Categorie archief: Tradities

Asperge-safari nieuwe stijl

Aan mijn traditionele jaarlijkse asperge-safari met B is vorig jaar een einde gekomen, omdat de firma Hof gestopt is met asperges produceren, zodat het weinig zin had om naar Ouddorp te rijden om asperges te kopen, want die worden niet meer verkocht. Bovendien heeft B zijn auto verkocht en woont hij op het moment in Zuid-Afrika, en ik heb werkelijk geen idee wanneer het aspergeseizoen in de omgeving van Kaapstad van start gaat, maar hoe dan ook zou het zelfs mij te ver gaan om 10.000 kilometer te reizen om anderhalve kilo asperges te kopen. Maar in ruil voor deze dichte deur ging er ineens een deur open, want ik las dat er in de directe omgeving van Leiden ook asperges verbouwd werden: gewoon op fietsafstand in Woubrugge, bij aspergehof Noordam. Dat is op zich al spannend nieuws, tenminste, als je mij bent, maar er bleek bij Noordam een event op de agenda te staan waar ik nog veel gelukkiger van werd: een open dag. Want asperges kopen is een ding, maar als je daarbij ook nog dingen mag proeven en dingen mag leren zit je op een heel ander niveau. En je mocht zelf asperges steken. Zo’n feest wil je delen, dus ik charterde M en onze vrienden F en A, want die lusten ook asperges.* Bovendien was A jarig, dus we hadden gelijk ook een avondinvulling (asperges eten natuurlijk), en was het weer zo gunstig dat we met de fiets konden gaan. Alle ingrediënten voor een topdag waren dus aanwezig.

asperges1De ontvangst bij Noordam was een beetje onduidelijk, maar uiteindelijk kwamen we terecht in een zaaltje waar nog ongeveer 12 andere aspergeliefhebbers zaten. Hier bleek dat de dochter van F en A, die wat ik voor me zag als een bij voorbaat legendarische excursie een ‘bejaardenuitje’ noemde, gelijk had, want de gemiddelde leeftijd daalde behoorlijk toen wij binnenkwamen. We kregen koffie en hebben vervolgens een epic movie van een half uur over asperges gekeken. Daarna vertelde Guusta ons nog wat meer over het bedrijf, en toen mochten we in een van de twee aspergetenten zelf een paar asperges steken. Dat was minder makkelijk dan ik dacht: je moet een asperge uitgraven en dan met een ingenieuze tool, die vooral lijkt op een kachelpook met een scherp randje, langs de asperge naar beneden, maar niet te dicht erlangs, om hem vervolgens los te snijden. Ik vond dat ik het zelf best goed kon, maar na een paar asperges te hebben gestoken was ik er wel weer klaar mee. Weer zo’n klus waarvan ik blij ben dat anderen het voor me doen. Na het steken kregen we van Guusta nog een glaasje wijn, een aspergesoepje, een glas met aspergesalade en een wrap met zalm en natuurlijk asperges. Toen was het officiële programma afgelopen en konden we asperges kopen voor het avondprogramma. Met een forse kist vol wit goud voorop de fiets van F zijn we door de polder terug gefietst naar Leiden. De asperges waren ook echt lekker, en het gezelschap was prima, dus ik hoop op een nieuwe traditie!

asperges2* Mensen die geen asperges lusten komen sowieso niet in aanmerking voor het predicaat ‘vriend’.

Valentijnsdag

Gisteren was het Valentijnsdag. Nou zou ik graag met droge ogen willen kunnen beweren dat ik zo iemand ben die niet onder de indruk is van al die zoetsappige onzin, maar dan zou ik liegen: ik vind Valentijnsdag eigenlijk stiekem gewoon wel een leuk feest. Niet omdat ik verwacht dat M met een enorme bos rozen achter zijn rug thuiskomt (dan kan ik namelijk heel lang wachten), of omdat ik allerlei romantische kaartjes van stille aanbidders op de mat vind (want als ik ooit stille aanbidders heb gehad waren die zo stil in hun aanbidding dat ik er niets van gemerkt heb), of omdat ik zo ontzettend dol ben op hartvormige chocolaatjes in roze of rode aluminiumfolie (die chocola is namelijk eigenlijk helemaal niet lekker, want vieze melkchocola), maar wel omdat het bij ons in de familie een bijzondere dag is. Daar zijn twee redenen voor: we zijn Engels, en in onze Heimat is Valentijnsdag iets dat uit overwegingen van traditie, in plaats van overwegingen van commercie, gevierd wordt, en het is voor mijn vader, broertje en mij ook een naamdag. Ja, Valentine really is my middle name, en dat schept zowel verplichtingen als verwachtingen.

