Categorie archief: Rotterdam

#selfiemuseum

Ik loop een beetje achter met de museumselfies. Of op zich niet met de museumselfies als zodanig, die maak ik vol verve als ik een museum bezoek, maar ik heb al een tijdje geen verzameling gemaakt en als blogpost gepubliceerd. Bij dezen dus. Ik ben nu bij tot voor Rome, dus begin april, wat wil zeggen dat ik ieder moment nog een keer kan toeslaan met nog 5 zalen in het Selfiemuseum. Want musea bezoeken is toch een van de mooiste dingen die er zijn, en mijn smoelwerk voor kunstwerken hangen blijf ik leuk vinden.

Zaal 41: ‘Isa Genzken: Mach Dich Hübsch!’, Stedelijk Museum, Amsterdam

museumselfie42

Dit kunstwerk, een verzameling Nofretetes (ja, zo schrijft zij dat, ik ken de mevrouw ook onder een andere naam), was voor mij het hoogtepunt van een verder overigens teleurstellende tentoonstelling. Mevrouw Genzken was getrouwd met Gerhard Richter, wiens werk ik doorgaans zeer kan waarderen, maar wil graag om meer dan dat bekend staan. Daar heb ik begrip voor, maar de rotzooi die ze hier tentoonstelde lijkt me geen aanleiding tot grote roem. Al vond ik de grote sprietachtige objecten op de vloer wel weer mooi – en het was een heel gezellig uitje met M en F & A, en dat is ook wat waard, lijkt me.

Zaal 42: ‘David Bowie is’, Groninger Museum, Groningen

museumselfie41Voor de grote Bowie-tentoonstelling, eerder te zien in het Victoria and Albert in Londen, waren M en ik zeker bereid om naar Groningen te reizen. Dat gold ook voor heel veel andere mensen, want hoewel er van tevoren kaartjes gekocht moesten worden, vermoedelijk ook met het oog op hoeveel mensen er in het museum pasten, waren de rijen disproportioneel groot en was het gewoon veel te druk. Maar aan de andere kant: het was een schitterende tentoonstelling, waar je met een koptelefoon op doorheen moest lopen om naast alle beelden ook van het relevante geluid voorzien te worden. Op die manier werd er helemaal niets aan de verbeelding overgelaten, wat ik ergens ook wel jammer vond, want met mijn verbeelding is niets mis. Er was ook een foto-verbod, dus deze sneaky selfie van mij met het pak waarin Bowie Starman zong bij Top of the Pops was het beste dat ik eruit kon slepen.

Zaal 43: ‘Ode aan de Nederlandse mode’, Gemeentemuseum Den Haag
selfiemuseum 43Ik vind tentoonstellingen altijd leuk, maar tentoonstellingen met dingen die ik zelf ook heb vind ik nog veel leuker. Op deze tentoonstelling zag ik een outfit van Oilily, waarvan ik ooit de trui heb bezeten, en ik had voorkennis dat de Dripping-jurk van Michael Barnaart van Bergen ook op de tentoonstelling te zien was, dus ik had mijn eigen exemplaar ook aan, hetgeen tot nogal wat consternatie leidde in het museum. Deze selfie heb ik gemaakt voor de serie kleren van Viktor en Rolf. Dit was een prachtig vormgegeven tentoonstelling, met heel veel mooie kleren. Zo’n tentoonstelling waarvan ik zin krijg om te gaan winkelen.

Zaal 44: ‘Keith Haring – The political line’, Kunsthal Rotterdam

selfiemuseum44Keith Haring is zo’n kunstenaar van wie ik 1 of 2 werken in een tentoonstelling wel kan waarderen, maar van wie ik nu, door middel van deze overzichtstentoonstelling, heb ontdekt dat ik een tentoonstelling die volledig aan zijn oeuvre gewijd is gewoon te veel vind. Waar volgens de bordjes en de informatie de nadruk werd gelegd op het feit dat het allemaal erg geëngageerd is wat Haring maakte, werd ik een beetje zenuwachtig van al die kriebelpoppetjes overal. Maar als je de kans krijgt om met een gigantische roze piemel op de museumselfie te gaan, moet je die altijd met beide handen aangrijpen. De kans dus. Niet de piemel.

Zaal 45: ‘Jheronimus Bosch – Visioenen van een genie’, Noordbrabants Museum, Den Bosch.

museumselfie45

Ja, dit is echt een superslechte museumselfie. Dat zie ik ook wel. Maar ik mocht van het Noordbrabants Museum geen foto’s maken op de tentoonstelling, dus deze is stiekem gemaakt voor een beeldscherm. Aan de andere kant: ik was er toch maar wel. M en ik zijn enorme fans van Jeroen Bosch, dus het was heel mooi om een aantal werken van hem gezien die we nog niet kenden. Minder mooi vond ik de drukte – je zou denken dat een museum een beperkte hoeveelheid kaartjes verkoopt om ervoor te zorgen dat er niet te veel mensen in een zaal zijn, zodat je gewoon naar de schilderijen kan kijken, maar de zalen waren stampvol luidpratende bejaarden*.

Het museumselfie-project is nog lang niet afgerond en ik zal van alles wat ik bezoek verslag uitbrengen door een foto van mijn harses voor een kunstwerk van onschatbare waarde te plakken. Waarvoor bij voorbaat excuses.

Het nuttige en het aangename

We zitten op het moment vol in de examentijd. Dat betekent dat leerlingen keihard aan het werk zijn om alles te laten zien wat ze de afgelopen zes jaar van ons hebben geleerd (of de afgelopen zes weken op examentrainingen, maar dat is ook een keuze), en dat wij docenten een significante verschuiving in onze daginvulling hebben. in plaats van een paar uur per week met de zesde klas te werken aan de voltooiing van hun schoolcarrière, mogen we nu een paar uur per week surveilleren in een gymzaal, wat voor mij een behoorlijke uitdaging is, want ik ben helemaal niet in staat om anderhalf uur achter elkaar niets anders te doen dan om me heen te kijken. Bovendien is er natuurlijk ook het daadwerkelijke eindexamen. Het examenrooster was dit jaar niet in mijn voordeel, want ik werk op dinsdag en woensdag op school en het examen was donderdag, dus ik kon al op een niet-schooldag naar Voorburg om de toetsen op te halen, maar ik moest ze ook nakijken, want op maandag was de correctiebespreking van de Vereniging Classici Nederland, en dan moet je als docent natuurlijk wel weten waar je het over hebt. Tijdens zo’n bespreking zitten ongeveer 40 docenten Klassieke Talen in een klaslokaal en praten we uitgebreid over het examen, wat we ervan vonden, wat de nakijkproblemen zijn. Serieuze issues kunnen we gelijk bij een officiële bobo neerleggen in de hoop dat daar rekening mee gehouden kan worden bij het vaststellen van de norm.

