Categorie archief: Irritaties

Een smoothie in een kom

Een van de dingen die mij werden aangeraden toen ik om advies vroeg over mijn totale gebrek aan conditie en energie, was om mijn koolhydraten-inname te verhogen, in elk geval tot en met de halve marathon. Ik vermoed dat dat voor veel mensen die lijnen aangenaam nieuws is, maar ik kom sowieso heel moeilijk aan mijn carbs; ik hou niet zo heel erg van brood, pasta vind ik oprecht niet lekker, aardappels en reguliere rijst zijn boring, en om nou elke avond zoete aardappels of fancy risotto te gaan zitten maken gaat me ook wat ver. Om veel koolhydraten binnen te krijgen met groente is ook niet te doen, en ik mag niet onbeperkt vet, dus chips zijn jammer genoeg ook niet de weg voorwaarts. Gelukkig is er nog altijd fruit. Bij de lectuur van mijn favoriete fitgirlsblogs kwam ik de açaibowl tegen, een dikke smoothie die je in een kom serveert, met wisselende combinaties van fruit, maar in ieder met açai, een wonderlijk besje dat zo kwetsbaar is dat het alleen als poeder of ingevroren te koop is. Dat wilde ik proberen, dus ik vroor snel alle bruine bananen die ik in de fruitmand had in, kocht blauwe bessen voor in de diepvries, en alvast een pak soja-yoghurt op voorraad (het kan ook met gewone melk, of sojamelk, of andere hipstermelk, maar het recept dat ik wilde volgen is met yoghurt, dus dan doe ik yoghurt). Alleen de açai ontbrak er nog aan.

acai-1Dat bleek niet eenvoudig: online kan je açaipoeder kopen, maar daar zit vaak rotzooi door, het zou bij Albert Heijn te koop moeten zijn, maar in 3 vestigingen heb ik het niet aangetroffen, en bij de biologische winkels in Leiden zat het ook niet in het superfoodschap. Toen ik bij De Tuinen (die bezig waren met een overgang naar een nieuwe bedrijfsnaam) wilde vragen waar de açaipoeder stond, zei de mevrouw achter de kassa: ‘Ik ben even bezig, dus u mag een van mijn collega’s gaan lastig vallen’*, waarop ik prompt verbijsterd de winkel verliet. Bij de Vitaminstore hadden ze het ook niet, en net op het moment dat ik op het punt stond om midden in die winkel te gaan huilen omdat het gewoon niet eerlijk was dat ik nergens kon kopen wat ik wilde, zei een van de medewerksters: ‘Weet u dat ingevroren açai veel lekkerder is?’ Ja, dat wist ik, maar dat kon ik nergens kopen. ‘Hier wel hoor, mevrouw. 5 pakjes van 200 gr voor €10.’ Eindelijk. Met een tas vol koude blokjes açai en gelijk ook maar een smoothie met de hoopgevende naam ‘Immunity’ verliet ik heel tevreden de winkel. In mijn eerste açaibowl zaten  conform plan blauwe bessen, banaan, açai en soja-yoghurt, en ik heb er nog een dadel doorheen gepureerd; erbovenop had ik nog muesli (met rozijnen, maar verder wel lekker), frambozen en bramen. Dat waren een boel koolhydraten, maar het was vooral erg lekker. Dat ga ik vaker maken.

acai2* Dit is dus waarom ik online winkel. Ik vind het oprecht jammer voor al die noodlijdende winkels in de binnenstad, maar ik pas ervoor om me zo door een of andere omhooggevallen troela te laten behandelen.

Een schone lei

Mijn gadgets zijn heel belangrijk voor mij. In de keuken ben ik al snel geneigd om kekke apparaten aan te schaffen omdat ik denk dat ik daar beter van ga koken of gezonder van ga leven, maar in de praktijk gebruik ik eigenlijk vooral een staafmixer met handige opzetstukken, terwijl zowel mijn Magimix als mijn KitchenAid alleen uit de kast gehaald worden als ik iets echt ingewikkelds wil gaan maken en de Versapers waar ik ooit zo blij mee was staat te verstoffen in een hoekje. Maar ja, ik ben te lui om hem op Marktplaats te zetten, dus dat blijft nog wel even zo, vrees ik. Onlangs heb ik een FitBit gekocht, wat me een mooi gadget leek om bij te houden hoeveel stappen ik in een dag zet, want ik heb het gevoel dat ik, zelfs zonder het sporten mee te rekenen, een behoorlijk actief leven leid, en om me te stimuleren om meer te gaan bewegen, want het kan natuurlijk altijd beter. Ik heb veel plezier van mijn iPad, die ik gebruik voor serieuze zaken zoals het raadplegen van Notudoc tijdens raadsvergaderingen en voor minder serieuze zaken zoals het spelen van GummyDrop tijdens raadsvergaderingen. Ook mijn MacBook verdient een eervolle vermelding, want hoewel hij misschien niet per definitie een gadget is, maakt hij mijn leven wel een stuk gemakkelijker met al zijn fijne technische dingetjes. Maar mijn favoriete gadget is toch gewoon mijn iPhone. Het specifieke apparaat maakt me niet eens zo heel veel uit, ik heb een iPhone 2 gehad, een 3s, een 4, een 5s en nu heb ik een 6Plus, maar het belangrijkste is dat mijn hele leven erop staat.

