Categorie archief: Onderwijs

Soemeya

Ik ben niet zo snel onder de indruk. Wereldreizen doen me weinig (je koopt gewoon een ticket en je gaat op reis), sportprestaties vind ik op zich wel indrukwekkend (sinds ik zelf een marathon wil lopen weet ik hoe moeilijk het kan zijn), maar voor een deel hangen die prestaties toch af van in welk lichaam je geboren bent, en mensen die een gave baan met een dik salaris gun ik de status en de pegels van harte, maar per saldo is het toch gewoon werk. Intellectuele prestaties, zoals boeken schrijven, studies afronden of dingen uitvinden, doen me doorgaans meer. Maar er is iemand die ik echt heel stoer vind, en dat is Soemeya. Soemeya is een oud-leerling van mij, ze heeft een paar jaar geleden eindexamen gedaan, en ze heeft de laatste 2 of 3 jaar van haar schoolcarrière Grieks van mij gehad. Mijn vak heeft ze, zoals al haar andere vakken, afgerond met een mooi cijfer, iets waarvoor ik mezelf overigens geen complimenten aanmatig, want dat had ze zonder mij ook wel gedaan, en daarna is ze geneeskunde gaan studeren. Dat was haar plan, en dat heeft ze ook uitgevoerd.

Maar toen Soemeya haar bachelor op zak had, ging het mis. Ze was ingedeeld voor co-schappen en had nog wat tijd over, dus er lag een plan om een mooie reis naar Azië te maken. Die reis ging niet door, want Soemeya bleek ziek: ze had Hodgkin lymfoom. Er volgde een uitvoerig traject van chemotherapie, en ze leek weer helemaal genezen. Haar haar groeide terug, ze was alweer reizen aan het plannen en haar grootste zorg met betrekking tot haar lichaam was de vraag of ze wel op tijd een summerbody zou hebben. Helaas, het liep anders: de lymfoom is weer terug, dus Soemeya gaat haar tweede chemotherapietraject in – en dan heeft ze van de week al een eierstok laten invriezen, want van de behandeling die ze krijgt zal ze onvruchtbaar worden. Allemaal dingen waar je je helemaal geen zorgen over zou moeten maken als je zo jong bent, maar het is nou eenmaal niet anders. Maar Soemeya is een stoer wijf, dus Soemeya zet haar schouders eronder: ze gaat die behandeling gewoon doen, en ze blogt erover. Want op soemeyablog.wordpress.com schrijft ze over wat haar overkomt, vanuit haar eigen unieke perspectief: als een arts in opleiding, als een positieve vrouw, als een altijd positief ingestelde dame, maar bovenal, als het stoere wijf dat ze is. Als je de komende tijd 1 blog leest, lees dan die van Soemeya.

Nog een week

Ik weet niet hoe ik het voor elkaar krijg, maar iedere onderwijsperiode lijkt wel net een week te lang voor mij. Als vandaag de herfstvakantie zou zijn begonnen, was er niks aan de hand geweest: dan had ik gevonden dat ik de afgelopen weken best hard gewerkt had, maar dat dat nu was afgelopen en dat ik een weekje kon uitrusten voordat ik weer aan de slag zou gaan.  Want daar zijn volgens mij vakanties in het onderwijs voor – je werkt eigenlijk structureel net iets teveel, en die overuren neem je in een keer op, op een moment dat de schoolleiding, de regio, het Ministerie van Onderwijs of een andere duistere kracht besluit dat het tijd is om ervoor te zorgen dat de docenten pas op de plaats maken en weer normaal worden. En dan kan je na een week uitrusten (thuis of in het buitenland), je achterstallige klussen doen (hallo BTW-aangifte en rommelig bureau), de contacten met je vrienden weer aantrekken (voorzover die vrienden niet inmiddels al zijn afgehaakt omdat ze geen zin hebben hun relatie met jou te laten bepalen door de schoolvakanties) en plannen maken voor de komende periode (plannen maken houdt nooit op natuurlijk). Dat doe ik dan ook, niet eens met frisse tegenzin, maar met het gevoel dat ik de batterij had opgeladen voordat het Duracell-konijntje (ik ben in deze vergelijking zowel de batterij-oplader als het konijn, excuses daarvoor) niet zozeer was gestopt met trommelen, als wel gewoon omgelazerd.