trap

Dat is natuurlijk allemaal heel belangrijk, maar ik had toch de pest in, omdat mijn schoolleven enorm met mijn andere leven interfereerde. Meestal slaag ik erin om alleen op school voor school te werken, met uitzondering van mail en een enkel telefoontje, maar dat ging nu dus niet. Ik had er ook al een uur of 12 nakijkwerk inzitten en ik was pas op de helft van de eerste ronde (er is ook altijd een tweede, als het extra correctieadvies binnenkomt) toen ik naar Rotterdam afreisde voor de bespreking. Het leek me voor mijn eigen gemoedsrust wel een mooi plan om het nuttige bezoek aan de examenbespreking met iets aangenaams te proberen te verenigen. Meestal betekent dat voor mij dat ik ga shoppen, maar ik heb de laatste tijd zo vaak een moeilijke dag die ik voor mezelf probeer op te lossen door te winkelen dat dat behoorlijk in de papieren begint te lopen, dus ik moest een andere oplossing vinden. Gelukkig diende die zich onmiddellijk aan toen in Rotterdam Centraal uitliep, want er was in het kader van ‘Rotterdam viert de stad’ een gigantische trap op steigers neergezet. Het was helemaal niet druk (dat het een regenachtige maandagmiddag was was vermoedelijk een factor in dezen), dus ik kon zo naar boven. Bovenop het Groot Handelsgebouw had ik een schitterend uitzicht over de stad en ik had gelijk mijn cardio voor de dag gedaan, want het waren wel veel traptreden. Ik had gelijk meer zin in de bijeenkomst – die achteraf ook wel aangenaam was, want ik heb veel oude bekenden gezien en een boel punten voor mijn leerlingen losgepeuterd. Geen verloren middag dus!

Slapen buiten de deur – Hotel New York Rotterdam

Ik houd heel erg van hotels. Geen idee hoe het komt, maar het is zo: van de receptie tot het doorgaans witte beddengoed, van de mini-bar waar ik nooit iets uit neem tot het ontbijtbuffet dat ik helemaal leegeet, en van de kussens tot de kleine flesjes wasmaterialen in de badkamer. Heerlijk. En omdat ik ieder excuus aangrijp om in een hotel te gaan slapen, kan ik mijn ervaringen mooi hier kwijt. Vandaag aflevering 8: Hotel New York in Rotterdam. 

Waarom? Hoewel M liever niet naar 010 gaat, hadden we nu een mooi 2 daags programma opgesteld: eten met vrienden bij de Phoenix Food Factory, dan naar het concert van Joe Jackson in de Nieuwe Luxor, en de volgende dag een kookworkshop bij Herman den Blijker. Althans, bij Las Palmas. En dan wordt het toch wel handig om in Rotterdam te overnachten, waarbij het bijkomende voordeel was dat we bijna de hele tijd op de Kop van Zuid waren (alleen voor de Food Factory moesten we even de zometeen Hoerenloper over), zodat het voor de hand liggende hotel het nooit genoeg geprezen Hotel New York was. We hebben daar al eens eerder geslapen, in het torentje – heel bijzonder, maar voor dit verblijf had ik een ‘gewone kamer’ gereserveerd.
hny1
Eerste indrukken Hotel New York benader je het beste vanuit een watertaxi. Je stapt op in Leuvehaven of Veerhaven en vaart dan als een prinses tussen de enorme boten door naar de overkant, met uitzicht op het prachtige gebouw waarin het hotel (en het restaurant) gevestigd zijn. Dit keer had ik iets minder tijd, dus ik ben gewoon met de metro gegaan. Voordeel daarvan is dat je over de Kop van Zuid kunt lopen, die, als je positief van aard bent, constant in ontwikkeling is, maar als je iets negatiever gestemd bent, een permanente bouwput is. Ik was in een topstemming, dus ik vond het allemaal prima, en de eerste indrukken van HNY zijn altijd goed. De ontvangst bij de receptie was uiterst vriendelijk, ik kreeg een sleutel voor de kamer en ging met een fijn liftje naar boven. M zou later komen, dus ik kon even rustig kwartier maken in de kamer.
hny2De kamer
 Waar ik dacht dat ik deze kamer in vergelijking met het torentje teleurstellend zou vinden, was ik aangenaam verrast: het was een mooie grote kamer, met leuk meubilair, dat past binnen de ouderwetse sfeer van het hotel, zonder oubollig te zijn. Bovendien waren er 2 enorme kluizen in onze kamer, waarvan de onderste dienst deed als inkoopkast. Er was een enorm bed, een fors bureau, met een Nespresso-apparaat, er was een goeie televisie, waar we vanuit bed prima naar konden kijken, aan beide kanten van het bed nachtkastjes, een chaise longue, zodat ik als de drama queen die ik ben achterover kon kwijnen, en in de kluis trof ik nog een föhn en een kleine kluis. Er was geen waterkoker of minibar, maar het was mogelijk om via de receptie thee te laten komen, en met een bar in het gebouw kon iemand die een borrel nodig had die ook op uiterst eenvoudige wijze bemachtigen.

hny3Het bed Het bed bestond uit 2 eenpersoonsbedden, wat op zich natuurlijk niet zo gezellig was, maar de individuele bedden waren zo groot dat je makkelijk gewoon bij elkaar op 1 kant kon gaan liggen. Er lag een kaartje op het bed, waarbij de kussens werden toegelicht: we hadden 3 kussens de man, 2 synthetische en 1 donzen. Nou wil het geval dat ik daar heel erg allergisch voor ben, dus de beide donzen kussens konden gelijk de kluis in (als ik had geweten dat we die zouden krijgen, had ik van tevoren gevraagd of ze ze bij voorbaat uit de kamer hadden verwijderd, maar goed). Het bed lag heerlijk, en de kussens waren ook precies hard genoeg. Ik heb 9 uur zalig geslapen.
hny4De sanitaire voorzieningen 
We hadden een badkuip waarin we ook staand konden douchen, een toilet en twee wastafels, allemaal in een behoorlijk grote badkamer. De doucheproducten waren van eigen makelij, of in elk geval zelf gebotteld. Er was zeep, shampoo, body lotion en badzout. Ze roken allemaal wel ok, maar niet superbijzonder. Ik heb uiteindelijk geen gebruik van het bad gemaakt, want hoewel ik erg hecht aan de aanwezigheid van een bad, ga ik er eigenlijk bijna nooit in liggen. Thuis ook niet, overigens. Maar ik vond het fijn dat het er was, en het ronde raampje van de badkamerdeur leende zich uitstekend voor Titanic-imitaties. Jammer dat M die niet snapt.