so-annoyed-kim-kardashian-gif-funny-phone-disappointedJammer genoeg stond er ook een software-fout op, bleek, want als de batterij op 20% kwam, vond mijn iPhone het wel welletjes en ging hij uit. Na een half uur kon ik hem wel weer opstarten, maar dan was het vaak een kwestie van tijd voordat de batterij van 20% naar 1% sprong, en dan kon ik alsnog de tiefus krijgen. Dat kon ik namens T-Mobile ook, want er zit weliswaar 2 jaar garantie op het toestel, maar 6 maanden op de telefoon, zodat ik anderhalf jaar aan een defecte telefoon* vast leek te zitten. Gelukkig leverde overleg met Apple op dat ik het beste de telefoon helemaal kon resetten en dan moest kijken of het probleem er nog was. Dus dat heb ik gedaan. En daarmee heb ik ook gelijk een harde reset op mijn leven uitgevoerd, want ik begon weer met een totaal lege telefoon. Eng hoor, zo’n schone lei. Maar misschien ook wel prettig, want ach, wie wil er 5 jaar What’s App-berichten teruglezen? Ik grijp iedere kans aan om een nieuw leven te beginnen, dus misschien moet ik het zo maar zien. Bij iedere app uit mijn aankoopgeschiedenis kan ik me afvragen of de huidige ik die app wel nodig heeft, zodat ik al met al nu voor het eerst in jaren een telefoon heb die past bij wie ik nu ben. Best een fijn gevoel – en de batterij is ook weer hersteld.

*Het leek er op een gegeven moment zelfs op dat ik meer kans had op herstel als ik mijn telefoon beter tegen de muur zou smijten en inleverde voor een vervanging dan dat T-Mobile het huidige toestel zou repareren. Duurzaam hoor, jongens. Echt indrukwekkend.

Handige nieuwe tool

Ik heb weer een nieuwe tool om mezelf te stimuleren om dingen te doen. Want naast Personal Body Plan, dat me naar de gym trapt en me vertelt wat ik allemaal nog mag eten op een dag, mijn Passion Planner, waarin ik mijn afspraken, dromen, ambities en to do-lists bijhoud, het megaranzige notitieboekje dat in al mijn tassen woont en dient als receptakel voor random en minder random ideeën en de agenda op mijn telefoon (die synchroniseert met mijn laptop en iPad) is er natuurlijk altijd ruimte voor nog meer structuurtjes. Ik ben namelijk eigenlijk niet in staat om gewoon dingen te doen: er moet altijd een soort projectje van gemaakt worden. Soms vind ik dat belachelijk en erger ik me aan mezelf omdat ik niet normaal kan doen, maar aan de andere kant krijg ik wel veel dingen voor elkaar, en daar helpen al die malle structuurtjes me bij. Mijn nieuwe beste vriend op dit gebied is de Better Habits app voor op mijn iPhone. Ik werd hierop geattendeerd door de blog van The Self Help Hipster (ja ik weet het, ik ben een fangirl, maar ze is gaaf en ze heeft me leren Snapchatten dus ik ben haar veel verschuldigd), en ik was zeer geporteerd voor de gedachte dat ik daarmee weer wat aspecten van mijn leven op orde zou kunnen krijgen.

