Eten,  Koken

Koken met een kookboek

Ik houd heel erg van koken, maar eigenlijk niet zo heel erg van kookboeken. Wat op zich jammer is, want mijn vrienden weten ook dat ik van koken houd, zodat ik relatief vaak een kookboek krijg. Bovendien heb ik jarenlang alle kookboeken gekocht van een vaste set chefs of kookboekenschrijvers: alles wat Jamie Oliver, Nigel Slater of Nigella Lawson schreef, kocht ik, en ook de boeken van Ottolenghi heb ik zo goed als compleet. Verder heb ik boeken van Herman den Blijker gekregen na iedere kookcursus die ik bij hem in het restaurant volgde, en heb ik een fors aantal boeken geschreven door sterrenchefs op de plank staan. Je zou toch denken dat iemand die het heerlijk vindt om te koken het ook heerlijk zou moeten vinden om in kookboeken te kijken om inspiratie op te doen voor het volgende gerecht, maar bij mij werkt dat dus niet zo. Daar zijn heus wel redenen voor, hoor. Ten eerste ben ik een arrogant stuk vreten, dus ik laat me niet zo makkelijk door iemand voorschrijven wat ik moet koken (dat laat ik liever bepalen door waar ik trek in heb en door wat er lekker uit ziet in de winkel). Ten tweede ben ik een arrogant stuk vreten, dus ik weiger een recept van begin tot eind te volgen en wijk op een bepaald moment af van de instructies, omdat ik echt te gaaf ben om me door iemand te laten vertellen wanneer ik de peterselie erbij moet doen. En ten derde ben ik een arrogant stuk vreten, want nadat ik een paar recepten van Jamie Oliver  of Ottolenghi had gelezen wist ik het wel: constant dezelfde procedure, met aan het eind een kruidenolie of granaatappelpitjes eroverheen. Dat verzin ik zelf wel.

Ik heb ooit wel veel met kookboeken gekookt, wat me brengt op de vierde reden: ik ben een arrogant stuk vreten, want ik heb het merendeel van de skills zoals ze door kookboeken worden onderwezen (en dan bedoel ik niet alleen technische skills, maar ook smaakcombinatie-skills) allang in beeld. Ik kan risotto maken zonder kookboek, en of en hoe ik daar nou eekhoorntjesbrood of een citroen-ei-room-parmezaanmengsel doorheen doe, verzin ik zelf wel. Maar soms denk ik ineens ‘ik zal al die kookboeken toch niet voor niets hebben?’ en dan ga ik bladeren. Zo ook afgelopen weekend: Michel was ziek en ik voelde me ook niet helemaal jofel, dus ik bood aan om boodschappen te doen en een lekker troostmaal voor hem te maken. Dat werd de lamsschenkel van Jamie Oliver, uit zijn ‘Jamie’s Great Britain’, geserveerd met aardappel-knolselderijpuree en, je raadt het al, een kruidenolie, dit keer van munt. Ik serveerde daarbij spruiten uit de oven* en het geheel was heel goed te doen. Niet dat ik nu gelijk zin heb om alle kookboeken die ik al heb vaker te gaan gebruiken overigens, eerder dat ik me afvraag of ik niet toch een paar van de boeken die ik op mijn wishlist** heb staan zou moeten bestellen.  Maar misschien ook maar niet. Ik ben tenslotte een arrogant stuk vreten, dus laten we eerlijk zijn: ik doe er toch niks mee.

* Komt niet uit een kookboek, omdat het zo godsgruwelijk simpel is dat een zichzelf respecterend kookboekschrijver dat nooit zou opschrijven, maar ik ken geen gêne: oven op 200 graden, spruiten schoonmaken, spruiten in ovenschaal, olijfolie en zout eroverheen, 40 minuten later zijn ze klaar (halverwege even omscheppen). Beetje citroensap erover en als je Ottolenghi bent (maar dat ben je niet) ongetwijfeld wat granaatappelpitjes, en klaar.
** Voor wie het wil weten: Slow van Gizzi Erskine, Death by Burrito van Shay Ola en Thug Kitchen: Eat Like You Give A F*ck van Thug Kitchen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.