hny5Het ontbijt Ik kan me niet herinneren wanneer ik voor het laatst zo gelukkig ben geweest met een ontbijtbuffet. Ze hadden werkelijk alles. Pannenkoekjes, roereieren, gekookte eieren, een meneer die eieren voor je bakte, spek, worst, wentelteefjes, baked beans, grote hoeveelheden beleg, yoghurt, muesli-achtigen, een machine om zelf sap mee te maken, en lekkere koffie en thee. Het allerlekkerst vond ik het muesli-brood, waarvan ik tot mijn teleurstelling vernam dat ze het zelf bakken, dus dat ik het nergens kan kopen. En buiten het ontbijt staat het ook niet op het menu bij Hotel New York, dus ik zal daar vaker moeten ontbijten. Hè, wat erg voor me.

hny6Unique selling points De locatie en geschiedenis van Hotel New York zijn allebei indrukwekkend. Ik vond onze kamer ontzettend mooi, de mensen bij de receptie waren heel vriendelijk, de thee die ik ’s ochtends op de kamer liet bezorgen was een mooie touch op een fraai dienblad (en kostte niks). Ik vond alle dingetjes met het logo van HNY erop ook leuk, en ik heb een potloodje gepikt als souvenir. De kluis op de kamer is iets dat ik me natuurlijk zal blijven herinneren, en het ontbijtbuffet… Ik zou eigenlijk niet weten waarom ik in Rotterdam een ander hotel zou willen testen.

Nog iets te zeuren? Op het gebied van First World Problems heb ik een serieuze klacht: toen ik uit de douche kwam moest ik best ver lopen naar het handdoekenrekje. Maar dat is dus gezeur. Ik ben echt niet de enige die allergisch is voor dons, dus ik zou zelf niet zo pontificaal allergenen bij mensen op de kamer neerpleuren, maar aan de andere kant werd het werd wel duidelijk vermeld, dus ik kon er meteen naar handelen. Ik had in het begin een beetje moeite met hoe donker de kamer was, maar dat bleek te komen door de duurzame spaarlampen, die even wat tijd nodig hadden om op gang te komen.

Wil je terug? Ja graag. In elk geval om te ontbijten, maar ik zal mijn uiterste best doen om daar ook weer te overnachten. Sterker nog, ik ga gewoon op zoek naar 2 daagse programma’s op de Kop van Zuid om het weer mogelijk te maken. Of ik ga gewoon in mijn eentje. Of ik ga op zoek naar prijsvragen waarbij ik een nachtje HNY kan winnen. Ja, dat is het. Weet iemand een prijsvraag?

Een kookcursus

Zoals bekend ben ik groot fan van de kookcursussen bij Las Palmas. Ze zijn misschien niet de goedkoopste, maar ze zijn wel heel goed: je bent van 11 tot 5 onder de pannen, je krijgt een rondleiding door de keuken, je mag met fantastische ingrediënten werken, de cursussen worden verzorgd door ontzettend goeie koks, je mag alles opeten en er worden voortreffelijke wijnen geschonken. Ik heb daarom veel van die cursussen gedaan, maar omdat je er altijd wel wat leert, ook al wordt iets voor de tweede of derde keer uitgelegd (ik heb nu op 3 cursussen op 3 manieren geleerd hoe ik Hollandaise moet maken, maar ik ervaar die variatie juist als rustgevend, want er is kennelijk niet een in beton gegoten recept dat je moet volgen omdat het anders gegarandeerd mislukt), vond ik het helemaal niet erg om een cursus nog een keer te doen. Dus toen M wel interesse leek te hebben in de cursus schaal- en schelpdieren, heb ik ons gelijk aangemeld, zeker toen bleek dat de cursus de dag na het concert van Joe Jackson werd gegeven, zodat het wel heel makkelijk was om een nacht in Hotel New York te agenderen. En daarmee hadden we gelijk een prachtweekend in de agenda staan.

kookcursus1De cursus stelde als vanouds niet teleur. Eerst kregen we een uitgebreid college van een man van Schmidt Zeevis over allerlei soorten schaal- en schelpdieren en toen mochten we aan de slag. Iedereen kreeg een eigen taak: ik claimde het schoonmaken van de King Crab, want dat vind ik lekker en daarvan wist ik niet wat ik ermee moest, M ging aan de slag met kokkels en scheermessen. King Crab bleek overigens niet zo moeilijk, want die enorme monsters worden aan boord al gekookt, dus het enige wat ik hoefde doen was ze in de lengte doorsnijden, een soort balein uit ieder stuk trekken, en daarna het vlees weer terugdoen. We serveerden de krab koud met wasabi mayonaise en later warm met Hollandaise. De kokkels van M werden geserveerd met garnalenolie, door een ander groepje gemaakt, en de scheermessen werden schoongemaakt, waarop er een mooie peterselievinaigrette overheen ging, zodat ze min of meer gemarineerd werden. Omdat ik eerder klaar was met de krab dan sommige anderen met hun klus, heb ik nog een paar dozijn oesters opengestoken (altijd handig om die skill nog even te trainen) en ik heb met de zijkant van een heel groot mes, dat ik nu op mijn verlanglijst heb staan, krabbenpoten gekraakt. Heel leerzaam dus allemaal.