habits1Want waar ik vind dat het op zich prima gaat met mijn leven, blijft mijn huis een twijfelgeval. Ik weet het namelijk voor elkaar te krijgen dat ik last heb van rotzooi en heel veel rotzooi maak; je zou verwachten dat de natuur het voor elkaar weet te krijgen dat je of rommelig bent en immuun voor troep of van nature heel netjes, zodat je je niet aan troep hoeft te ergeren, maar in mijn geval is dat dus misgegaan. Ik heb altijd rotzooi om me heen. Twee weken geleden heb ik 4 uur van mijn leven geïnvesteerd in het opruimen van het huis, maar toen viel me op dat mijn troep zich eigenlijk concentreert op 3 punten: de tafel waar ik werk, de bank waar ik chill en de vloer boven waar ik al mijn kleren neerpleur als ik ze uit heb getrokken. Dus ik heb de Better Habits-app ingezet om daar wat aan te doen. Voordat ik ga slapen moet ik mijn kleren opruimen (en mijn make-up afhalen – heeft met rotzooi niks te maken, maar is broodnodige bijvangst van de app), vandaar code blauw, en als ik het pand verlaat moet ik de tafel en de bank leeg achterlaten. Als ik het doe, mag ik het aanvinken en krijg ik een bolletje, en als ik alle bolletjes vol heb (voor de beide opruim-habits heb ik 21 dagen nodig, voor de make-up van mijn smoel verwijder-habit 48, want dat is moeilijker), komt een nieuwe habit uit de wachtlijst, want je mag er van de app maximaal 3. Ik heb nog geen dag gemist en mijn huis is keurig opgeruimd, dus het werkt. Althans, voor mij. Maar ja, ik ben de enige die ik in het gareel hoef te krijgen.

habits2

Rustig aan

Voor degenen die mijn post van maandag hebben gelezen, kan het niet echt een verrassing zijn dat ik mezelf even een beetje rust heb gegund. Dat betekende in eerste instantie afzien van het strakke blogschema waar ik me aan houd (maandag en vrijdag een post, woensdag een lijstje, donderdag een plaatje of een filmpje en zondag is zindag), en vrijdag gewoon helemaal niets schrijven, en zaterdag ook niet, zodat ik pas vandaag, zondag dus, in alle rust kan schrijven. En dan ga ik geeneens antedateren (ja, dat doe ik soms), want het is wat het is. Ik heb er namelijk voor gekozen om een paar dagen een beetje rustig aan te doen. Een van de redenen dat ik zoveel stress had, was dat ik vermoedde dat er een aantal extreem drukke weken aan zitten te komen, maar ik wist niet precies hoe druk, want ik had zo’n enorme mailachterstand dat ik niet in beeld had wat wie wanneer van me wilde. Ik wist zeker dat ik dubbele afspraken had gemaakt, en daar kan ik gewoon niet zo goed tegen, want ik ben doorgaans heel erg trots op mijn agendabeheer. En als je mijn bureau zag, dan was het al gauw duidelijk dat ik het overzicht kwijt was. En mijn laptop ook trouwens. Van het constante besef achter de feiten aan te lopen, ga ik me heel erg opgejaagd voelen, en dan komt er niets meer uit mijn handen. Tijd om even af te remmen dus.

bureauDus vrijdag ben ik naar yogales gegaan, heb ik de mail en de jaarstukken van de gemeente Leiden aangepakt, de uitgaande post gedaan (dat moest heel dringend), en toen heb ik de middag vrij genomen en ben ik bij The Harbour Club in Rotterdam in de schaduw gaan zitten met mijn ebook en een steak tartare (die is daar heel goed, alleen jammer dat je €5,95 voor een broodplankje moet betalen als je liever brood wil dan friet). De middag beëindigde ik met een voortreffelijke gintonix met B bij Ballroom. ’s Avonds heb ik rustig op de bank nagedacht over alles wat ik nog moest doen, en daar een lijstje van gemaakt – als het probleem in beeld is, is het een stuk minder eng, is mijn ervaring. Gisteren heb ik uitgeslapen, toen ging ik naar de gym, en daarna hoefde ik alleen maar mijn floordrobe op te ruimen en naar de stad te gaan om een fietslampje te kopen, te borrelen met M, en schandalig luxe te dineren met M, B en J&P. Vanochtend heb ik maar liefst 4 Pomodoro’s gestoken in het oplossen van het bureauprobleem, zodat ik nu een opgeruimde werkplek heb, wat er weer toe leidt dat ik een aanzienlijke opgeruimder stemming heb. En gelijk weer energie: want ik ben spontaan een stukje gaan hardlopen, en ik bleek 4 kilometer in een half uur te kunnen rennen. Ik denk niet dat Lornah Kiplagat zich bedreigd hoeft te voelen, maar ik was er zelf wel trots op. En de week die me te wachten staat is nu ik alles weer in beeld heb gelijk een stuk minder eng.