valentijn1

Een vaste traditie is het Valentijnsbelletje van mijn vader – ik heb niet zo heel veel contact met mijn vader, want hij woont in Frankrijk in een soort zelfopgelegde armoede, dus hij belt niet zo vaak, en ik zie hem ongeveer 1 keer per jaar. Dat vinden we geloof ik allebei prima, maar als we elkaar dan spreken met verjaardagen, Kerst en dus Valentijnsdag (onze dag, want zijn voornaam is Valentine) is het op de kop af 4 minuten erg leuk om weer eens contact te hebben. Sinds ik actief ben op Instagram leek het me ook wel een mooi moment om een plaatje van een hart te posten, maar dan een hart dat ik ooit gefotografeerd heb tijdens een cursus orgaanvlees bij Las Palmas. Zo’n runderhart ziet er toch aanzienlijk anders uit dan die chocolaatjes van de Hema, maar ergens is het ook wel mooi. Een andere standaardactiviteit is een etentje met M. Ik ben niet zo’n dame die vindt dat de man het restaurant moet kiezen en regelen (daar lijken er veel van te zijn), maar ik vind uit eten gaan gewoon altijd leuk, en op 14 februari heb ik weer een smoesje om een restaurant dat ik op de wish list had staan te bezoeken. En M gaat graag mee, dus iedereen is blij, en daar gaat het tenslotte om op de Dag der Liefde.

valentijn2

We hebben dit jaar gegeten bij The Bishop, een nieuw restaurant in Leiden. Het ligt op een prachtlocatie, het oude café De Branderij, en ze hebben het volledig gepimpt, in een stijl die mij erg aanstaat: vermenging van oud en nieuw, met comfortabele stoeltjes en banken om op te zitten en mooi servies om van te eten. Ze hebben een ruime selectie gins voor mijn gin-tonic (ik dronk Hermit’s Gin), en plenty wijn per glas voor M, en een leuke kaart. Het restaurant zat bomvol, want M en ik zijn natuurlijk niet de enige Leidenaren die uit eten gaan op 14 februari, en dat leken ze niet helemaal aan te kunnen. Hoewel we om 19.35 binnen waren, hebben we om 20.05 zelf maar een mevrouw gewenkt om te vragen of we een drankje mochten bestellen, en tussen voorgerecht en hoofdgerecht hebben we ruim een uur moeten wachten. Maar iedereen die daar werkte was heel aardig, en mijn eten was erg lekker: kalfstartaar met bietjes vooraf en diamanthaas met merg en aardappelsalade als hoofdgerecht. M had vooraf buikspek, waar hij heel tevreden over was, en daarna een kotelet van Livar, waar hij heel ontevreden over was, want die was veel te gaar en droog. We hebben besloten over een maand of zes nog een keer terug te gaan, op een woensdagavond als het niet zo druk is, en eens te kijken hoe het er is als de kinderziektes uit de lucht zijn. Bij het afscheid kreeg M een roos, die hij dan weer aan mij moest geven – had ik zowaar toch nog een rode roos op Valentijnsdag. Superromantisch!