kookcursus2

Met alles wat iedereen geprepareerd had werden grote schalen fruits de mer gemaakt, die we onder het genot van heerlijke witte wijn gezamenlijk soldaat hebben gemaakt. Het bleek ook een heel gezellige groep, zodat we tijdens het eten genoeg te bespreken hadden. Een extra bonus van deze cursus was dat Herman den Blijker er ook was – vaak is hij er niet bij, want hij is niet altijd in het land, maar dit keer had hij alle tijd om in het begin van de cursus mooie verhalen te vertellen over de opnametijd van een nieuw televisieprogramma, en aan het eind om met de mensen die het wilden een selfie te maken. Ik heb even in mijn aantekeningenboekjes alle cursussen die ik bij Las Palmas gevolgd heb geteld, maar kennelijk had ik tot de 15de cursus nodig om een selfie met Herman zelf te maken. Maar dat werd dan wel een heel mooie. En ook al was ik er voor de 15de keer, en ook al had ik de cursus al eens gevolgd: ik heb weer ontzettend veel geleerd. Ik zou bijna zin krijgen om me meteen weer aan te melden voor nog een cursus…

kookcursus3

Truffellunch

Ik was laatst een beetje aan het rondhangen in de sociale media, en toen zag ik op Facebook dat FG, het restaurant van François Geurds in Rotterdam, een truffelproeverij en -lunch had. Dat leek me wel wat en tot mijn verbazing wilde M ook mee (M houdt wel van truffels en van lekker eten, maar hij houdt helemaal niet van 010, dus ik gaf mezelf weinig kans). We hadden iets te vieren, want we hebben altijd wel iets te vieren, wat in dit geval betekende dat we elkaar de lunch hebben aangeboden. Is toch iets gezelliger dan voor jezelf betalen, ook al komt het op hetzelfde neer. We moesten ons om 10.00 ’s ochtends melden, inderdaad, best vroeg voor een lunch, maar dat kwam doordat we eerst koffie mochten drinken en daarna onder het genot van een glas champagne een uitgebreid verhaal te horen kregen over de verschillende soorten truffels die er zoal te koop zijn. Deze kennis werd aangeboden door een meneer van Vanilla Venture, het bedrijf dat de truffels levert aan zo’n beetje alle tophoreca van Nederland, dus die zal het wel weten – en dat was ook zo, want we kregen een behoorlijk gedetailleerd verhaal over de melanosporum, de witte alba, de bianchetto, de herfsttruffel en de zomertruffel. Er gingen ook enorme truffels rond en we leerden ook nog van François Geurds (die eerst op de achtergrond stond, maar al tamelijk snel een inhoudelijke bijdrage ging leveren) hoe je truffels kunt wecken.truffels1Maar hoewel het leuk is om dingen te horen over eten, waren we er natuurlijk vooral om daadwerkelijk te eten. Dat kwam helemaal goed: waar we hadden ingetekend voor een vijfgangenlunch, had Geurds ons allen een upgrade gegeven naar 7 gangen, en dan kregen we ook nog een grote hoeveelheid amuses. Onze buurman (we zaten aan lange tafels, in ons geval zeer prettig naast 2 stellen die erg gezellig waren) dacht op een gegeven moment dat we aan gang 3 toe waren, maar toen bleken we nog in de amuses te zitten; er waren er dan ook 5 (het traditionele piccalilly-ijs met knettersnoep op het hoorntje, een zoet taartje met eendenlever en truffel, een bakje met griet en Tom Kai (Thaise soep), eveneens met truffel, net als het Japanse poffertje met waterkers en buikspek en een bakje aardappelmousseline met heerlijke ham). En toen moest het echte culinaire geweld nog beginnen. We kregen een gerecht met kreeft en kabeljauw, een bakje met kweeperengelei en een blikje met een stukje truffeltoast, allebei met kippenlevermousse. Natuurlijk zat er over alles truffel, maar wel op een aangename manier: het gaf eerder een iets diepere dimensie aan het geheel dan dat je bij ieder gerecht weer met de neus op de truffel gedrukt werd. Dat is 1 gang misschien leuk, maar niet 7 keer achter elkaar.

truffels2Een bezoek aan FG is niet compleet als je geen nitro-cocktail hebt gedronken, en gelukkig zat die er ook bij deze lunch bij. Niet met truffel (er zijn grenzen), maar deze keer kregen we een deconstructie van de Bloody Mary, die door allerlei fancy bewerkingsmethodes was teruggebracht tot een fles totaal doorzichtige vloeistof, maar wel werd geserveerd met in stikstof bevroren zaadlijsten van de tomaat en een toastje met verschillende soorten tomaat en feta. Ik ben nu een paar keer bij FG geweest (wat zal ik zeggen, ik heb gewoon een heel leuk leven) en ik vind die nitrococktail elke keer een feest; de nerd in mij leeft helemaal op als de meneer met de scheikundedoos zich aandient, want dan komt er spectaculaire rookontwikkeling. En bovendien smaakt het lekker, en het is fris, zodat je mond weer helemaal klaar is voor het volgende gerecht, wat ook best handig is in het licht van het feit dat er nogal wat smaken aan je voorbijtrekken tijdens zo’n diner. Na de nitrococktail kregen we Australisch rundvlees, dat qua ras op zich Wagyu genoemd zou kunnen worden, maar volgens Geurds is het pas Wagyu als het uit Japan komt (het betekent ook ‘japans rund’ dus hij heeft een punt). Het was in elk geval erg mals, en de licht Japanse bereiding werd mooi aangevuld door de geweckte truffel die erbij zat.

truffels3

Na het rund kregen we ook nog hert, met truffel natuurlijk, en brie, die was ingelegd met truffel, en tot slot vanille-ijs met truffel en olijfolie. Nou zou je denken dat iemand die zoveel truffel binnenkrijgt er misschien wel helemaal klaar mee is, maar dat was helemaal niet zo – en dat is een compliment aan de kok, want als je al die gangen met een gemeenschappelijk en zeer dominant ingrediënt zo afwisselend weet te laten smaken als deze lunch gesmaakt heeft, dan ben je echt goed. Maar ja, dat wisten we al. Ik heb nog helemaal niets gezegd over de wijn, maar die was ook heel goed: zorgvuldig bij de gerechten uitgekozen en genereus geschonken. Bij de koffie dronk M met onze nieuwe tafelvrienden een glaasje Japanse whisky mee en ik dronk een heerlijke Finse gin. Het programma was rond 17.00 weer afgelopen, maar toen waren we ook van alle kanten verzadigd. Ik wist nog net een foldertje mee te graaien van de volgende FG-activiteit: een wijn- en kaaslunch. Want kaas, dat vind ik misschien nog wel leuker dan truffel…

truffels4

 

