Categorie archief: Werk

2016

Het is zover: een glanzend nieuw jaar, dat nog overloopt van kansen en mogelijkheden. 2015 was al met al een heel goed jaar voor mij, want ik heb ontzettend veel gezien, gedaan en geleerd, en door wat ik in 2015 voor elkaar heb gekregen is 2016 het eerste jaar sinds, ik schat, 1990 dat ‘afvallen’ niet in mijn goede voornemens voorkomt, en dat vind ik een behoorlijke prestatie. Maar ik heb niet alles wat ik had willen doen gedaan (de eeuwige recepten voor de kook-app zijn bijvoorbeeld nog steeds niet geschreven), ik heb me ook een tijdje iets minder voortreffelijk gevoeld (B is in september naar Zuid-Afrika vertrokken, en ik had maandenlang veel moeite met zijn op handen zijnde vertrek) en lang niet alle veranderingen waar ik op had gehoopt heb ik daadwerkelijk weten door te voeren (ik krijg mezelf maar niet gemotiveerd om het huis netjes te houden, en dat stoort me, want ik kan ook niet zo goed tegen rotzooi). Ik zou echt een enorme vervelende zeur zijn als ik het hele jaar om dit soort dingen als minder succesvol zou evalueren, maar ik vind het ergens ook wel heel leuk dat ik nu een nieuw jaar heb, waarin ik die klote-app af kan maken, waarin ik me niet somber hoef te voelen omdat ik nu weet dat ik niet gehandicapt ben als een vriend verhuist, en waarin ik wellicht een systeem kan verzinnen om niet tussen de troep te gaan zitten.

Gaiman

Maar ik heb grote, creatieve, plannen met dit jaar. Ik wil januari en februari even gebruiken om dingen af te ronden (mijn essay voor de cursus Philosophy of Yoga die ik online bij Oxford University volg heeft een deadline van 4 januari, en die app gaat ook afkomen), en daarna wil ik meer. Ik heb een opleiding gevonden die ik wil volgen, als school voor me betaalt, want ik heb daar zelf niet het geld voor, en als dat doorgaat, verandert er wat in mijn werk en kan ik me in een iets andere richting ontwikkelen binnen mijn baan op school. En als ik er met school niet uitkom, dan weet ik in elk geval weer wat nieuws: ik wil niet tot mijn pensioen hetzelfde blijven doen op school. Ik ben ongeveer op de helft van mijn termijn als raadslid, en als ik herkozen wil worden (ik weet dat overigens nog niet zeker), dan wil ik me op dat vlak ook ontwikkelen, dus ik wil werk maken van een thema-commissie Cultuur, en ik wil mijn lokaal en landelijk netwerk beter gaan onderhouden. Ik wil blijven lezen, schrijven en musea, bioscopen en theaters bezoeken, maar ik wil ook dingen gaan maken. Ik blijf bloggen, maar ik heb nu ook serieuze plannen voor een roman. Laatst zei iemand tegen mij dat ik in vervolg op mijn optredens bij Toomler misschien ook mee zou kunnen doen aan de voorrondes van het Leids Cabaret Festival, en hoewel ik niet weet of ik daar wel goed genoeg voor ben, heb ik heel veel zin om te kijken of het erin zit. Het wordt een creatief jaar, dat weet ik zeker. En ach, dan kan ik misschien het huis ook wel opruimen.

Just say no

Vorige week woensdag heb ik vol goede bedoelingen een lijstje opgesteld van dingen die ik niet kan, en ik bedenk me nu, terwijl ik mijn agenda voor de komende twee weken in beeld probeer te krijgen, dat er nog een ding is dat ik niet kan, en dat ding kan ik aanzienlijk meer niet dan alle dingen op het lijstje van dingen die ik niet kan (behalve mijn huis opgeruimd houden, want dat kan ik ook echt niet), en dat is nee zeggen. Ik heb de neiging om ja te zeggen op alles wat mensen mij vragen, en dat betreur ik dan regelmatig. Soms is het namelijk ontzettend leuk als iemand denkt dat ik de aangewezen persoon ben om iets te doen, en als me dat dan gevraagd wordt op een moment dat ik wel een egoboost kan gebruiken (dus altijd), zeg ik ja. Zo zag ik net tot mijn schrik dat ik zo’n beetje een hele week had geblokt om Q&A’s te moderaten op het Movies That Matter festival, en dat komt doordat ik het als een enorm compliment heb ervaren dat IDFA vond dat ik zo’n goeie moderator was dat ze mijn gegevens aan een ander festival hebben gegeven. Dat ik mijn reguliere weekactiviteiten al amper voor elkaar krijg in de mij daarvoor toebedeelde 7 dagen is dan ineens geen factor – mensen willen mij, dus ik zeg ja. Of ik kan of niet. Gelukkig bleek net dat ik niet ben ingeroosterd; soms lost een goed probleem zichzelf op. Ik zeg ook weleens ja om een andere verkeerde reden. De mythe dat ik onvervangbaar ben in stand houden bijvoorbeeld – als ik iets niet doe stort alles in elkaar. Dat denk ik dan, of eigenlijk hoop ik dat dan ergens, maar dat is natuurlijk helemaal niet zo. Er zijn weinig dingen waarvoor geldt dat ik de eerste ben die ze heeft gedaan, dus andere mensen kunnen ze ook doen. Misschien niet zo goed als ik (ik blijf een arrogant stuk vreten), maar als ik ze niet doe is er geen vergelijkingsmateriaal, dus daar zal niemand achterkomen, en het zou mij een boel moeite schelen.