duracell1

Maar doordat ik deze week nog helemaal geen vakantie heb, voel ik me heel anders. De periode van de zomervakantie tot de herfstvakantie valt me overigens altijd al het zwaarst, volgens mij omdat de zomervakantie zo lang was, zodat ik minder makkelijk in het gareel val, maar het maakt niet zoveel uit waar het door komt; het is zo. En dan komt er nog bij dat ik mezelf overtraind had, met alle gevolgen van dien. Ik heb nu meer tijd voor andere dingen omdat ik op het moment geen krachttraining doe, maar ik heb geen zak energie, dus aan die tijd heb ik niet zo veel. In de gemeenteraad staat voor deze week een voor mijn portefeuille extreem belangrijk punt op de agenda, en daarmee ook een gigantisch lange vergadering, het heeft school behaagd een voor alle docenten verplichte studiemiddag op donderdag in te plannen, waardoor ik een bonusdag naar school mag (om te vergaderen, joechei), en aan het eind van deze week loop ik dus eindelijk die halve marathon waar ik al tijden voor train. Enerzijds schikt dat helemaal niet, omdat ik zo weinig fut heb, anderzijds dwingt het me om juist deze week extra goed voor mezelf te zorgen, zodat ik er zondag misschien niet klaar voor ben, maar wel zo klaar mogelijk. Dus op mijn to do-list voor deze week staat ‘Op tijd naar bed, elke dag een smoothie, geen rotzooi eten, GEEN ALCOHOL’, en dat alles is sowieso wel verstandig, want ik vermoed dat ik het anders helemaal niet zou redden. Ik mag nog 2 keer een klein beetje rennen, en verder moet ik me rustig houden. Op zich een mooie voorbereiding voor de vakantie. Ik kan niet wachten!

duracell 2

Daar gaan we weer

Ik kan het niet langer ontkennen: de zomervakantie is voorbij. De zomer niet, heb ik de indruk, want zoals altijd wordt er een hittegolf aangekondigd voor de eerste dag waarop ik weer aan het werk ga, maar ik zal me moeten neerleggen bij de harde realiteit dat het, in elk geval voor mij, voorlopig even gedaan is met het nietsdoen. Ik ben op 31 juli teruggekeerd uit Noorwegen, waar M en ik hebben genoten van een heerlijke vakantie, 2900 kilometer hebben gereden met een enorme Toyota Auris stationwagon (Auris betekent kennelijk ‘gigantische unit’ in het Japans), gegeten hebben van de meest uitgebreide ontbijtbuffetten, en hebben gekeken naar fjorden, watervallen en sneeuw. Oh ja, en een inblikmuseum bezocht. En een rockmuseum. Ik had de stellige intentie om zodra ik terug was weer te gaan bloggen, maar het wilde maar niet lukken. Ik had geen inspiratie, geen zin om achter de laptop te gaan zitten en geen verplichting om met allerlei teksten over de brug te komen, dus ik ben keurig 3 weken achter elkaar ingelogd om de datum in de ‘ik ben weer terug op…’-tekst nog een weekje op te schuiven. Vorige week begon het al een stuk meer op een normaal leven te lijken, omdat ik me had aangemeld voor de Zomerschool Klassieke Talen aan de VU. Drie dagen lang om half 7 op is een mooie voorbereiding op het jaar, zeker als dat betekent dat ik, naast hernieuwde wekkerdiscipline, ook al bijna alle examenteksten heb gelezen. En met mijn nieuwe pennen heb kunnen schrijven.