IFFR

Ik heb niets met het International Film Festival Rotterdam. Dat heeft vooral chauvinistische redenen: ik hou gewoon heel erg van het Leiden International Film Festival, dus als ik een dag lang in de bios wil zitten doe ik dat liever in mijn eigen stad. Bovendien ga ik ook al naar IDFA, en hoewel dat documentaires zijn en geen speelfilms, heb ik mijn filmkick dan wel zo’n beetje binnen. Maar het belangrijkste argument om niet naar het IFFR te gaan is dat ik de indruk heb dat het als festival zoveel pretentieuzer is dan ‘mijn’ festivals – als ik in 010 ben in de festivaltijd, herken ik de bezoekers al van grote afstand aan hun artistiekerige uitstraling en hun licht verveelde ‘ik sta boven al die burgers’-blik, en ik heb het gevoel dat ik een uiterst zorgvuldige keuze moet maken uit de heel ruime selectie van films die te zien zijn om te voorkomen dat ik, zoals een niet nader te specificeren Leidse bron ooit over dit festival zei, niet vier uur lang naar een dooie ezel zit te kijken. Dit jaar heb ik mezelf streng toegesproken, want ik hou van film en ik ben natuurlijk zelf ook zo pretentieus als de pest, dus ik moest me maar een keer vermannen en wat kaartjes kopen. De doorslaggevende reden om te gaan was overigens dat er dit jaar een film werd vertoond over iemand die ik ken, dus ik moest wel, en dan maak je er toch maar een dagje van – zeker toen ik L mee wist te lokken met de belofte van cocktails en film.

iffr1Vrijdag had ik een proefmiddag, want ik had wat tijd over tussen museumbezoek en de awesome avond die ik gepland had (waarover wellicht ooit meer), dus ik zocht een film uit op basis van start- en eindtijd en niet op basis van inhoud. Grote fout. Ik zag Pont de Varsòvia, een Spaanse film uit 1989, en ik begreep er de ballen van – later bleek dat dat niet aan mij lag, want op IMDB las ik in een recensie ‘Definitely not for the fan of Hollywood films, or even independent films, or actually any film with any type of structured narrative’, dus dat ik de verhaallijn niet kon volgen kwam waarschijnlijk doordat die totaal ontbrak. Maar het waren wel mooie plaatjes. Zondag had ik samen met L een dagje gepland, naar aanleiding van de film Last Man in Dhaka Central, over Peter Custers, een man die wij allebei kennen via de yoga, maar die in de jaren ’70 in een Bengaalse gevangenis heeft gezeten. We dachten allebei dat er veel meer in het verhaal zat dan er in deze documentaire uitgehaald werd, en dat het voor mensen die niet kwamen om meer te horen over Peter sowieso niet zo’n boeiende film kon zijn geweest, maar ik ben blij dat ik hem gezien heb. In Heart of a Dog vertelde Laurie Anderson (de weduwe van Lou Reed) over het verlies van haar hondje Lolabella. Tijdens het viertal korte films dat we daarna zagen ging ik op een gegeven moment zowaar naar een dooie ezel verlangen, want ik kon maar niet geboeid raken, maar gelukkig vond ik de film die we daarna zagen, A Woman, A Part, wel heel mooi, met heerlijk New Yorks geneuzel over kunst en authenticiteit. Dus misschien moet ik volgend jaar toch maar wat nauwkeuriger selecteren – dat zou me zomaar een nieuw fijn festival kunnen opleveren. En wie wil dat nou niet?

iffr2

#selfiemuseum

Het project ‘Museumselfie’ is een van mijn favoriete projecten, omdat ik het leuk vind om musea te bezoeken en omdat ik selfies maken best grappig vind, want dan kijk je altijd een beetje raar en denkt niemand ‘wat een raar hoofd heeft die vrouw’. Of misschien denken mensen dat wel, maar dan kijken ze maar gewoon lekker naar de kunst. Want die is toch belangrijker dan mijn smoelwerk.

Zaal 36: ‘Hendrik Valk: Tussen Abstractie en Figuratie’, Museum De Lakenhal, Leiden

selfiemuseum36Op de opening van deze tentoonstelling, die ik overigens erg mooi vond, ben ik op de foto gegaan met een selfie van Hendrik Valk. Want dat vind ik toch eigenlijk gewoon het leukste: selfies maken met zelfportretten. Verder was op de tentoonstelling de volledige ontwikkeling van het werk van Valk te zien, inclusief een prachtig drieluik over Adam en Eva. De dochter van Valk heeft een genereuze schenking van werken aan de Lakenhal gedaan, dus ik hoop dat we na de verbouwing niet op tentoonstellingen aangewezen zijn om zijn schilderijen te bekijken.

Zaal 37: ‘Van Bosch tot Bruegel’, Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam

selfiemuseum37

Ik ben een gigantische fan van het werk van Jeroen Bosch, omdat ik al die monstertjes die op veel van zijn schilderijen superleuk vind – ook al zitten ze in de hel, en is de hel op zich natuurlijk niet zo heel grappig. Ik had ook graag een selfie gemaakt met een van zijn schilderijen, maar toen ik als opwarmertje deze foto had gemaakt, met ‘De huilende bruid’ van Jan Sanders van Hemessen, bleek dat ik helemaal niet mocht fotograferen. Er was veel moois te zien; waar ik had verwacht dat ik al gauw genoeg zou hebben van het banale aspect van de tentoonstelling (subtitel ‘De ontdekking van het dagelijks leven’) vond ik het eigenlijk gewoon erg leuk om gezien te hebben.

Zaal 38: Heropening Rijksmuseum voor Oudheden, Leiden

selfiemuseum38Het RMO in Leiden werd voor zover ik het kon overzien 3 keer in een week heropend, maar dat zou zomaar eens het topje van de ijsberg kunnen zijn geweest. Naast de Grote Bobo-opening (met de minister) en de Kleine Bobo-opening (voor gemeenteraadsleden bijvoorbeeld) was er ook een docentenopening, en daar was ik, met bijna de volledige sectie Klassieke Talen van school. Het was een gezellig uitje, de collectie Griekse spullen had een mooie nieuwe opstelling ontvangen, en de gigantische grafvaas was er gelukkig nog om mee op een selfie te gaan. Gelukkig verandert niet altijd alles. Dat hoeft ook niet.

Zaal 39: ‘Nick en Simon – Open’, Museum De Fundatie, Zwolle

selfiemuseum39Even voor de duidelijkheid: ik was in De Fundatie om twee redenen: omdat ik daar nog nooit geweest was en de tentoonstelling ‘Gevaar en schoonheid: Turner en de traditie van het sublieme’, niet voor Nick en Simon. Maar hoewel de Turner-tentoonstelling op zich heel mooi was, zag ik daar weinig selfie-mogelijkheden. Voor dit schilderij van Ans Markus dan weer wel; het heeft geen titel, maar hoort bij het nummer ‘Ik weet dat je sterker bent’, dat ik verder niet ken, maar wel door een speaker bij het schilderij mocht aanhoren. Het zal allemaal wel, ik vond het een mooi schilderij.

