Categorie archief: Politiek

Brexit

Ik ben een Britse. Ik woon al 38 jaar in Nederland, ik heb een vestigingsvergunning voor onbepaalde duur en een werkvergunning; ik zou zonder enige moeite een Nederlands paspoort kunnen krijgen, maar ik ben erg gehecht aan mijn Britse nationaliteit. Althans, dat was ik, tot ik vrijdag de uitslag van het EU-referendum zag. Want nu weet ik het niet meer: is dit Engeland nou het land waar ik bij wil horen? Een land dat bewust kiest om in hoge snelheid meerdere stappen achteruit te zetten, om de kansen voor hun jongeren om in Europa te studeren aanzienlijk kleiner te maken of zelfs tot nul te reduceren, om actief bij te dragen aan de werkloosheid van de burgers door bedrijven met EU-aspiraties het land uit te drijven en om een grote muur op te zetten die import en export van producten flink complexer zal maken.
Zelf mocht ik overigens niet eens stemmen, want het stemsysteem in Engeland zorgt ervoor dat een Britse die zo EU-georiënteerd is dat ze langdurig ergens anders in Europa woont, niet mag meestemmen over de deelname van haar eigen land aan precies die EU. Ik voel me, in the words of the bard, behoorlijk verneukt.

brexit_AHet is me vooralsnog volledig onduidelijk wat de gevolgen van een Brexit zullen zijn voor alle Britse expats die in Europa wonen. Moet ik, als ik terugkom van vakantie, nu op Schiphol langs de ‘non-EU citizens’-balie? Mag ik hier überhaupt nog werken? Kan ik in de gemeenteraad blijven?
Is het verstandig om me zo snel mogelijk te laten naturaliseren tot Nederlandse? Maar het gaat natuurlijk niet om mij. Het gaat om de mensen die, onder invloed van politici die vanuit eigenbelang handelden, hebben gestemd zonder na te denken over de gevolgen. Het gaat om de politici in andere landen die mee willen in de slipstream van wat er in dat niet zo heel Verenigd Koninkrijk is gebeurd. Het gaat om referenda waarin mensen denken dat ze hun onvrede over van alles kunnen verwoorden door een eenvoudig ‘blijven’ of ‘weggaan’.

13439151_849666245167034_5397004172866994712_nZo eenvoudig is het niet. Als D66-er zou ik in principe enthousiast moeten zijn over referenda, maar inmiddels weet ik het zo net nog niet. Een referendum is een krachtig instrument dat ingezet kan worden om aan de burgers van een land te vragen wat ze vinden met betrekking tot onderwerpen waarover ze zich tijdens de landelijke verkiezingen niet hebben kunnen uitspreken (doordat die onderwerpen later pas zijn opgekomen), maar dat betekent niet dat een referendum een middel mag zijn om mensen die zich onprettig voelen met de gang van zaken in het algemeen die gevoelens tot uiting te laten brengen door middel van een enkele vraag. Daar is doorgaans de materie te complex voor.
De roep in Nederland om een referendum over een eventuele Nexit is wat mij nu ervan weerhoudt om me te laten naturaliseren. Ik ben nu als Britse al verneukt door een referendum, ik laat me dat niet ook als Nederlandse overkomen. Maar ik hoop ook dat de Nederlanders zich dat niet laten gebeuren.

Laatste dag

En toen was het ineens vakantie. Na weken, ok, laten we eerlijk zijn, maanden gejammer over hoe druk ik het heb en dat ik dringend aan vakantie toe ben, is het ineens zo ver. Gisteren had ik de laatste raadsvergadering voor het reces (en die duurde dan, waarschijnlijk om ons met een volledige ervaring de zomer in te sturen, gelukkig wel van 16.00 tot 0.30). Ik mocht zelf niets zeggen tijdens de vergadering, althans, niets door de microfoon, ik heb me in diverse What’sApp-groepen stevig laten gelden, maar 2 amendementen die ik had geschreven en 1 amendement waarbij ik intensief betrokken ben geweest zijn aangenomen, dus ik mag op de valreep nog spreken van een succesvol politiek jaar. Vandaag moest ik nog een halve dag naar school, want ik moest met een collega die met pensioen gaat overleggen over de modules Kunstgeschiedenis Griekenland en Kunstgeschiedenis Rome die hij al jaren geeft en die ik nu ga geven: daar zit voor mij nog een mooie zomerklus in, want ik vermoed dat een plaatje op het scherm knallen en zeggen ‘Dit is een tempel’ zelfs voor de meest passieve leerling als onvoldoende kennisoverdracht zal worden ervaren. Daarna mocht ik mijn tutorleerlingen hun rapporten overhandigen en toen was er een APV.*