valentijn3

De Kerstboom en de katten

Zaterdag was het 5 december, en omdat de Sint traditiegetrouw stilletjes aan ons huisje voorbij gaat, zetten M en ik traditiegetrouw op zijn avond de Kerstboom op. Hij staat dan ook ruim een maand, want we halen hem pas op 6 januari weer naar beneden – al zou het kunnen dat we dat dit jaar iets eerder doen, want 6 januari is een woensdag, en we hebben ook gewoon een leven. Zaterdagochtend toog M dus vol goede moed naar de kerstbomenboot, alwaar hij een indrukwekkende Noordman van ongeveer 2 meter aanschafte. Bij het uitpakken van de Kerstspullen bleken de flikkerende discoknipperlampjes voor de helft stuk, maar we hebben ze gewoon in de boom gehangen, want beter half knipperend dan niet knipperend, en de twee andere snoeren lampjes zorgden toch wel voor voldoende licht. De standaard Kerst-cd ging in de speler en we konden er weer vrolijk tegenaan. Bij liedje nummer 5 (natuurlijk ‘Do they know it’s Christmas?’) hingen we onze lievelingsobjecten in de boom – in het geval van M de Liverpoolshirts, wat spullen die hij uit het bos had meegenomen en de Empire State Building, in mijn geval een extreem vrolijk kijkend engeltje met een klok in zijn handen, de nieuwe met veren gevulde ballen en IJsland. En zoals elk jaar waren we bij het laatste nummer van de cd (‘White Christmas’ van David Bowie en Bing Crosby) precies op het punt dat we de piek op de boom konden zetten en konden gaan genieten van ons werk.

kerstboom1

We waren niet de enigen. Onze vorige katten, wijlen Hamish en Sofie, waren totaal niet geïnteresseerd in de Kerstboom. Ze hadden er een beetje last van, want ze moesten eromheen als ze naar de poezenbak wilden, maar verder kon het ze niet zoveel boeien dat er ineens een enorme feestunit in de woonkamer stond. Lou vindt het een beetje vreemd, maar die is uiteindelijk toch vooral bezig met de vraag of er nog brokjes in zijn bakje zitten. Maus daarentegen verandert in een terrorist zodra de boom staat. Ze heeft het in het bijzonder voorzien op de drie pluizige roze ballen die we van onze vrinden J & D hebben gekregen en een specifiek engeltje van de Hema, die ze vorig jaar zozeer te pakken heeft gehad dat ik haar dit jaar alleen uit sympathie in de boom heb gehangen, want ze zag er eigenlijk te beroerd uit voor woorden. Pogingen van vorig jaar om deze objecten te beschermen tegen het Zwarte Gevaar door ze hoog in de boom te hangen resulteerden alleen maar in een schattige kitten in de buurt van de piek, dus dat doen we niet meer. Maus is een jaartje ouder en zwaarder, en we hoopten eigenlijk dat ze ook een jaartje bedeesder was geworden. Helaas.kerstboom2 Toen ik zondag wakker werd van een suizend geluid gevolgd door gerinkel, vroeg ik me af of tegenwoordig op zondag ook de glasbakken werden geleegd, maar toen ik beneden kwam moest ik toch accepteren dat er iets anders was gebeurd. Onze zo fiere Kerstboom lag met decoraties en al op de grond. Er leek weinig kapot; dat komt ook doordat M en vooral ik een voorkeur hebben voor objecten in de boom en de gewone ballen een beetje saai vinden – en dat zijn doorgaans de kwetsbare dingen, dus dat was een geluk bij een ongeluk. Maus was aanvankelijk nergens te bekennen (Lou wel, die zat geduldig bij zijn voerbakje te wachten), maar toen ik M uit bed had gehaald om me te helpen de boom weer rechtop te zetten, kwam ze toch even kijken wat we aan het doen waren. En daarna pakte ze gelijk een van die roze pluizige ballen, want daar was het haar uiteindelijk toch om te doen. Terwijl M de boom vasthield, deed ik wat ik al veel eerder had moeten doen: ik heb alledrie de pluizige ballen en die ene sneue engel verzameld en weggegooid. Het goed rechtop zetten van een reeds versierde boom van ongeveer 2 meter bleek geen sinecure, maar uiteindelijk is het toch gelukt – al is het wel zo dat je voor de tweede keer in 12 uur een boom opzetten niet nog een keer de gezellige Kerst-cd opzet. Het dieptepunt van het avontuur was overigens toen het hoofdje van mijn favoriete engeltje, met vrolijke smile en al, voorbijgerold kwam, alsof niet Maus, maar Jihadi John mijn Kerstboom te pakken had gehad. Maar nu alles weer staat en hangt, de naalden zijn opgestofzuigd en ik het engeltje weer in elkaar geplakt heb, is de Kerstsfeer weer teruggekeerd. En Maus? Die kan het ineens allemaal een stuk minder schelen. Toch nog vrede op aarde dus.kerstboom3