yesPlichtsbesef is voor mij ook vaak een motivator om ja te zeggen waar ik ergens het liefst ergens een dikke vette nee op zou willen antwoorden. Ik ben raadslid en dat betekent dat ik een van de weinige mensen in de hele afdeling D66 Leiden betaald word voor mijn inspanningen voor de partij. En als er dan een ‘wie gaat er mee spitsflyeren?’-mail komt, dan vind ik dat ik me moet aanmelden – ook al is het dan heel vroeg en heel koud en heb ik een hekel aan mensen lastig vallen met flyers. Het hoort, dus ik doe het, en tussen ons gezegd en gezwegen: ik kan dan ook heel pissig worden op fractiegenoten die kennelijk een andere afweging hebben gemaakt. Wat me ook weleens overkomt is dat ik heel graag nee wil zeggen, omdat ik ergens geen tijd voor of geen zin in heb, maar te lang wacht met nee zeggen en me daarom verplicht voel om alsnog ja te zeggen. Zo ben ik onlangs ternauwernood aan een omvangrijke correctieklus ontsnapt, die me misschien wel leuk leek, maar waarvan ik wist dat hij niet in de agenda ging passen, want ik had zelfs geen tijd om te mailen dat ik het niet ging doen, waardoor ik me zo schuldig voelde dat ik het bijna toch gedaan heb; het is dat M me tegen wist te houden, anders zat ik nu als een bezetene een proefschrift te proofreaden. Een laatste categorie is die van activiteiten waarvan ik weet dat ik ze niet zou moeten willen doen (bijvoorbeeld op grond van energie-overwegingen), maar waartegen ik toch ja zeg, omdat ze zo leuk zijn. En dan maak je wel mooie dingen mee, want een prachtig diner koken voor 2 lieve vrienden is helemaal geen straf. Of het schooldebatteam coördineren – daar heb ik onlangs ja tegen gezegd. Want ik wil het graag. En als ik nou eens leer nee te zeggen tegen de dingen waar ik geen zin in heb, hou ik misschien wel tijd en energie over voor de dingen waar ik ja tegen zeg. Dat zou mooi zijn.

i-wish-i-could

Time management

Eens in de zoveel tijd gooi ik mijn leven totaal om. Niemand merkt daar wat van, want de output blijft hetzelfde (alles door elkaar, veel output, veel tekst, veel klagen), maar voor mij verandert er van alles. Er was een tijd dat ik met verschillende boekjes met lijstjes werkte, maar ik heb de grote hoeveelheid boekjes inmiddels afgebouwd, zodat ik nu een papieren agenda heb met aan de linkerkant de week en aan de rechterkant een blad voor de doelen van die week. Ik kom aan dat systeem doordat ik in maart een dag met een coach mocht doorbrengen op kosten van de baas, en daar werd mij geadviseerd om minder met verschillende lijstjes te werken en meer volgens het systeem van Getting Things Done.  Ik ben vol goede moed begonnen: ik heb het boek gekocht, en toen ik het ging lezen was ik in eerste instantie heel enthousiast, want alles wat op je afkomt indelen in de categorieën ‘actionable’ en ‘niet-actionable’ (mijn blog, ik mag talen verhusselen als ik dat wil) en de categorie ‘actionable’ onmiddellijk ofwel doen (‘Can it be done in 2 minutes? If so, then do it.’) ofwel parkeren, en de dingen in de categorie ‘niet-actionable’ ofwel lozen ofwel delegeren ofwel plannen ofwel ook parkeren levert al met al een boel mentale rust op. Maar op een gegeven moment slaat het systeem op tilt en moet je een heleboel mapjes maken, met voor elke dag een map en een maandmap en een map per onderwerp en je moet een lettertang kopen en toen snapte ik het niet meer. Ik hou erg van mapjes, en ik wil stiekem heel graag een lettertang, maar dat ging echt te ver. Ik heb me gewoon beperkt tot het deel van het systeem dat ik wilde uitvoeren, en het deel dat me niet beviel lekker gelaten voor wat het was.