lavendelEn daarmee was ik ook echt klaar. Om 12.30 werd ik door B op school opgehaald en toen hebben we de vakantie ingeluid met een mooie lunch op een rustig terras, waar ik uiterst relaxed Salade Niçoise en gebakken roodbaars heb gegeten en naar een grote hoeveelheid lavendel met allerlei bijtjes erin heb zitten kijken. Dat is dus best wel heel erg ontspannend. Voor de middag hadden we ook niet veel op de agenda staan: op zich hebben we een app die afgemaakt moet worden, maar ja, dat moet hij al heel lang, en het was lekker weer, en, en ik herhaal mezelf nog maar een keer, het was de laatste dag. Dus we zijn naar de Sligro gegaan om boodschappen te doen en hebben de rest van de middag in de tuin doorgebracht, met water met watermeloen en limoen erin (want het is tegenwoordig pas echt ontspannen als je hip water drinkt, schijnt, en ik waai met alle trend-winden mee), een stapel oude Volkskrant Magazines en mijn ebook. Aan het eind van de dag ging de Big Green Egg aan, zodat ik oesters kon stomen en rib-eye kon grillen, en toen hadden we echt een instant vakantiegevoel. Heerlijk. En nu nog zeven weken voor de boeg – ik heb een to do-list (natuurlijk heb ik een to do-list, mensen, jullie kennen me), maar daar hoef ik nog even niet aan te denken.

* Algemene Personeels Vergadering. Geen politieverordening.

Vakantie

Omdat ik alleen les geef op dinsdag en woensdag, is mijn vakantie nu officieel al afgelopen. Dit jaar hadden docenten voor het eerst niet zeven, maar zes weken vakantie: dat had te maken met een ingewikkelde constructie die er formeel op neerkwam dat we minder hard moesten werken omdat alle ellende een week langer uitgespreid kon worden, maar waar ik weinig voordeel van heb gemerkt. Naar mijn perceptie moest ik gewoon een week extra werken, en je kan het verpakken hoe je het wilt, maar een week extra werken is een week extra werken, en daar zit voor mijn gevoel gewoon geen werkdrukverlichting in. Maar er ligt natuurlijk iets anders achter, en dat is dat je als docent sowieso de hele tijd aan mensen moet uitleggen waarom je überhaupt zo lang vakantie nodig hebt in de zomer. Je hebt tenslotte ook al vakantie met kerst, en de krokusvakantie, en de meivakantie, en al die vrije dagen, en alle weekends zijn vrij en bovendien ben je elke dag om 15.15 klaar. Als je het afrondt, werken we helemaal niet, dus wat is nou eigenlijk precies het probleem?

school3Volgens mij ligt het toch anders. Een volledige baan van een docent is net zoals een volledige ‘echte’ baan 36 uur, en dat is gemiddeld genomen per week, dus inclusief al die vakantiedagen waarop de maatschappij denkt dat wij gewoon van hun belastingcenten thuis liggen te chillen. Dat betekent dat er kennelijk vanuit wordt gegaan dat wij in de lesperiodes structureel overwerken, en dat klopt ook: als we namelijk om 15.15 klaar zijn met lesgeven (en dat is overigens meestal 16.15, maar goed), mogen we nog toetsen nakijken, lessen voorbereiden en met collega’s overleggen, en als we er in slagen om de school te verlaten voor het donker is, worden we thuis nog geacht mails van leerlingen en ouders te beantwoorden, en als we echt geluk hebben, worden we ook nog gebeld. Dat vinden we allemaal prima, want daar kiezen we voor, en, met uitzondering van om 22.00 thuis gebeld worden door een ouder die de nieuwe plek in de klas van zijn dochter niet zo gezellig vindt, vinden we het allemaal nog best leuk ook.

school1Maar als ik dan vakantie heb, breng ik sowieso de eerste week voor een deel in bed, en voor een deel jankend op de bank door. Niet uit verdriet of depressie, maar uit pure vermoeidheid. In de tweede week kom ik eraan toe om mijn schooltas op te ruimen en alle papieren die ik nog moest wegwerken uit het zicht te verwijderen, en dan begint de vakantie pas. Het is dan vol hoogseizoen, dus het vakantiegeld dat ik in mei nog genereus vond verdampt waar ik bij sta, maar dat mag de pret niet drukken. Als je een zesde klas hebt, mag je je vakantie vaak ook nog gebruiken voor het voorbereiden van het wisselende examenonderwerp. Dat is hartstikke leuk, ik zou echt niet mijn hele carrière dezelfde teksten willen behandelen, maar dat kost ook allemaal tijd. Al met al is zes à zeven weken een heel redelijke hoeveelheid tijd om docenten te geven om zich in de zomer voor te bereiden op iets dat toch best belangrijk is: pubers zijn behoorlijk explosief materiaal, en daar moet je uitgerust mee werken. Gelukkig besteed ik altijd de laatste week van de vakantie aan enorm veel zin hebben om weer naar school te gaan. Ik ben er klaar voor!