cursusMaar vandaag begon het natuurlijk echt. De docenten in mijn regio, ik geloof dat het ‘midden’ is, mochten zich vandaag weer melden. Op sommige scholen werd ook gelijk met de leerlingen aan de slag gegaan, maar die van ons hebben nog een dagje respijt – terwijl wij achtereenvolgens mochten genieten van de programma-onderdelen koffiedrinken en bijkletsen over de vakantie (vind ik vreselijk, ik heb helemaal geen zin om over mijn vakantie te vertellen, laat staan een uitgebreid verhaal te horen over de vakantie van een ander), een Algemene PersoneelsVergadering (altijd mooi, zoals ik me weet te ergeren aan het woord ‘personeel’ als dat op mij van toepassing is), een lezing van de YoungWorks over ruimte bieden voor de talenten van leerlingen (zou ik cynisch over kunnen doen, maar ik vond het eigenlijk wel mooi), een lunch aangeboden door de school (in het kader van ‘wen er maar niet aan, de volgende keer dat je geen eigen zompig pakketje brood uit je tas hoeft te eten is de Kerstlunch’), een sectievergadering (we zijn inmiddels met 6 dames en 1 heer, die allemaal wel ergens iets van vinden, dus dat duurt even) en een vergadering voor alle tutoren (waarbij de eerste collega die boos wegliep en met deuren smeet zich alweer aandiende). Tussendoor heb ik planners gemaakt en me voorbereid op de activiteiten van dinsdag en woensdag: 2 dagen lang een workshop ‘ontspannen’ geven aan leerlingen van de 6de klas. Al met al geen rustige dag, maar ik voelde me gelijk weer aan alle kanten geïnspireerd. Ook om te bloggen. Ik ben er weer!

school

Diplomauitreiking

Afgelopen donderdag was er diplomauitreiking op school. In mijn tijd, althans, toen ik zelf op school zat (ik vind dat het nog steeds mijn tijd is), was de diplomauitreiking veel eerder, namelijk tamelijk dicht op de uitslag van het eerste tijdvak. Iedereen die in een keer geslaagd was kreeg op een feestelijke bijeenkomst, gehuld in een even feestelijke outfit, in aanwezigheid van familie, vrienden en docenten zijn of haar diploma, terwijl de leerlingen die om de een of andere reden een herexamen nodig hadden en dus later pas te horen kregen dat ze geslaagd waren hun papiertje op een tochtige gang overhandigd kregen, waarbij het helemaal niemand ene moer kon schelen wat ze aan hadden getrokken of wie ze bij zich hadden. Dan hadden ze maar beter hun best moeten doen en in een keer de buit binnen moeten halen, was denk ik de gedachte daarachter. Maar nu is het gelukkig anders, want we wachten gewoon tot na de herkansing. We kunnen dan ook zeggen wat het definitieve slagingspercentage is, er zijn meer blije mensen (sterker nog, de herkansers zijn vaak nog blijer dan de mensen die gelijk geslaagd zijn) en uiteindelijk maakt het natuurlijk niets uit of je een herexamen nodig had om je papiertje te halen, dus als ieder papiertje gelijk is kan de uitreiking ook wel op hetzelfde moment plaatsvinden. Bovendien is een diplomauitreiking na de uitslag van het tweede tijdvak zo’n beetje de laatste officiële handeling van het schooljaar, en dat is een mooie manier om het jaar af te sluiten.

tutorleerlingenDe opzet van een diplomauitreiking is eigenlijk altijd hetzelfde: een praatje van de rector, een praatje van de conrector, alle mentoren (of tutoren, zoals ze bij ons heten) spreken hun eigen leerlingen toe, tussendoor een optreden van een of meerdere muzikaal getalenteerde leerlingen, een praatje van een betrokken ouder die een geschenk aanbiedt en een valedictorian speech, omdat alles steeds Amerikaanser wordt en wij dus ook graag een leerling iets enthousiasmerends horen zeggen. Tussendoor gaan we naar buiten om een trotse foto te maken. Omdat onze school steeds groter wordt, waren we nu onder strikte orders om ons praatje niet langer dan 1 minuut per leerling te laten zijn – we moesten het eigenlijk uitschrijven en oefenen met de timer in de hand. Ik heb dat niet gedaan. Niet omdat ik een rebel ben, wat zo is, of omdat ik niet met een uitgeschreven praatje kan werken, wat overigens ook zo is, maar omdat ik van mezelf weet dat ik me toch niet houd aan een uitgeschreven tekst, dus dat ik net zo goed niet kon oefenen, want de oefening zou niets met de realiteit te maken hebben. Gelukkig ging het goed – na afloop bleek ik 9 minuten hebben gedaan over het toespreken van de 8 tutorleerlingen die een diploma gehaald hebben. Maar belangrijker nog dan het parcours presque correct dans le temps is wat mij betreft dat alle leerlingen het praatje hebben gekregen dat ze verdienden. Het zijn stuk voor stuk bijzondere individuen die op hun eigen manier veel meer dan 1 minuut in de spotlights verdienen. Maar ik weet zeker dat ze die allemaal nog wel gaan krijgen. Ik ben trots op mijn minions!

tutorleerlingen2

(De nauwkeurige teller telt 7 en geen 8 leerlingen op de tutorselfie. Niemand weet waar Max was toen deze foto gemaakt werd – zelfs Max niet.)

