Corona,  Corona-diaries,  Culischrijven,  Cursus,  Schrijven

Cursus Culinair en wijnschrijven

Ik ben geloof ik een beetje verslaafd aan cursussen volgen. Op het moment volg ik, zoals ik van de week al schreef, de cursus ‘Uitstelgedrag UIT’ van Structuurjunkie, maar die cursus volgt tamelijk krap op de cursus Culinair en wijnschrijven van de Culinaire Schrijfacademie van Onno Kleyn, waar ik me dan weer voor heb aangemeld in de week waarin ik hoorde dat ik was geslaagd voor de WSET3-cursus. Ik lees altijd met veel plezier de wijnstukjes van Kleyn in de Volkskrant, en de man heeft zo veel boeken geschreven dat ik vermoedde dat er genoeg te leren was bij hem. En dat was er zeker! De cursus heeft, natuurlijk met dank aan corona, een iets ander verloop gehad dan oorspronkelijk de bedoeling had: de reis die ik aflegde naar Utrecht voor de eerste bijeenkomst was de laatste treinreis die ik maakte, en de laatste bijeenkomst was vorige week, en die hebben we via Zoom moeten doen. Inmiddels is iedereen zo gewend aan digitaal onderwijs dat dat op zich amper nog een probleem was (al heb ik me wild geërgerd aan de cursist die de hele sessie druiven heeft zitten kanen). De powerpoint van de presentatie van Onno (want inmiddels mogen we tutoyeren) kregen we via de mail en alleen de diplomauitreiking was misschien wel een beetje een sof, want voor de ontvangst van mijn fysieke diploma was ik afhankelijk van PostNL, en dat is toch een stuk minder feestelijk dan een diploma persoonlijk overhandigd krijgen. Zeker als je, zoals ik, je diploma cum laude ontvangt. Maar goed, de buit is binnen.

De opzet van de cursus was heel prettig. Om te beginnen kregen we een syllabus met allerlei schrijftips, zowel over spelling en formulering als over hoe je schrijft over eten en drinken. Ik ben doorgaans iemand die vindt dat ze geen onderwijs over spelling nodig heeft, maar het kan altijd beter, en het is op zich verstandig om mijn arsenaal aan woorden om te schrijven over wat ik in mijn kanaal steek iets ruimer te hebben dan ‘lekker’ of ‘vies’, dus het lezen van de syllabus was al leerzaam, en de presentaties van Onno op de beide bijeenkomsten bevatten ook allerlei nuttige dingen. Ik had misschien wel iets meer willen leren over hoe je te werk gaat als je een kookboek maakt, of wat de procedure is als je de Volkskrant-rosétest moet schrijven, want ik vind het altijd gaaf om iemand met skills aan het werk te zien, maar misschien is dat niet iets waar iedereen behoefte aan heeft. Ik heb zeker wel heel veel geleerd, het meest nog van de feedback op mijn eigen schrijfsels: we moesten in 3 rondes stukken indienen, en op alles wat we schreven kregen we een in Voicenote ingesproken commentaar toegestuurd. Dat is prettig, want dan kan je luisteren terwijl je nog eens naar je eigen stuk kijkt, in plaats van dat je naar je eigen stuk kijkt waarin iemand anders via track changes een gigantisch bloedbad heeft aangericht. Overigens was de feedback die ik kreeg overwegend heel positief, met als belangrijkste kritiek dat het wel wat ‘liederlijker’ kon en dat ik moest oppassen dat het niet te ‘mutserig’ werd. Met dat soort tips kan ik wel wat. Om mijn diploma te vieren heb ik de ‘Schrijfwijzer’ van Jan Renkema gekocht, want Onno vond dat ik best kon gaan streven naar perfectie. En nou maar hopen dat ik daar dan weer een cursus voor kan vinden…

One Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.