school2

Maiden speech

Gisteren heb ik mijn maiden speech gehouden. Het is mogelijk om via de website van de gemeente Leiden de hele raadsvergadering ook na afloop te kijken, maar het is misschien makkelijker om de tekst van mijn eerste optreden in de raad te lezen. Tijdens je maiden speech mag je zeggen wat je wilt en word je in principe niet geïnterrumpeerd. Voor mij een mooie gelegenheid om eens even uitgebreid mijn visie op cultuur in het algemeen en in Leiden in het bijzonder te presenteren. 

maiden speech

Leiden is een ambitieuze stad en in die ambitie claimen we regelmatig een cultuurstad te zijn. Met dergelijke claims komt natuurlijk wel de verplichting om de daad bij het woord te voegen en ervoor te zorgen dat het culturele leven in de stad goed geregeld is. Want laten we eerlijk zijn: er is nog genoeg te doen. Dat onze musea ontzettend veel bezoekers trekken is prachtig, maar daarmee zijn we er nog lang niet. We willen een cultuurstad zijn, en niet alleen maar een museumstad.

Er worden mooie plannen gemaakt om het bioscoopaanbod te moderniseren en ervoor te zorgen dat we niet alleen tijdens het Leiden International Film Festival een belangrijke filmstad zijn. De theaters zijn nog lang niet af: niet alleen de Leidse Schouwburg, ook Ins Blau dreigt uit zijn fysieke jasje te groeien en kan niet iedereen die een voorstelling bezoekt de gastvrijheid bieden waaraan behoefte is. Met het verlies van het LAK-theater zijn we een belangrijk vlakke-vloertheater kwijt, en hoewel het mooi is dat Ins Blau de programmering heeft overgenomen, missen we ongeveer de helft van de voorstellingen die in het LAK werden opgevoerd. De Stadsgehoorzaal biedt een breed scala aan klassieke muziek en met de bouw van De Nobel krijgt Leiden een mooie ruimte voor popmuziek. Beelden in Leiden en het International Foto Festival zijn in de openbare ruimte voor iedereen zichtbare culturele manifestaties en dragen bij aan de allure van de stad.

De gemeente is al lang niet meer in het bezit van een grote emmer cultuurgeld waarop iedereen met creatieve behoeftes aanspraak kan maken. Cultureel ondernemerschap is de weg voorwaarts en de cultuurmakelaar levert hier een zeer belangrijke bijdrage aan. Dat wil niet zeggen dat individuele projecten vanzelfsprekend niet gehonoreerd moeten worden, maar eenmalige investeringen leveren vaak eenmalig werk op – het is aanzienlijk duurzamer om culturele initiatieven te ondersteunen bij het op de lange termijn zoeken, en vooral vinden, van financiële ondersteuning.

Het mooiste wat uit de westerse cultuur is voortgekomen is niet vreemdelingenhaat en angst voor nieuwe invloeden. Het is het vermogen om met een open blik naar de steeds veranderende wereld om ons heen te kijken, nieuwe impulsen op hun merites te beoordelen en daar vervolgens creatief mee aan de slag te gaan. En daar komt al eeuwen veel prachtigs uit voort: dat moeten we koesteren, stimuleren en een plaats geven. Niet alleen in ons verstand, ook in onze omgeving.

In tijden van crisis, en helaas niet alleen in tijden van crisis, is het aantrekkelijk om te zeggen dat er uitgaven zijn die urgenter zijn dan uitgaven aan cultuur. Dat kan zo zijn, maar laten we niet onderschatten hoeveel mensen in Leiden direct of indirect door cultuur in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Cultuur verbindt en cultuureducatie zorgt ervoor dat alle kinderen, ook de kinderen die van thuis weinig meekrijgen, toch leren genieten van het brede cultuuraanbod.

We zijn als raad sterk geneigd om ons in onze dagelijkse activiteiten te richten op praktische zaken, die gaan over wat we kunnen en moeten doen, maar we moeten niet uit het oog verliezen dat we aan de hand van hoe we omgaan met cultuur laten zien wie we zijn.