rennen

Chagrijnig

Ik doe de laatste tijd verwoede pogingen om alles positief te benaderen. Dat schijnt te helpen, want je moet het toch meemaken, dus als je in elk geval doet alsof het leuk is, dan  heb je er tenminste een beetje plezier aan. Dus als het regent terwijl het zo onderhand al bijna juni is en we de kachel nog aan hebben staan, doe ik mijn best om te denken dat al die regen fijn is voor de plantjes. Als ik de bus mis, ga ik niet sneu staan balen bij de bushalte, maar haal ik mijn schouders op en probeer ik het als kans te zien om een stukje te wandelen, zodat ik de tijd die ik heb gekregen kan inzetten om naar de volgende halte te lopen. Dat ik mezelf bijna niet van de bank krijg omdat ik zo’n gigantische spierpijn aan mijn kont heb, heb ik in mijn hoofd al bijna weggeredeneerd naar dat het goed nieuws is dat er resultaat van al dat sporten is. De enorme berg werk die ik nog voor de yoga-opleiding moet doen en waar ik geen zak zin in heb, is in de waan die ik mezelf aanpraat een mooie kans om nog wat bij te leren over dingen waar ik niets over weet. Meestal helpt het, maar ik moet nu constateren dat de hele boel als een kaartenhuis in elkaar flikkert als er iets definitief misgaat.

televisieWant de televisie is stuk, en daar kan ik nou echt geen positieve draai aan geven. Toen ik vanochtend niet wakker kon worden, leek me koffie en Netflix een goed idee, maar dat bleef bij koffie, want de televisie gaf geen sjoege. Althans, wel geluid, maar geen beeld, en ik hou niet zo van radio. Omdat ik dacht dat de tv misschien net zo’n slow starter is als ik, heb ik hem nog wat tijd gegeven, maar ook vanmiddag, hoewel B meekeek en we alle snoertjes eruit gehaald en weer teruggestopt hebben, kon ik van de Sharp LC-26SA1E de tering krijgen. En op dat soort momenten ben ik gelijk helemaal klaar met dat achterlijke positieve gedoe: niet alleen die klote-tv, maar ook dat nare koude weer, het feit dat ik altijd die kut-bus mis, mijn reet die zo ongelooflijk veel pijn doet en die berg stom zweefhuiswerk. Wat een ellende. Hoe kan ik nou een blije draai geven aan het feit dat een niet heel goedkope televisie na 4 jaar mij de middelvinger geeft als ik hem aanzet? Sorry, maar zo positief ben ik niet van aard. Nou is het inderdaad zo dat M en ik prima een nieuwe tv kunnen kopen, en ik ben al in de stad geweest om vooronderzoek te doen, en vanaf zondagmiddag is het allemaal weer opgelost, maar ik ben nu gewoon even chagrijnig.

Facebook

Zo’n liedje waar je blij van wordt. Heel herkenbaar, die irritaties, en sinds Rome staan er weer veel mega-onflatteuze foto’s van mij op Facebook (dus dat ‘I look like Susan Boyle about to sneeze’ – zeker). Maar de neiging om iets te veel met mijn Facebook-vrienden te delen, die heb ik ook. Ik zal eens bij mezelf te rade gaan.

Winterdip

Ik heb het zo ontzettend gehad met het constante slechte weer. Ik zit in mijn kantoor (de eettafel, ik heb geen echt kantoor), onder het koepeltje dat in de uitbouw zit, en ik luister voor de duizendste keer deze winter naar het geluid van allerlei ongein die uit de lucht valt. Misschien is het regen, misschien is het hagel, misschien natte sneeuw – het zouden ook sprinkhanen kunnen zijn. Het kan me niet schelen wat het is, maar ik ben er echt helemaal klaar mee. Ik heb het koud. Het is ook koud. En niet van die fijne kou, dat je je lekker warm aankleedt en dan met het gevoel van koude lucht op je gezicht een café inloopt en warme chocolademelk drinkt, nee, van die irritante vervelende rotkou, dat je voor de tweede keer op een dag natregent, en dat je dat op zich niet merkt, want je jas was nog nat van de eerste regenbui en natter dan nat kan niet. Je kan dan wel in een café gaan zitten, en zelfs warme chocolademelk bestellen, desnoods met die stupide mini-marshmallows (want we doen toch al alsof we in America wonen), maar het maakt toch geen reet uit, want je bent natgeregend tot op je onderbroek, en daar wordt iedereen chagrijnig van. Daar komt wat mij betreft nog bij dat het ook nog de hele tijd donker is, en dat ik eigenlijk gewoon wat zon nodig heb, en wat warmte. Het is al Kerstmis geweest, dus de winter heeft me niets meer te bieden.