Zaal 40: ‘Ceramix’, Bonnefantenmuseum Maastricht

selfiemuseum40

Omdat M en ik in Maastricht waren en omdat het Bonnefantenmuseum gewoon een heel mooi museum is, besloten we de ‘Ceramix’-tentoonstelling te bezoeken. En dat terwijl we helemaal niet van keramiek houden. Deze tentoonstelling deed overigens zeer haar best om ons ervan te overtuigen dat er toch wel veel kunstwerken van keramiek zijn die wel de moeite waard zijn – iets te veel, wat ons betreft, want na anderhalf uur waren we er echt wel klaar mee. Maar deze kakkerlakken van Bita Fayyazi vond ik eigenlijk wel stoer. En  ‘Soul Archive’ van Halim Al-Karim (een boekje van heel dunne blaadjes porselein) was ook mooi, en de ‘Painted Ladies’, tuttige poppetjes met tattoos en afgehakte hoofden van Jessica Harrison, waren gewoon heel goeie kunstwerken. Maar Ai WeiWei een vaas kapot zien gooien gaf ook wel wat bevrediging na zoveel keramiek.

Het museumselfie-project is nog lang niet afgerond en ik zal van alles wat ik bezoek verslag uitbrengen door een foto van mijn harses voor een kunstwerk van onschatbare waarde te plakken. Waarvoor bij voorbaat excuses.

Slapen buiten de deur – nhow Rotterdam

Ik houd heel erg van hotels. Geen idee hoe het komt, maar het is zo: van de receptie tot het doorgaans witte beddengoed, van de mini-bar waar ik nooit iets uit neem tot het ontbijtbuffet dat ik helemaal leegeet, en van de kussens tot de kleine flesjes wasmaterialen in de badkamer. Heerlijk. En omdat ik ieder excuus aangrijp om in een hotel te gaan slapen, kan ik mijn ervaringen mooi hier kwijt. Vandaag aflevering 2: nhow Rotterdam in 010.

Waarom? Net als het vorige hotelbezoek maakte de overnachting bij nhow deel uit van de grote verjaardagstour van 2015: nadat M en ik in Maastricht wakker werden, zijn we op pad gegaan naar Rotterdam, omdat we daar gingen dineren en ik daar een mooi feest had gepland. Omdat we in stijl wilden reizen, hadden we overigens een upgrade naar de eerste klasse genomen. Dit hotel had een aantal zeer aantrekkelijke kanten: het was zowel dicht bij het restaurant (Las Palmas) als bij de cocktailbar, het ligt op de Kop van Zuid (zo’n beetje het enige deel van Rotterdam waar M vrijwillig komt) en het is een prachtgebouw van Rem Koolhaas, dus dat wilden we wel een keer van binnen zien.

rotterdamEerste indrukken Als je voor de Rotterdam staat (want zo heet het gebouw), ben je al gauw onder de indruk van hoe groot het is, en hoe hoog, en hoe nieuw, en hoe indrukwekkend. Er staan nogal wat flinke units op de Kop van Zuid, maar deze is het grootst. Ik was al eerder binnen geweest, voor meerdere bezoeken aan de cocktailbar op de 7de verdieping, en een keer om helemaal tot de 44ste verdieping te gaan, dus ik wist de weg. De ontvangst bij de receptie was hoogst vriendelijk, al was de late checkout die ik had gereserveerd niet doorgekomen – gelukkig kon het alsnog. In de lobby was een winkeltje ingericht met Rotterdams design (bijvoorbeeld boeken over de bouw van het hotel en tassen van Susan Bijl).

NHOW3De kamer Ik had een sunrise kamer gereserveerd, waarbij de gedachte was dat we met onze late checkout optimaal konden genieten van het uitzicht. Dat bleek tegen te vallen; ik had er geen rekening mee gehouden dat M, een doorgewinterde Ajacied, een vrij uitzicht zou hebben over de Kuip, en daar niet echt gelukkig van zou worden. Het gordijn ging dus tamelijk snel dicht. In de kamer stond een bed, een enorme spiegelende televisie, een comfortabele grijze fauteuil met een grappig kaartje over roken, een bureau met een mooi boek erop en een kast, die op zich heel handig was, want alles zat erin (tot en met een Nespresso-apparaat en een waterkoker), maar eerst kregen we hem niet open en later kregen we hem niet dicht – misschien iets teveel design en iets te weinig pragmatiek. Kan gebeuren.
NHOW2Het bed 
Ook dit bed was groot en wit, met een boel kussens, maar dat was alleen maar fijn. Het was ook echt een tweepersoonsbed, dus niet eens met het vermoeden van een naad, en het lag ook erg lekker. De televisie stond recht tegenover het bed, zodat we mooi nog even op bed konden liggen en naar de Tour de France konden kijken – dat was op zich dan weer lastig, want het meubel waarin en waarachter de tv was ingebouwd was zo glanzend dat ik vooral mezelf heb gezien, met hier en daar een wielrenner. Maar dat had niets met het comfort van het bed te maken; daarover was ik heel gelukkig.

NHOW1

De sanitaire voorzieningen De badkamer was min of meer in de kamer, dus je moest elkaar eigenlijk wel goed kennen om samen in deze kamer te kunnen slapen. Dat je vanuit het bed recht de douche in kon kijken was niet zo heel erg, maar er was ook weinig privacy op het toilet. Ik vond de badkamer overigens wel heel fraai: we hadden een prettige regendouche en een miljard handdoeken. We waren ook ruim voorzien van producten – er was een scheerset, shampoo, crèmespoeling, body lotion, zeep, een scrubhandschoen, een nagelset en een tandenborsteltje met een mini-tube tandpasta. We hebben voor het eerst niks meegenomen overigens, maar dat kwam doordat M niets wilde hebben waar ‘Rotterdam’ op stond.
NHOW4Het ontbijtbuffet 
Het ontbijt werd geserveerd in een ruimte achter de mij zo geliefde cocktailbar. Ik was alleen (M vond het een beetje stom dat we moesten opstaan om te ontbijten terwijl we een late checkout hadden, dus die bleef lekker liggen), maar dat was ook wel fijn, want dan kon ik veel eten zonder dat iemand het zag. Het was een goed ontbijtbuffet, met alle klassieke dingen en een paar bijzonderheden: churro’s en pannenkoekjes, en een aantal gebak-achtigen. Andere gasten hadden koffie of thee, maar dat is mij niet aangeboden; op een gegeven moment ben ik het gaan vragen aan de gastvrouw, die me in eerste instantie aankeek alsof ik haar een onzedig voorstel had gedaan, maar me wel koffie bracht.