Nieuwe dingen

Een tijdje geleden had ik een mooi plan bedacht. De mensen die mij gecoacht hebben toen ik een burn-out had, gingen beginnen met een opleiding voor mensen die ook coach willen worden, en dat leek me wel wat. Ik zag namelijk wel een rol voor mezelf weggelegd binnen de grote onderwijsstichting waar mijn school toe behoort om mensen te coachen voordat ze in een reïntegratietraject terecht komen. Want als je al zo ver heen bent, dan is er meer schade aangericht dan als er eerder iemand ondersteuning biedt. Ik denk namelijk dat er veel mensen zijn die er wat aan zouden hebben om als ze het gevoel hebben dat een en ander, of misschien zelf wel alles, door hun vingers glipt, wat hulp te krijgen, en in het licht van de grote hoeveelheid geld die tegenwoordig wordt uitgegeven aan docenten die het allemaal teveel is geworden en na een periode thuis weer aan het werk willen, vond ik het een strak plan om binnen schoolorganisaties een aantal opgeleide coaches aan te stellen, die laagdrempelig zijn, want het zijn maar collega’s, maar die ook ingewerkt zijn in de specifieke problemen van de school. De voorzitter van het College van Bestuur van de onderwijsstichting dacht er helaas anders over, dus ik heb het plan moeten afblazen.151022113541-johan-cruyff-2-super-169Van K, die in de schoolleiding zit, kreeg ik een lief mailtje, waarin ze zei dat ze had begrepen dat ik een dikke nee had gekregen op mijn plan en dat ze zich kon voorstellen dat ik daardoor gedemotiveerd geraakt was. Dat viel op zich wel mee (al moest ik door die mail wel even slikken), maar ik bleef het wel jammer vinden. Want ik zie mezelf eerlijk gezegd ook niet de komende 30 jaar grammatica onderwijzen, en managementfuncties zijn niets voor mij. Tenminste, die zijn voor mij het voorgeborchte van een reïntegratietraject, dus dat lijkt me geen goed idee. Mijn idee was om me in elk geval voor de korte termijn neer te leggen bij het feit dat ik voorlopig geen coach zou worden en me te beraden op de vraag wat ik dan zou gaan doen. Maar dat hoefde niet, want ik heb onlangs een gesprek met dezelfde K gehad, die mij vertelde dat de school, dus niet de onderwijsstichting, wel behoefte had om mij als coach in te zetten, en dat ik zelfs met een genereus budget een opleiding mocht kiezen om te gaan volgen. Dus nu ben ik me vol enthousiasme aan het oriënteren op opleidingen, want ik wil natuurlijk wel een goeie. En ik ben nu al, met nog ruim 2 maanden van het huidige schooljaar te gaan, enorm gemotiveerd voor het nieuwe schooljaar. Mooi toch?

Griepgolf

griepgolf

Er schijnt weer een griepgolf te zijn – mijn moeder was vorige week ziek, en ik zie aan de  hoeveelheid absenten op school, zowel onder de leerlingen als onder de collega’s, dat er een tsunami aan bacillen in de rondte vliegt. Dus als iedereen eens even fijn een stukje niet op mij uitademt, zou ik dat zeer waarderen. Alvast bedankt, mensen!