pomodoroMaar soms ben ik ineens toe aan iets anders. Door een andere blog (de Self-Help Hipster, die is sowieso zeer aanbevelenswaardig) werd ik geattendeerd op de Pomodoro techniek, en dat leek me wel wat. Dus ik heb het boek gekocht en de app gedownload, en in sneltreinvaart ook het boek gelezen. Wat blijkt: de techniek is supereenvoudig. Je hebt een timer (in de vorm van een tomaat, zoals de schrijver van het boek ooit had, of gewoon als app, of die op je telefoon), die stel je in op 25 minuten, je werkt 25 minuten zonder afleiding aan een van tevoren vastgestelde activiteit, als de timer gaat stop je onmiddellijk en ga je 5 minuten chillen, en dan begint het circus weer van voren af aan. Na vier blokjes van 25 minuten mag je een half uur pauzeren. Je kan je afvragen of het nodig is om geld uit te geven aan een boek en een app voor iets dat zo niet complex is als dit, maar voor mij is dat wel nodig, want als ik iets lees, kom ik in de goede mindset. Ik heb nu 4 dagen gewerkt aan de hand van deze techniek, en ik moet eerlijk zijn: het werkt. Ik heb ontzettend veel gedaan, zonder me te laten afleiden. Bovendien weet ik nu hoe lang het duurt om dingen te doen, zodat ik volgende keer als ik een toets van klas 5 moet nakijken weet dat ik 4 Pomodoros (en dat is een van mijn belangrijkste bezwaren tegen het systeem, het meervoud van pomodoro is NIET pomodoros) nodig heb, en dat het ongeveer 1 Pomodoro kost om ’s ochtends de mail te doen, de admi bij te werken en te verzinnen wat ik de hele dag zal gaan doen. Lekker overzichtelijk. Lekker rustig ook: ik weet wat ik van mezelf verwacht, ik vind het tikken van de app geruststellend, en ik heb het gevoel dat ik mezelf door die blokjes tijd in te plannen echt help om mijn doelen voor de dag te bereiken. En dat is echt wel een vooruitgang.

De 10 van woensdag

Volgende week mag ik, nou ok, moet ik weer naar school, en omdat ik mezelf altijd het best kan oppeppen door een of meerdere rondjes virtueel shoppen, heb ik hier de 10 items die ik absoluut nodig heb om er een geslaagd schooljaar van te maken. Een deel van de spullen (de eerste 5 op dit lijstje) heb ik al, voor een deel is het een kwestie van tijd.

  1. Een knalroze Lamy vulpen. Ik heb er al een boel, maar deze had ik nog niet. Nu wel.
  2. Bij de knalroze Lamy vulpen behorende knalroze inkt. Niet voor in de vulpen, want daar gaat voorlopig zwart in, maar voor in een van mijn andere vulpennen. Ik denk dat ik er een knalgele voor ga opofferen. De inkt heb ik in elk geval binnen, en dan kan ik naar hartelust markeren en nakijken.
  3. Een nieuwe agenda. Naast mijn digitale agenda houd ik ook een papieren agenda bij, zodat ik naast de afspraken ook mijn to do-lists kan zetten. Ik heb gekozen voor een Moleskine (doe ik altijd), maar voor de verandering geen zwarte of rode, maar een Petit Prince-versie. Ik heb de afgelopen week als een enthousiaste brugklasser al mijn afspraken erin gezet, en nu ben ik uitgeput.
  4. Een nieuwe bril. Omdat ik me steeds voorneem dat ik mijn bril ook op ga zetten in de klas, zodat ik niet helemaal afgeleefd thuis kom na een dag lesgeven. Dat kom ik toch wel, maar misschien is het fijn als dat niet komt doordat ik mijn best moet doen om de leerlingen te zien. Ik heb hem al besteld!
  5. Een superhandig lesplanboek. Ik heb natuurlijk de roze gekocht. Ik hoop altijd dat ik in het nieuwe schooljaar een superefficiënte docent word, die alle lessen netjes plant en alles bijhoudt. Misschien lukt het dit jaar met dit boek.
  6. Potloden waarop staat ‘What would Joan Holloway do?’. Ik ben enorm fan van Joan Holloway uit Mad Men, vooral omdat ik er graag zo uit zou zien, of in elk geval al haar kleren wil, maar ze is ook gewoon heel grappig en stijlvol en beheerst, en dat laatste heb ik weleens nodig. Dus misschien is het goed als ik mezelf eens in de zoveel tijd die vraag stel.
  7. Een Good Grammar Is Sexy-tas. Sorry mensen, ik ben een taaldocent, ik hou van tassen, ik heb dit nodig. Geen idee waarvoor, ik heb meerdere prachtige schooltassen, maar zoiets kan ik toch niet laten lopen?
  8. Een zilveren armband die je ook kunt gebruiken om drank in te doen. Lijkt me bloedstollend praktisch voor een docent.
  9. Een mooie etui voor al die pennen van me. Ik denk aan deze, of deze. Maar ik wil denk ik het liefst een van deze. Of deze. Ja die. Of ik denk er nog heel even over na.
  10. Een vestje. Gewoon omdat ik vind dat ik als juf een vestje moet hebben. En een pencil skirt erbij, voor het totaalplaatje. Want waarom zou je er niet uitzien als een juf uit een soft-erotische b-film?