Eten voor echte mannen

In het gezelschap waarmee ik naar de villa in de sneeuw was, zat eigenlijk geen slechte kok. Alle mannen die mee waren, kunnen gewoon heel goed koken, en bovendien houden ze allemaal van lekker eten. Dus met een beetje gecoördineer was het prima mogelijk geweest om een schema te maken waarbij iedereen een keer moest koken en wij allen naar tevredenheid zouden hebben gegeten, maar zo gaat dat traditioneel niet. Want de mannen (met uitzondering van M) gaan skiën, en omdat ik niet ski en wel kook, was ik in het huisje de chef. En dat vind ik een mooie invulling van de vakantie. Het is ook een ander soort koken dan thuis, laat staan voor cateringklussen, want als je 6 uur op de latten hebt gestaan, dan schijnen liflafjes niet hoog op de wishlist te staan, en al die low-carb onzin waar ik doorgaans mee scherm al helemaal niet. Nee, dat moest manneneten worden. Geen probleem, en in Frankrijk boodschappen doen is sowieso nooit een straf – in de voor groenten nogal karig bedeelde supermarkt boven op de berg was een schitterende slager waar ik drie soorten lokale worst heb gekocht, en een kapoen.

worstenDe worsten spraken voor zich, die hoefde ik alleen maar te bakken en te serveren met gestoofde courgette en aardappeltjes uit de oven, waar flink mayonaise bij werd gespoten, maar de kapoen was een uitdaging, want die had ik nog nooit bereid. Gelukkig was er wifi in het huisje, zodat ik de kooktijd van de gecastreerde haan (want dat was het, ondanks verwoede pogingen van het gezelschap het beest tot kalkoen om te dopen) kon achterhalen – voor wie het wil weten: 20 minuten per pond plus 30 minuten op 180 graden. Onze mutantenvogel had dan ook 2,5 uur nodig. Ik heb hem gevuld met in stukjes gesneden mandarijn en citroen, en serveerde hem met broccoli en gekookte aardappels. B en P hadden hun bord alweer onder de mayo geplamuurd voordat ik de mandarijnenjus op tafel had gezet, maar al met al was ook dat een mooie maaltijd. Erg trots was ik op mijn lasagne, want dat maak ik thuis nooit, omdat de lasagne van M legendarisch is, maar ik ging helemaal los en maakte een extreem volle lasagne, met in totaal 1800 gram gehakt, 6 bolletjes mozzarella, een berg geraspte kaas, en een flinke pan béchamelsaus. Hij is schoon opgegaan.

lasagne

Met oud en nieuw aten we een rollade van hert, waar ik zelf niet zo tevreden over was, want ik vond hem droog (gelukkig had ik er een saus met paddestoelen bij gemaakt, en er was natuurlijk mayonaise voor de boys), maar er was lekkere rode kool die ik de dag ervoor had gemaakt, omdat er weinig pannen in het huisje waren en M de traditionele oliebollen moest bakken, en nogmaals aardappeltjes uit de oven, nu met gepofte sjalotjes en knoflook. De een na laatste dag van de vakantie was de laatste dag van de chef, en we aten spotgoedkope faux-filets die we bij de grote supermarkt hadden gehaald, met gekookte aardappels, witlof en saus van een lokale blauwe kaas, met de poëtische naam Bleu de Neige. En voor het eerst een echt zelfgemaakt dessert (tot dan toe hadden we supermarkttoetjes gegeten): een bread and butter pudding van de pains au chocolat die we elke dag overhielden. Superduurzaam dus, en superlekker.