In memoriam

Er zijn docenten die je nooit zal vergeten. Sommigen omdat ze heel goed waren, anderen omdat ze helemaal niet zo goed waren, weer anderen om hun humor, vriendelijkheid, kennis van zaken of iets heel anders. Maar het zijn altijd docenten van wie je iets leert, of het nou het vak is dat ze gaven of iets anders. Gisteren is Simon Peters overleden, de eerste en enige docent Grieks die ik op de middelbare school heb gehad, dus ik kan met zekerheid zeggen dat hij aan de basis van mijn kennis van het Grieks heeft gestaan, maar er was meer: ook mijn interesse in de Oudheid in het algemeen is voor een belangrijk deel door hem opgestart. Hij was een van de weinige mensen die mij ooit rijtjes heeft laten leren. Als wij aan het begin van de les nog aan het kletsen waren en hij wilde met de les beginnen, tikte hij met zijn trouwring op de rand van het bureau, en dan werd het stil – als ik dat zou proberen, zouden mijn leerlingen het getik niet eens horen, dus ik vermoed dat de natuurlijke rust die hij uitstraalde hier stevig aan bijdroeg.

Toen ik in de vijfde klas zat, stelde hij ons de vraag: ‘Als je een zak kersen hebt, en je weet dat de helft lekker is, en de helft minder, begin je dan met de lekkere kersen of met de minder lekkere kersen?’ Mijn klasgenoten beargumenteerden hun keuze (beginnen met de lekkere, want je weet maar nooit, of beginnen met de minder lekkere, want dan heb je nog iets lekkers voor de boeg), maar mijn keuze (‘ik eet gewoon kersen en ik zie wel of ze lekker zijn of niet’) wekte bij meneer Peters een verbijsterde reactie op: ‘Jij komt nog een keer in de gevangenis.’ Die voorspelling is gelukkig vooralsnog niet uitgekomen. Hij kon prachtig vertellen, met zijn rustige, zachte stem, en ik zal sommige Griekse teksten altijd met hem blijven associëren. Net als dit gedicht; ik heb meneer Peters nooit zien roken, maar als ik ‘Woordjes leren’ van Jan Eijkelboom lees, moet ik meteen aan hem denken. En vandaag doe ik dat met gepaste dankbaarheid.

WOORDJES LEREN

Jongens, heb je verdriet,
sprak toen de leraar Grieks,

dan moet je woordjes leren, woordjes
leren. Hij knikte energiek

zodat er as viel op zijn vest,
maar dat was toch al vies.

Wij lachten halfvertederd,
halfmeewarig, want tragiek

daar wist je alles van en hij,
heel oud, haast vijftig, niets.

En dat het overging als je maar
woordjes leerde, dat was iets

zo absurds, zo dolkomieks
dat het in omloop kwam als een

gevleugeld woord. Het klapwiekt
nu verdrietig om mij heen

omdat ik later woordjes leerde
waarmee je ’t monster kunt bezweren

en ik hem niet meer zeggen kan
hoe ik soms naar die stem verlang,
naar dat onhandige advies.

Allemaal onvoldoende

Deze week werd bij Jinek aandacht besteed aan Rundfunk, en toen zijn M en ik gelijk gaan kijken op Uitzending Gemist. De clipjes bij Jinek waren misschien wel leuker dan het programma als geheel, maar deze leraar Duits, vertolkt door Pierre Bokma, die natuurlijk sowieso geniaal is, vind ik toch wel geweldig. Ik zou weer bijna zin krijgen om naar school te gaan. Bijna.

Laatste dag

En toen was het ineens vakantie. Na weken, ok, laten we eerlijk zijn, maanden gejammer over hoe druk ik het heb en dat ik dringend aan vakantie toe ben, is het ineens zo ver. Gisteren had ik de laatste raadsvergadering voor het reces (en die duurde dan, waarschijnlijk om ons met een volledige ervaring de zomer in te sturen, gelukkig wel van 16.00 tot 0.30). Ik mocht zelf niets zeggen tijdens de vergadering, althans, niets door de microfoon, ik heb me in diverse What’sApp-groepen stevig laten gelden, maar 2 amendementen die ik had geschreven en 1 amendement waarbij ik intensief betrokken ben geweest zijn aangenomen, dus ik mag op de valreep nog spreken van een succesvol politiek jaar. Vandaag moest ik nog een halve dag naar school, want ik moest met een collega die met pensioen gaat overleggen over de modules Kunstgeschiedenis Griekenland en Kunstgeschiedenis Rome die hij al jaren geeft en die ik nu ga geven: daar zit voor mij nog een mooie zomerklus in, want ik vermoed dat een plaatje op het scherm knallen en zeggen ‘Dit is een tempel’ zelfs voor de meest passieve leerling als onvoldoende kennisoverdracht zal worden ervaren. Daarna mocht ik mijn tutorleerlingen hun rapporten overhandigen en toen was er een APV.*