Werkplekken

Als ik thuis werk, zit ik aan de eettafel. Maar die functioneert eigenlijk alleen als eettafel als we visite hebben, want ik heb inmiddels zoveel werkspullen op tafel liggen dat het meestal makkelijker is om op de bank te eten. M noemt dat hoekje van ons huis ook mijn ‘kantoor’, en daar heeft hij wel een punt. Ik heb er een grote hoeveelheid mappen staan, een handige pennenunit, een opvangbak voor nog niet gesorteerde papieren en een zwarte doos waarin ik troep verstop, zodat mijn werkplek in elk geval optisch netjes is. Het grote voordeel van thuis werken is dat ik me er niet voor hoef aan te kleden: niemand ziet aan wat ik produceer of ik dat in mijn badjas of zonder make-up heb gedaan, dus waarom zou ik me uitsloven? En ik kan mijn eigen muziek draaien, ook altijd prettig.

20140430-135915.jpg

Maar ik werk niet alleen daar, want ik vind het leuk om op verschillende plekken te werken. Toen B en ik met spooons begonnen, hadden we het woeste plan om zodra we goed verdienden aan het bedrijf een woonboot als kantoorpand te nemen. In de tussentijd zouden we met onze laptops in de horeca gaan zitten. Dat was ook handig, want dan konden we gewoon doorwerken terwijl we allerlei koffie dronken en uitsmijters zaten te eten, zodat zouden we geen tijd die we wilden besteden aan hardcore geld binnenslepen hoefden verspillen met eieren bakken. Inmiddels hebben we nog lang niet genoeg verdiend voor spooons central, sterker nog, vooralsnog is onze omzet niet zo groot dat we de cappuccino’s die we tijdens het overleg drinken ermee kunnen betalen, maar met met mijn MacBookje in een café werken vind ik nog steeds prettig.

20140430-140820.jpg

Het allerliefst zit ik bij Anne & Max in Leiden. Daar zijn ze heel aardig, de koffie is goed, de WiFi doet het meestal en ze hebben goeie salades. En ze vinden het niet erg als ik een aangepaste versie van hun gerechten bestel; ik vind de veggie-salade erg lekker, maar ik vind humus en avocado ook belangrijk, en als ik het vraag voegen ze die dingen gewoon toe voor me. Ik ben daar eigenlijk elke maandagmiddag en inmiddels roepen ze ‘Tot volgende week!’ als ik wegga, en dat is voor mij heel prettig. Want hoewel ik niet in mijn eigen huis werk, wil ik me wel graag thuis voelen, en als ze mijn schema zo goed kennen dat ze weten wanneer ik kom, ben ik prima geslaagd in mijn territorium-afbakening.

20140430-140853.jpgMijn verslaving aan de Oathie-bagel van Bagels & Beans heeft ertoe geleid dat ik daar ook weleens zit. Eigenlijk altijd als ik trek heb in zo’n zandloperbroodje, want dan neem ik de laptop mee als dekmantel, zodat ik kan doen alsof het daarom gaat. Ze hebben daar namelijk ook WiFi, en cappuccino met soyamelk en lekkere sapjes. Er is bij Bagels & Beans wel veel meer herrie dan bij Anne & Max, zodat ik me daar minder goed kan concentreren. Althans, op mijn werk: ik kan me voortreffelijk concentreren op de gesprekken die ik afluister bij bakfietsmoeders (‘Ooooh, ik weet niet wat ik moet bestellen, alles is zo lekker… Heerlijk hè, even een ochtend zonder de kids’) en de studentes (‘Ik heb die dude via Tinder opgepikt, echt heel leuk, en mijn cordial vond hem ook lekker’). Maar goed, als verandering van spijs eten doet, doet verandering van werkplek schrijven – en de drie plekken waar ik op het moment met mijn laptop neerstrijk, leveren vooralsnog plenty productiviteit op. Ik ga nog even zo door dus!