pain au chocolat

Op de laatste dag gaan we traditioneel uit eten, en ondanks uitgebreid onderzoek naar fancy restaurants in de omgeving hebben we uiteindelijk gekozen voor Le Slalom, het restaurant om de hoek. Niet vanwege de kaart, maar vanwege de locatie. De kaart bleek uiteindelijk heel erg prima: we aten zelfgemaakte charcuterie, kaasfondue met cêpes (ja, ik weet het, dat is gewoon eekhoorntjesbrood, maar dit klinkt cooler) waar toen de pan bijna leeg was door de chef een ei en een boel brood doorheen werd geroerd, voor het geval we nog niet voldoende calorieën binnen hadden gekregen. Dat kwam sowieso wel goed, want de profiteroles bleken enorm, en we hebben ze bijna allemaal besteld. Ik geloof dat ik deze vakantie wel 4 kilo ben aangekomen, maar het was heerlijk. De goede voornemens zijn begonnen, dus het komt allemaal wel weer goed. En zo niet, dan heb ik het volledig aan mezelf te danken.

Heenreis

Eens in de twee jaar gaan M en ik met vrienden in een huisje in de sneeuw zitten. Dit jaar is het de derde keer, dus nu is het officieel een traditie, en hoewel de groep wisselende elementen kent, is er wel een harde kern: M en ik dus, J en D en B. Dit jaar zullen ook J en P erbij zijn, waardoor deze lichting sneeuwvakantie op mij na uitsluitend uit mannen bestaat (nu ik erover nadenk is dat elke keer zo), en op M en B na uitsluitend uit mensen die op mannen vallen. De What’s App groep waarin we over de organisatie van de vakantie overlegden heette dan ook ‘Sterren in de sneeuw’, en het overleg ontspoorde meestal tamelijk snel in gerel over wie wat aan zou doen en wie wie al dan niet in de billen zou knijpen. Gezellig dus. Ook toen er helemaal geen sneeuw leek te liggen in St. François Longchamp, de plaats van bestemming, bleef de sfeer optimaal, want behalve skiën doen we allerlei andere dingen, zoals vooral heel veel spelletjes, lekker eten en drinken, lezen, praten en puzzelen. M en ik skiën sowieso niet, M niet omdat hij geen thrillseeker is, en ik niet omdat ik vorige keer hoogteziekte had waardoor ik vooral tijdens het skiën extreme hoofdpijn had, en dat was nogal traumatisch. M gaat liever niet in de auto zitten, dus hij reisde met het vliegtuig en dan met de Trans-Neige, en de rest van de club ging met in totaal drie auto’s. En sneeuw of geen sneeuw, we hadden er zin in.

sneeuwselfieHet werd sneeuw. Veel sneeuw. Heel veel enge sneeuw, met wind erbij. Het gevolg van al die sneeuw was om te beginnen een hachelijke rit van Leiden naar Rotterdam, waar ik B zou ophalen, maar het was pas echt bal toen we voor Luxemburg in een file terecht kwamen, omdat er een zoutwagen op de weg bezig was, zodat we 45 minuten totaal stil stonden. Toen we gingen rijden reden we langs een sneeuwpop die was gemaakt door iemand die zijn verveling in creativiteit had weten om te zetten. Maar die file was niet de laatste, en ook zeker niet de ergste – we hebben meerdere keren lang stil gestaan of heel langzaam moeten rijden. De sneeuw werd erger, er gebeurden ongelukken, waardoor er nog meer files waren, en uiteindelijk bleek het verkeer in de Savoie, waar wij de vakantie geboekt hadden, zo hachelijk dat we in de auto leken te moeten slapen (net als de passagiers van 14997 andere autos). Nou is dat al ongezellig, maar geen reden om geen fileselfie te maken natuurlijk. Het feit dat ik bij de laatste stop vergeten was naar het toilet te gaan maakte het bijna rampzalig, want ik ga dus echt niet bij -2 graden op een snelweg vol geparkeerde auto’s in de berm zitten piesen. Zo truttig ben ik kennelijk wel. Gelukkig ging het verkeer net op tijd toch weer een beetje rijden, zodat we na 22,5 uur in de auto om 2 uur ’s nachts door de ontzettende aardige beheerder van het terrein verwelkomd werden in ons chalet, een schitterend huisje met prachtig uitzicht. De groep was bijna compleet, omdat M de nacht op de grond in een salle polyvalente moest doorbrengen (dus toch een soort thrillseeken), want de Trans-Neige vond het al met al toch teveel neige. Gelukkig is nu de groep compleet en kan het grote vertier beginnen. En over de terugreis wil ik niet eens nadenken.