lavendelEn daarmee was ik ook echt klaar. Om 12.30 werd ik door B op school opgehaald en toen hebben we de vakantie ingeluid met een mooie lunch op een rustig terras, waar ik uiterst relaxed Salade Niçoise en gebakken roodbaars heb gegeten en naar een grote hoeveelheid lavendel met allerlei bijtjes erin heb zitten kijken. Dat is dus best wel heel erg ontspannend. Voor de middag hadden we ook niet veel op de agenda staan: op zich hebben we een app die afgemaakt moet worden, maar ja, dat moet hij al heel lang, en het was lekker weer, en, en ik herhaal mezelf nog maar een keer, het was de laatste dag. Dus we zijn naar de Sligro gegaan om boodschappen te doen en hebben de rest van de middag in de tuin doorgebracht, met water met watermeloen en limoen erin (want het is tegenwoordig pas echt ontspannen als je hip water drinkt, schijnt, en ik waai met alle trend-winden mee), een stapel oude Volkskrant Magazines en mijn ebook. Aan het eind van de dag ging de Big Green Egg aan, zodat ik oesters kon stomen en rib-eye kon grillen, en toen hadden we echt een instant vakantiegevoel. Heerlijk. En nu nog zeven weken voor de boeg – ik heb een to do-list (natuurlijk heb ik een to do-list, mensen, jullie kennen me), maar daar hoef ik nog even niet aan te denken.

* Algemene Personeels Vergadering. Geen politieverordening.

Rome

Zo, dat was weer een Rome-reis. Enkele getallen: 10 docenten, 103 leerlingen op de heenweg, 102 op de terugweg, 2 blaastests, 3 hotels, in totaal 12 bussen van busmaatschappijen, ontelbare bus- en metroritten, 1 blaar, 18 kerken, veel kilometer gelopen (ja, dat is geen getal, maar de meetapp laat het afweten), 5 artisjokken, 12 dubbele espresso’s, 4 huilende leerlingen, 1 paraplu en 1 miljard foto’s. En van dat laatste hier een bescheiden selectie.

1. Rotterdam Airport

Rome1

We vertrokken voor het gevoel voor de leerlingen extreem vroeg, namelijk 05.00 in de ochtend, en het was ook vroeg, maar voor de docenten een half uur later dan het jaar ervoor, dus wij voelden ons nog relatief uitgeslapen. Op Rotterdam Airport, toch een van de meest deprimerende plaatsen in Nederland, heb ik vooral veel koffie gedronken, zodat ik totaal opgelierd was voor 8 dagen intensief pubercontact. In Rome werden we opgehaald door 2 bussen, die ons naar onze hotels brachten. We hadden namelijk 2 hotels dit jaar, omdat de groep zo groot was dat hij niet in 1 hotel te plaatsen was. Wij hadden het hotel dat iets verder van Termini af lag, met het iets slechtere ontbijt, maar het was verder prima. Niet te veel luis, maar ook niet te weinig.

2. Boog van Constantijn

Rome2Voor de eerste dag hadden we gelijk een boel items op het programma staan: de Santa Prassede (die dicht was – er zijn altijd kerken dicht, maar het is natuurlijk wel een behoorlijke bummer als het gelijk de eerste kerk op dag 1 is), de Santa Maria Maggiore, en na de lunch troffen we de leerlingen bij de boog van Constantijn voor een Elfstenentocht (een speurtocht over het Forum Romanum). Daarna nog een kerk, tijd voor het diner, en met zijn allen terug naar het Forum voor een wandeling over de keizerfora. Dat was een vol programma, zeker voor mensen met weinig slaap, maar dan hadden ze in elk geval al veel gezien, en de kans dat ze nog de hele nacht in het hotel zouden keten was ook minimaal.

