Corona,  Corona-diaries,  Tuin

Tuinieren voor falers

Ik heb onze tuin denk ik de afgelopen 2 jaar zwaar verwaarloosd. Daar heb ik natuurlijk mijn redenen voor: de belangrijkste is dat ik op zich graag buiten zit, maar het liefst ergens op een terrasje, waar aardige mensen me glazen cola zero en wijn brengen, en ik urenlang kan kijken naar mensen die langslopen of die aan het tafeltje naast mij zitten. Sterker nog, ik zou durven beweren dat het verzinnen van backstories van mensen die ik niet gesproken heb maar wel heel goed meen te kennen op basis van hun kledingkeuze een van mijn favoriete geheime hobby’s is. Bij ons in de tuin loopt helemaal niemand langs, alleen 2 katten die ik al heel goed ken, dus daar is weinig stimulerends aan. Bovendien heb ik het omgekeerde van groene vingers, laten we het ‘dementor fingers’ noemen, dus bijna alle planten die ik ooit gepot heb (we hebben alleen maar tegels en potten in de tuin, geen gras of open grond) zijn dood. Daar staat op zich tegenover dat het onkruid als een dolle groeit, en de bramenplant die we van Jan en Dennis hebben gekregen heeft ook op een bijzondere manier zijn weg gekozen: de oorspronkelijke plant, die ik in een pot gedaan heb, is dood, maar voordat hij overleed heeft hij overal tussen de tegels kleine bramenplantbaby’s achtergelaten, die dan wel weer tegen bijna alles bestand bleken. Dat heeft er aan bijgedragen dat de tuin totaal onoverzichtelijk was, met onkruid, kapotte potten, bramen en dode planten van vroeger. En als ik geen overzicht heb, weet ik niet waar ik moet beginnen, en dan loop ik gewoon weg. Al 2 jaar lang.

Nu er op de terrasjes toch niks te doen is en de zon schijnt, leek het Michel en mij wel een mooi plan om aan de slag te gaan met de urban jungle achter ons huis. De oorspronkelijke gedachte was dat ik het allemaal zou opruimen en dat hij dan al het onkruid tussen de tegels uit zou trekken, maar toen Michel mij als verlamd boven alle potten met dooie zooi zag hangen en mij hoorde zeggen dat ik gewoon niet wist waar ik moest beginnen, greep hij in, en pleurde hij alles gewoon weg, met uitzondering van een vijftal potten die nog wel mooi waren. Daarna heeft hij alsnog al het onkruid verwijderd overigens, dus ik heb me weer eens laten zien als het prinsesje dat ik in het diepst van mijn gedachten ben. Mijn taak was het regelen van nieuwe planten, en daarvoor hebben zich twee trajecten geopenbaard: Marc en Thomas hebben kruiden en potgrond voor me meegenomen uit het tuincentrum, zodat ik nu rozemarijn, tijm, salie en laurier  (inderdaad, het soort kruiden dat ik niet binnen 5 minuten heb omgelegd – aan basilicum begin ik niet eens), en in het kader van #kooplokaal hebben we de overige planten bij maar liefst 3 Leidse bloemen- en plantenwinkels gehaald. Hoewel er ruimte is in de tuin voor veel meer planten, houden we het hierbij. Net genoeg groen om het vrolijk te houden, en weinig onderhoud. Ideaal. Ik zit met veel meer plezier buiten nu, en de cola zero en wijn haal ik voorlopig zelf wel even!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.