NHOW6

Unique selling points Het gebouw zelf is natuurlijk echt een USP, de locatie en het uitzicht ook, de mensen achter de balie waren heel aardig, de mogelijkheid tot late checkout.

Nog iets te zeuren? Dat ik dus met moeite koffie kreeg bij het ontbijt, dat ik mezelf zag in de televisie en dat de kast niet dicht ging. En voor M was er iets te veel Rotterdam-verheerlijking, maar dat hoort erbij, lijkt me, dus dat is niet echt een bezwaar.

Wil je terug? Als ik ooit weer in Rotterdam zou moeten slapen, zou ik het zeker overwegen – de kamer was zeer betaalbaar en de locatie was dus handig. Maar aan de andere kant: 400 meter ligt Hotel New York, en daar slapen is misschien net iets sfeervoller.

Vies eten

Ik ga best vaak uit eten. Daar zijn verscheidene, uiteenlopende, redenen voor: M en ik hebben niet altijd veel tijd tussen het dag- en het avondprogramma, en die vullen we dan liever met kletsen en eten dan met boodschappen doen, snel kopen en snel eten in onze respectieve smoel steken voordat een van ons weer weg moet, ik hou van allerlei soorten eten die ik niet zelf kan maken, dus dan laat ik dat graag aan de professional over (vooral waar het gaat om etnische keukens), ik hou van dry-aged vlees en ik heb geen rijpkast, en ik ben, waar het gaat om uitgaan, nogal beperkt door het feit dat ik niet kan dansen, dus als ik met vrienden afspreek, wordt daar vaak bij gegeten. Gezellig, en meestal lekker. Of meestal – eigenlijk zo goed als altijd. Ik lust namelijk alles, dus de kans dat ik een bepaald ingrediënt niet echt lust is klein, en ik doe altijd gedegen vooronderzoek: via recensies in de krant of van mensen die ik hoog heb zitten en door online de menukaart van een etablissement door te spitten. Met Iens heb ik niet zoveel, want voor mijn gevoel zijn dat ofwel de vrienden van de chef (dus altijd positief), ofwel mensen die om de een of andere reden (waarschijnlijk een combinatie van hun eigen karakter en dat van hun gezelschap) een onaangename avond hebben gehad en dat willen verhalen op de horeca. En dat systeem werkt altijd.

vies eten 1Behalve dan dat ik vrijdag een buitengewoon teleurstellend diner heb gehad. Ik had plannen samen met B, om een spectaculaire dag en avond te beleven, met lunch, film en een mooi etentje, en de locatie die we daarvoor hadden uitgezocht was veelbelovend. Nou ja, ‘we’, ik had hem uitgezocht, op basis van een laaiend enthousiaste recensie die ik had gelezen op De buik van Rotterdam, van Wim de Jong, wiens columns over zijn midlife-crisis in de Volkskrant altijd erg leuk waren. De waarschuwing van B, die al eens bij een eerder restaurant van de chef had gegeten en dat had ervaren als een intens pretentieus diner met overmatig veel belangrijkdoenerij over de houtoven van de chef (‘we mochten kiezen hoeveel gangen, maar ze werden sowieso allemaal in de houtoven bereid’), heb ik in de wind geslagen, en dat bleek onverstandig. Ik koos alle gerechten die De Jong ook had gegeten, dus ik had meerval als voorgerecht, en daarna kalfsvlees. Geen dessert, want dieet. Het begon goed, met een gin & tonic; ze hadden een mooie collectie, en de enige smet op de bestelling was dat het meisje dat de bediening deed mijn uitspraak van de naam van de gin volledig ten onrechte ging verbeteren, maar goed, kniesoor* die daar op let. Op tafel stond een bordje met olijfolie in een mooi kannetje en wat zout, waar vermoedelijk soms brood bij geserveerd werd, maar dat werd aan ons niet aangeboden. Vond ik niet erg – meer ruimte voor lekkere dingen, dacht ik nog.

vies eten 2Maar dat viel vies tegen. De meerval was gepekeld en toen, denk ik, bereid in de houtoven. Hij werd geserveerd met allerlei schuim en andere spullen, maar het probleem is volgens mij dat meerval gewoon geen lekkere vis is. Allemaal heel erg trendy en bio en eigen kweek in Rotterdam, hartstikke fijn, maar na 5 happen vond ik het gewoon heel moeilijk om de vis op te eten. Hij had echt een nare consistentie, en ook niet zo’n fijne smaak, en de Beilagen verzachtten de omstandigheden ook niet. De kalfstartaar van B was ijskoud, waardoor je hem niet echt kon proeven, en het langoustineschuim voegde niets toe, behalve medelijden met de langoustines in kwestie. Het kalfsvlees dat ik als hoofdgerecht had volgens mij niet in de houtoven bereid, maar in de sous-vide, wat tot gevolg had dat het een ontzettend vervelend sponzig mondgevoel had. Ik heb me gestort op de paksoi die ik als bijgerecht besteld had, want die was erg lekker. De Rotterdamse haan van B was wel in de houtoven geweest, maar er was verder niet zoveel mee gebeurd  – en de mousse van kippenlever die erbij zat riep ook weinig enthousiasme op. B bestelde nog een kaasplateau, omdat hij dacht dat ze die in elk geval niet in de houtoven konden doen, maar hij vergiste zich: er zaten druiven bij die het standaardproces hadden moeten meemaken. De stakkers. We hebben nog koffie gedronken, en toen besloten dat we dit etentje nog een keer over gaan doen. Ergens anders**.

*Dat gezegd zijnde: als ik, als ik Drambuie bestel, nog één keer moet aanhoren ‘Oh u bedoelt Dram-bwie’, dan gaat deze kniesoor er wel op letten. Schots drankje, dus geen Franse naam. Dram-bjoe-wie. Ik kan er ook niks aan doen, maar ik ga het niet expres verkeerd uitspreken om iemand anders een goed gevoel te geven.