3. Melanzane alla parmigiana

Rome3Het eten op een Rome-reis is natuurlijk een van de hoogtepunten. Het is voor iemand die geen koolhydraten eet weleens lastig om in sommige zaken iets te kunnen vinden dat binnen het dieet past – vorig jaar had ik een lunch die bestond uit een bol mozzarella, lekker op zich, maar ik werd er niet bepaald blij van – maar ik heb veel heerlijke dingen gegeten. Deze melanzane, bij restaurant Elettra (een van de vaste adresjes), was zalig. We hebben ook weer bij Orso ’80 gegeten, een adres dat ik nog heb van toen ik met mijn vader in Rome was, en dat was wederom heel fijn. Ik had zelf ontbijt meegenomen (spullen voor overnight oats) en ik had pakken groentesap bij de EkoPlaza gekocht, maar die vond ik niet zo’n succes. Na me een week mijn benen uit mijn reet te hebben gelopen en me zo strikt mogelijk aan het dieet te hebben gehouden, was ik 6 ons aangekomen. Overkomelijk, lijkt me.

4. De leerlingen (en het Colosseum)

Rome4We hadden 103 leerlingen meegenomen, zoals gezegd verspreid over 2 hotels. Dat had tot gevolg dat we met de leerlingen in ons hotel iets meer contact hadden dan met de andere leerlingen, maar gelukkig hadden we geen vaste groep voor het dagprogramma, dus ik geloof dat ik ze allemaal wel gezien heb. Het was een heel leuke groep kinderen, 30 meer dan vorig jaar, maar het voelde als 30 minder: ze waren vrolijk, geïnteresseerd, precies ondeugend genoeg, grappig, gemotiveerd en ze onderwierpen zich gelaten aan de blaastests. Want dit was een alcoholvrije reis, vanwege de wetgeving in Nederland en Italië, en omdat het veel gezeik met kotsende leerlingen voorkomt. We hebben in totaal ongeveer 8 gele kaarten voor alcoholgebruik moeten uitdelen, en er is 1 leerling eerder naar huis gegaan wegens rood, maar op 103 leerlingen is dat niet eens zo’n slechte score. We zijn met 102 teruggekeerd, ook al dreigden we er eerder nog een te verliezen omdat hij in een foute taxi was gestapt.

5. Het weer

Rome5

Meestal hebben we als we in Rome zijn schitterend weer, met maximaal 1 dag regen. In dat opzicht hadden we dit jaar pech, want het was prima weer, met 2 dagen gigantische hoosbuien. Tijdens de zogeheten kerkendag (waarop we er ongeveer 11 in een keer doorheen rammen) was het overdag nog wel te doen, want er viel hier en daar een spatje, maar toen collega R en ik uit L’Antica Birreria Peroni kwamen, bleek het echt met bakken uit de lucht te komen. Na het eten hebben we het avondprogramma moeten afblazen, maar de docenten, hier allemaal verenigd op een uitzonderlijk natte selfie, waren wel op tijd op het meldpunt. Als enigen. Ondanks de regenbuien hebben we allemaal wel een beetje een kleurtje gekregen in Rome, en in Pompeii scheen de zon gewoon weer, dus hebben we lekker buiten gepicknickt.

6. De thermen van Caracalla

Rome6

Een van de manieren om te voorkomen dat alle Romereizen in mijn herinnering tot een ondefinieerbare klont samensmelten is ervoor zorgen dat er elk jaar ook iets nieuws op het programma staat. Dit jaar waren dat in het tweede keuzeprogramma (want we hebben veel nieuwe werkvormen ingevoerd: een keuzeprogramma met diverse musea, een keuzeprogramma met gebouwen en 3 speurtochten van verschillende aard) voor mij de thermen van Caracalla, waar ik ooit wel geweest ben, maar die me niet waren bijgebleven, maar die nu onder leiding van collega M heel goed te doen bleken. Anders dan andere jaren hebben we dit jaar veel zelf gepresenteerd, en het niet door de leerlingen laten doen, wat betekende dat de inhoud die we overdroegen van een iets ander niveau was dan gebruikelijk, maar ook dat we veel moesten voorbereiden. Leuk, op zich, maar veel werk.