hot-cocoa-in-snowIk ben niet depressief van aard, of althans, dat ben ik (sinds de burn-out) op zich wel, maar niet heel erg en ik weet er meestal prima mee om te gaan, maar van een eeuwigdurende winter in combinatie met een overvolle werklast komt het in volle hevigheid aanstormen. Ik zou het liefst nu naar bed gaan en pas weer naar buiten komen als het 15 graden of warmer is, met een 0% regenkans. Ik probeer de somberheid waarmee ik door het weer besmet ben geraakt te compenseren door mooie winterjassen, prachtige mutsen, kleurrijke maillots, fijne sjaals en soep, maar het mag niet baten. Omdat ik het de hele tijd koud heb, heb ik een kruik voor mezelf besteld, een supermooie, die me zeker blij zou kunnen maken, ware het niet dat hij pas op 12 februari bezorgd zal worden (om de mail waarin mij dit werd medegedeeld heb ik 17 minuten gehuild, dat zegt genoeg, lijkt me). En mijn hele lijf doet pijn – volgens mij deels doordat ik het de hele tijd koud heb, en deels doordat ik totaal opgefokt ben, en dat komt deels doordat ik het de hele tijd koud heb. Ik kan niet op vakantie naar een warm land, want ik moet lesgeven (en ik verbrand overigens onmiddellijk in de zon, maar dat is zomergezeur). Kortom: ik zal ermee moeten leven. En dat valt me ontzettend zwaar op het moment.

De 10 van woensdag

Ik ben principieel tegen de doodstraf. Maar soms zijn er mensen die mij zozeer irriteren, dat ik ze het liefst uit de maatschappij zou verwijderen. Dat gaat dan nooit om zware criminaliteit (daar hebben we een uitstekend rechtssysteem voor), maar om lichte vergrijpen.

Deze mensen kunnen wat mij betreft naar de maan:

  1. Moeders die in openbare gelegenheden tegen hun kinderen gillen. ‘Je mag nu wel eens een andere toon tegen mij aanslaan, want als je zo gaat krijsen wordt mamma heel erg boos’ – en dat dan op een enorm volume. Van wie zou dat kind het geleerd hebben? Vast van pappa.
  2. Bejaarden die voordringen en als je er iets van zegt iets over de jeugd van tegenwoordig mompelen. Daar heb ik 2 dingen op te zeggen: ik ben helemaal niet meer jong en jij bent onbeleefd. Oh, sorry, u bent onbeleefd.
  3. Mensen die mij indirect aanspreken in de trein. ‘Misschien wil die mevrouw haar tas even verplaatsen, dan kun je daar gaan zitten.’ Misschien wel, maar vraag het die mevrouw anders even. Ze is echt de beroerdste niet.
  4. Mannen (en ja, dat zijn inderdaad alleen mannen) die met de auto via een andere baan voordringen in een drukke baan. Want alle mensen die gewoon normaal hebben voorgesorteerd staan namelijk stil in die drukke baan omdat ze het leuk vinden en ongetwijfeld minder belangrijk zijn dan die gast met die dikke Volvo onder zijn kont. Natuurlijk.
  5. Mensen die bezwaar maken tegen de toon van een email. Volgens mij hebben ze eigenlijk problemen met de inhoud van de mail, maar daarover durven ze niet in discussie te treden, want een discussie is geven en nemen. De toon is een verwijt dat een kant op gaat. Trek je ballen aan en voer een inhoudelijke discussie.
  6. En als ik dan toch over de mail bezig ben: mensen die ’s avonds om 10 uur mailen en het dan raar vinden dat je daar de volgende ochtend nog niet op gereageerd hebt. Dit zijn soms leerlingen, en die moeten nog volwassen worden, dus die vergeef ik het, maar vaak zijn het mensen die beter zouden kunnen weten.
  7. Mensen die tijdens het eten over ander eten praten. Je proeft niet wat je aan het eten bent als je aan het vertellen bent over totaal andere smaaksensaties. Dan is het dus zonde van het eten en van de moeite van degene die net uren voor je in de keuken heeft gestaan. Gewoon niet doen.
  8. Volwassenen die d/dt-fouten maken en het verschil tussen ‘jou’ en ‘jouw’ niet snappen, en als ze erop aangesproken worden zeggen dat ze het niet goed op de middelbare school hebben geleerd. Mensen, jullie zitten al 15 jaar niet meer op school. Leer iets bij als je een hiaat constateert.
  9. Mensen die in een winkel werken en achter de toonbank gezellig met elkaar staan te kletsen en dat blijven doen, ook al loop je zoekend door de zaak. Ik snap dat jullie even jullie gesprek af willen maken, dames. Maar ik koop niks bij jullie.
  10. Mensen die de rug van een nieuw boek knakken als ze het open doen. Daar heb ik echt helemaal geen tolerantie voor. Misschien moeten die toch maar wel de doodstraf krijgen.