**Ik zeg expres niet hoe dit restaurant heette. Het is tamelijk makkelijk te vinden met info uit deze blog, denk ik, maar ik noem zelf geen namen.

Verjaardag

Nadat ik er zo gigantisch naartoe heb opgebouwd, kan ik haast niet anders dan nog een laatste beetje aandacht besteden aan mijn 40ste verjaardag. Het was namelijk prachtig, en dan zou ik wel heel erg stom zijn als ik 3 mooie dagen (want het waren er inderdaad 3) niet als inspiratie zou gebruiken om over te schrijven – ter informatie aan de lezer, en voor mij als vehikel om nog een keer na te genieten. Op 14 juli reisden M en ik af naar Maastricht, waar ik een kamer had gereserveerd in het Kruisherenhotel (stond op de awesome-lijst, en ik zal er volgende week een review over schrijven) en een tafel bij Beluga Loves You (want daar hadden we, sinds het niet meer Beluga is, nog niet gegeten). Bovendien hadden we afgesproken met mijn moeder, mijn broertje, zijn vriendin en hun Louis, voor drankjes en cadeau-overdracht, en wilde M nog naar de Boss-store om overhemden* te kopen.  En dat hebben we allemaal gedaan. Het hotel was echt heel erg mooi, Maastricht is dat altijd, de overhemden waren er, het drankje was feestelijk, de cadeaus prachtig (een armband die Eva Schreuder voor me gemaakt heeft van mijn moeder en geld voor fancy lenzen voor mijn telefoon van mijn broertje en zijn vriendin) en de eerste van 2 feestjurken was een groot succes. Het diner bij Beluga was ook zalig: we hadden 8 gangen inclusief wijn, waarvan in elk geval de oester met het komkommerijs ons nog lang zal bijblijven.

belugaLichtelijk aangeschoten (en dan rond ik af naar beneden) bereikten M en ik net op tijd het Amorsplein, wat natuurlijk een prachtige plek is om 40 te worden. In het hotel kreeg ik van M de armband die ik al jaren wil hebben (een armband die ook een soort heupflacon is, zodat ik altijd gin bij me kan hebben), en een fles gin en een trechter, zodat het geschenk meteen ingezet kon worden. De volgende ochtend bleek ik voor het slapen gaan al mijn make-up te hebben verwijderd, dus ik was al gelijk onder de indruk van de hoeveelheid succesful adulting waar ik op mijn relatief oude dag toe in staat blijk te zijn. Na het ontbijtbuffet checkten we uit en gingen we koffie drinken met mijn moeder, die mij ook op de dag zelve nog even wilde feliciteren – en wie ben ik om dat tegen te houden? Daarna namen we de trein naar Rotterdam. Nou is het zo dat M is getogen in Rotterdam, maar geboren in Amsterdam, en hij gaat met enorm veel tegenzin naar 010, dus ik had gepoogd het leed een beetje te verzachten door hem een treinreis in de 1e klasse aan te bieden; dat werkte op zich, maar toen we aankwamen in het hotel dat ik had geboekt, NHOW (wordt ook nog gereviewd), bleek ik ook een kamer met uitzicht op de Kuip te hebben gereserveerd, dus daarmee was iedere mellow die de reis had bewerkstelligd bij mijn lievelingsAjacied verdwenen. Gelukkig was er wel een grote televisie, zodat M naar de Tour kon kijken terwijl ik me in feestjurk nummer 2 hees.

feestjurken

Ik had een tafel gereserveerd bij Las Palmas voor M, B en mijzelve, omdat ik daar heel graag eet en omdat het 30 meter van het hotel verwijderd ligt, zodat we even een goede bodem konden leggen voor het grote feest. Iedereen moest van mij de Bouchot-mosselen eten, en daarna had ik Bouillabaisse, M geit en B sukade. En daarna gingen we naar de geheime cocktailbar – een geheim dat ik nu met 30 vrienden heb gedeeld, want ze gingen speciaal voor mij open en maakten allerlei prachtige cocktails, waaronder mijn absolute favoriet, de Blood & Sand. Iedereen was in opperbeste stemming en ik heb wederom prachtige cadeaus gekregen: van cadeaubonnen voor Spring Wellness, via uitnodigingen om naar een vette actiefilm te gaan, een Japans restaurant te bezoeken of om waterpijp te gaan roken, met een détour naar een string, sieraden en een Blade-Runnerparaplu, tot nog 4 prachtige flessen gin. Mijn vrienden kennen me heel goed. Bij de geheime cocktailbar mag overigens niet gefotografeerd worden, sterker nog, de mobiele telefoons moeten uit, maar een van de dienstdoende Tom Cruises heeft een foto gemaakt waarop een deel van het gezelschap met lange rietjes de punch-kom leegdrinkt. En volledig conform mijn superpower van onzichtbaarheid als er foto’s gemaakt worden staat mijn gezicht er niet op – maar die glimmende tiet in het midden is van mij.

feestje

Het is M en mij kennelijk gelukt onszelf en de cadeaus de Erasmus-brug over te slepen, maar toen ik in het hotel wakker werd bleek ik toch maar tot 50% succesful adulting in staat, want al mijn make-up zat er nog keurig op. M was niet te porren om wakker te worden voor het ontbijtbuffet, want we hadden een late check-out, dus daar wilde hij optimaal van profiteren door zich nog even uitgebreid om te draaien en het gordijn dicht te laten (want dan hoefde hij de Kuip niet te zien), dus ik ben in mijn eentje gaan ontbijten. Maar dat was eigenlijk wel prima, want dan kon ik bij de koffie nog even rustig nadenken over alle feestelijkheden waar ik van had genoten. En dat waren er nogal wat – ik kijk met heel erg veel plezier terug op mijn driedaagse verjaardag, en hoewel ik nog wel een week bezig ben het gewicht dat ik erbij heb gekregen er weer af te sporten, was het het allemaal waard.  En 41 is vast wel ergens een kroonjaar, toch? Ik hoop het, want jarig zijn blijft het leukste wat er is!

koffie*M is, net als ik overigens (als alle merken behalve de 4 die ik altijd koop zouden stoppen te bestaan zou het mij waarschijnlijk niet opvallen), tamelijk merkvast: jasjes en overhemden van Boss, spijkerbroeken van Levi’s (501, en verder geen ruimte voor fancy toestanden) en sokken en t-shirts van de Hema.