uitzicht

Leidse tradities

Inmiddels woon ik langer in Leiden dan waar ook ter wereld. Over twee jaar woon ik ook al langer bij M dan ik bij mijn ouders heb gewoond – op zich imposant, maar daar gaat het nu niet over. Ik vind dat ik me zo onderhand best wel een beetje Leids mag noemen, ook al heb ik geen echt Leidse r, want los van de verblijfsduur heb ik hier een hypotheek, zit ik in de gemeenteraad en ik ben sinds kort lid van de 3 October Vereeniging. Lid voor het leven, wel te verstaan, want dat kostte slechts €157,40 (1574 is een belangrijk jaar in 071) en dat leek me een prima investering: ik heb weleens schoenen voor meer gekocht die verre van levenslang meegingen. En met dat lidmaatschap komt voor mijn gevoel ook de verplichting nu eindelijk mijn eigen 3 oktober-tradities onder woorden te brengen. Ik heb er nogal wat, maar echte Leidenaren hebben er veel meer.

hutspotIk mis bijvoorbeeld altijd de inschrijving voor haring en wittebrood, omdat ik er een verschrikkelijke hekel aan heb om in de rij te staan. Dan koop ik mijn eigen haring wel – en brood eet ik niet. Dat brengt me op het hutspotprobleem: ik vind dat dus helemaal niet lekker. Het smaakt naar babyvoer, en er zitten aardappels in, en die vermijd ik doorgaans ook. De enige culinaire traditie die ik heb is dan ook een grote zak spekjes kopen bij de man met de doos op zijn hoofd bij de Blauwpoortsbrug, maar ik denk niet dat hij door de Spanjaarden is achtergelaten. Tot voor kort was de traditie dat ik elk jaar de optocht miste, omdat ik in Voorburg werk, en daar hebben ze geen sympathie voor Leidse feesten. Dat betekende dat ik me altijd na afloop van de optocht bij onze vriendin M, die boven Burgerzaken op de Breestraat woont, meldde, om daar nog wat te drinken en haring te eten en mijn M op te halen, die daar dan de afwas deed van iedereen die gewoon wel de optocht had gekeken. Daarna gingen M en ik elk jaar naar de Pusher Palace, waar we een boel geld investeerden in wat potentieel een enorme beer zou kunnen zijn, maar wat neerkwam op een paar aanstekers met chicks met blote tieten erop.

3 oktober

Maar nu ik mezelf zo Leids vind, ga ik het allemaal anders aanpakken. Vandaag, 2 oktober dus, ga ik naar het service punt van de Vereeniging om daar mijn welkomstpakket op te halen, en dan koop ik gelijk een 3 oktober-das, want iedere zichzelf respecterende Leidenaar heeft er een (en wast hem nooit, naar het schijnt). Dan ga ik hutspot eten bij de Hooglandse kerk, want daar heb ik nu een echte bon voor (en dan ga ik niet zeuren over lekker of niet), en dan ga ik naar de taptoe kijken. Om 21.00 wordt de erepenning uitgereikt aan iemand die het echt verdiend heeft, en misschien ga ik daar ook wel bij zijn. D66 Leiden verzamelt om 23.30 bij de Bontekoe, dus dat behoort ook nog tot de mogelijkheden, net als het optreden van Komen Lopen bij De La Soul. Op 3 oktober ben ik vrij, dus dan kan ik in principe alles meemaken, van reveille tot het bittere eind, maar ik denk dat het begin mij uiteindelijk toch iets te vroeg zal blijken. Maar wie weet. Ik ga in elk geval met mijn M bij M op de Breestraat naar de optocht kijken, en dan samen met mijn M nog even de stad in. Want de Pusher Palace rekent op ons. Net als de man met de doos op zijn hoofd bij de Blauwpoortsbrug. Oude tradities hoeven niet altijd plaats te maken voor nieuwe.