7. Artisjokken

Rome7Tijdens een van de speurtochten waren R, K en ik de controlepost in het Joodse ghetto van Rome. Door het manier waarop het programma is opgezet, komen we daar elk jaar wel, maar dan drinken we alleen maar koffie, omdat het altijd rond 11 uur in de ochtend is. Ik kijk dan wel mijn ogen uit naar de tafels vol artisjokken die ik daar zie. Omdat we nu een avond in die wijk konden doorbrengen, heb ik eindelijk een keer een carciofo alla giudia gegeten: gefrituurd, zodat je dat hele ding kon consumeren. Superlekker. En daarom heb ik de volgende dag nog een keer hetzelfde besteld, en de dag daarna weer. Ik had al een gewone artisjok gegeten, dus ik zal me deze reis herinneren als de reis met de allerhoogste artisjok-index ooit.

8. De juffenmodus

Rome8

Dit is een actiefoto van mij voor de porticus van Octavia, waar helemaal niks te zien was omdat dat ding in de steigers staat. Maar een docent op Romereis laat zich niet afpoeieren door steigers of gesloten kerken: collega S heeft een presentatie gehouden voor een dichte Sant’Andrea al Quirinale, omdat ze dat gewoon een heel mooie kerk vindt en met haar enthousiaste verhaal de leerlingen prima kan vertellen wat binnen te zien is, en ik wilde heel graag iets vertellen over de steen die is ingemetseld in de porticus, waarop een vis is afgebeeld met de mededeling dat van vissen die langer waren dan die vis de beste delen naar het stadsbestuur moeten, want dat vind ik een leuk weetje. En dat is natuurlijk gelijk het gevaar van de juffenmodus – dat ik het leuk vind om te vertellen betekent natuurlijk geenszins dat de kids het leuk vinden om te horen. Maar dat is niet altijd mijn probleem.

9. Selfies

Rome9Naast de standaard zonnebrillen- en parapluverkopers in Rome zijn er nu ook selfiestickverkopers. Ik heb van hun aanbod geen gebruik gemaakt, want mijn armen zijn lang genoeg, maar er zijn ontzettend veel selfies gemaakt dit jaar. Ik ben door de leerlingen ook toegevoegd aan een Rome-selfie-whatsappgroep, waardoor mijn telefoon nu vol staat met foto’s van hoofden van leerlingen voor monumenten, kunstwerken, of gewoon in de bus, maar deze is mijn favoriet, want dit is tegelijkertijd een museumselfie (in de Vaticaanse musea, voor de Laokoön-groep, een beeld dat ik graag zie), en een zogeheten ‘melfie’, want de fotograaf in kwestie heet Mels en hij maakt heel graag en vooral heel veel selfies. Op zich is het ook heel bijzonder dat ik lachend in het Vaticaan ben gefotografeerd, want ik vind dat een afschuwelijk oord.

10. De laatste avond

Rome10

Nou vooruit, nog 1 selfie, omdat het kan. En omdat het wel mooi is om hem te vergelijken met de selfie van het vliegveld op de heenweg, want dit is een foto gemaakt tijdens het diner in Hotel Victoria in Pompeii, op de laatste avond. Het is de enige avond dat we met de leerlingen eten, en dat is altijd wel gezellig. We eten elk jaar hetzelfde (pasta met rooie saus, vlees met wat groenten en aardappeltjes, en ijs), maar dit jaar hadden ze iets beter hun best gedaan en was het zowaar lekker. Dat heb ik gehoord althans, want collega S, die uitstekend Italiaans spreekt, had voor mij een salade en prosciutto con melone geregeld, dus ik was sowieso heel tevreden. Na dit diner is er door de leerlingen nog een spelletje gedaan, en toen ging iedereen slapen. Denk ik, want ik sliep zo hard dat ik het niet gemerkt zou hebben als ze voor mijn deur een volledige musicalproductie zouden hebben opgezet.

En dat was het. Weer een Romereis verder. Ik vond het een zeer geslaagde reis, door de leerlingen, de collega’s, de stad en de sfeer in de groep, en ik neem me nu, net als elk jaar, weer voor om de reis van volgend jaar beter voor te bereiden. Maar ook als dat niet lukt heb ik inmiddels wel zo veel ervaring dat ik overal wel iets over weet te vertellen. En dat ook met verve doe.