, omdat ik na pakweg 20 minuten leven als een holbewoner wel weer toe was aan een vers kopje Nespresso. Ik kreeg excuses aangeboden, maar geen licht, dus ik zag me genoodzaakt om luid zuchtend een netwerk via mijn iPhone aan te leggen, zodat ik toch de BTW-aangifte kon doen die ik heus een andere keer had kunnen doen, maar die ik per se op dat moment wilde doen, omdat het niet kon, zodat ik daar even lekker over kon klagen. Zo zwaar had ik het dus: ik kon ongestoord werken, in mijn mooie nieuwe jurk, in een warm huis. Daar hebben ze in de derde wereld geen weet van, van die problematiek.

Geen flauwekulletjes, Fie

Een maand of acht geleden hadden M en ik twee katten: Hamish, die ruim 8 was, en Sofie, ruim 17. Hamish was een malle dikke rode kater (nou ja, je-weet-wel), die constant op zoek was naar eten en avontuur. In september werd hij ineens ziek, zo ziek dat we hem moesten laten inslapen. Sofie had weer het rijk alleen, en dat vond ze helemaal niet erg, want Sofie was een kat met een gebruiksaanwijzing. Ze was altijd een beetje chagrijnig, en ze hield er niet zo van om te knuffelen. Althans, niet als het niet voor 100% op haar voorwaarden was. Ze ging liever bij je in de buurt zitten dan op je schoot, maar als ze besloot dat jou de eer ten deel was gevallen om haar te mogen aaien, dan moest dat ook gebeuren. Net zo lang tot zij er geen zin meer in had, en dan moest het ook snel afgelopen zijn, want anders kon je een haal krijgen. Mijn type kat dus.

fie flauwekulletjeIk had Sofie al sinds ze 6 weken oud was. Ik heb haar opgehaald in Lisse, op de dag van het bloemencorso, waardoor ik er 2,5 uur over gedaan heb om met haar in het openbaar vervoer naar huis te komen. Mijn toenmalige vriend had niet zoveel met haar, zodat Sofie het minst bevochten item in de boedelscheiding was toen wij uit elkaar gingen en ik met haar bij M in kon trekken. M en Sofie, of Fie, zoals M haar placht te noemen, konden het heel goed met elkaar vinden. Toen we er een tweede kat bij namen, Hamish dus, had Sofie daar wat moeite mee – ze was eigenlijk wel tevreden met haar leven zoals het was, en vond de toevoeging van het rode gevaar vooral heel lastig. Uiteindelijk heeft ze wel van Hamish geleerd dat een beetje aanhankelijkheid best gezellig kan zijn, al zat ze op schoot alsof ze op een beginnerscursus was geweest en nooit tot het gevorderdenniveau was doorgedrongen. Sofie had ook haar speelse momenten: dan ging ze ineens rondrennen door de woonkamer of met een pluisje spelen. Dan zeiden we ‘Geen flauwekulletjes, Fie’, en dan ging ze gewoon weer op de bank zitten en kreeg ze van ons een Catisfaction.

fie flauwekulletje 2

Maar ze werd wel heel oud, de laatste tijd. Ze maakte elke dag hetzelfde rondje: van de slaapkamer naar het voerbakje, via de kattenbak weer naar boven, ’s avonds beneden eten en met ons op de bank tot het bedtijd was. Ze kwam heel soms nog buiten, alleen om even aan de bosjes te ruiken en dan ging ze gauw weer naar binnen. En toen ging ze steeds slechter zien: ze liep tegen dingen aan (de poef, de kachel, mij) en ze viel van de trap. Dinsdag bleek ze een heel eng troebel oog te hebben. M is met haar naar de dierenarts gegaan en heeft spul voor haar extreem bloeddruk meegekregen. Vanmorgen lag ze op het kleed en ze kon niet meer opstaan: haar achterpootje deed niks meer. We hebben onze lamme, blinde kat naar de dierenarts gedragen, en we wisten toen we de deur uit gingen al dat we zonder Sofie thuis zouden komen. En dat was ook zo. Ze was een prachtpoes en ik mis haar nu al.

Na de verkiezingen

De verkiezingsuitslag in Leiden: 12 zetels voor D66, een geweldig resultaat waar we allemaal heel trots op zijn. We hadden niet verwacht dat er nog zoveel groei mogelijk was. Van 10 naar 12 van de 39 zetels – Leiden is echt een D66-stad! Ik had 310 stemmen, wat ontzettend veel is (ik was in dat opzicht nummer 6 van D66), maar niet genoeg voor een voorkeurszetel. Het komt waarschijnlijk ook voor mij wel goed, want als onze lijsttrekker wethouder wordt (en daar is goede hoop op), schuif ik door. Vooralsnog word ik op 10 april geïnstalleerd als duo-raadslid. Ik ben heel tevreden en dankbaar voor al die mensen die op mij gestemd hebben.

En dan kan een mens over tot de orde van de dag. Woensdag heb ik een lijstje gemaakt van dingen die ik ging doen na de verkiezingen. Tot mijn grote trots kan ik vertellen dat ik nummer 3, het opruimen van de walk-in closet gestyled door Osama Bin Laden, heb voltooid. Hierbij twee foto’s van voor en na de behandeling.

20140321-120835.jpg20140321-120858.jpg

Je kan je afvragen waarom een mens zou willen coquetteren met haar eigen slordigheid, maar wat zal ik zeggen? Zo ben ik.

Ik heb van de weeromstuit ook mijn werktafel opgeruimd:

20140321-120908.jpgEn ja, ik heb ook het plantje water gegeven!